Trede 8.1

1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Isa huurt een een boot. Ze betaalt per dag 50 euro. Ze moet ook borg betalen van 135 euro.

Wat is het vaste deel? En wat is het variabele deel?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

aantal dagen x 5 + 10 = kosten in €

Wat is het vaste deel? En wat is het variabele deel?

Slide 5 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeelden woordformules
Voorbeeld 1:
Kosten schoolreisje = 50 + 7,50 x aantal leerlingen

Voorbeeld 2:
Lengte kaars = 12 - 2 x brandtijd



Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rekenen met woordformules.. 
Vergeet de rekenvolgorde niet...
Voorbeeld 1:
Kosten schoolreisje = 50 + 7,50 x aantal leerlingen

Dus stap 1:
7,50 x aantal leerlingen 

Stap 2:
50 + je antwoord bij stap 1



Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rekenen met woordformules.. 
Vergeet de rekenvolgorde niet...
Voorbeeld 2:
Lengte kaars = 12 - 2 x brandtijd

Dus stap 1:
2 x brandtijd 


Stap 2:
12 - je antwoord bij stap 1

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De pijlenketting: Zodat de volgorde altijd goed gaat!

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

PIJLENKETTING
FORMULE

Slide 10 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat 
is
wat???
pijlenketting
formule
tabel
grafiek

Slide 11 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Maak de pijlenketting bij het formule:
7,50 + 12 x aantal dagen = kosten
x 12
+ 12
+ 7,50
Aantal dagen 
kosten

Slide 12 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

=
Voorin de pijlenketting komt de variabele te staan
Bij de pijlen zetten we de berekeningen neer.
Houd rekening met de rekenvolgorde !!
De variabele voor het =-teken komt achteraan de pijlenketting
...
Boete
Snelheidsoverschrijding
x 5
+ 20

Slide 13 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

=
...
Kosten
Aantal dagen
x 10
- 5

Slide 14 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

De baas van de klusbus berekent voor één uur werken 37,50 euro. Daarnaast berekent hij 20,00 euro aan voorrijkosten. Maak een pijlenketting.

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Antwoord
440

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kosten = 20 + 2,50 x aantal uren
Hoeveel moet ik betalen voor 5 uur?

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

3.7 Letters in formules
Bij het huren van een spelcomputer hoort de woordformule: 
huurprijs = 15 + 5 ∙ aantal dagen.

Dit kan korter! Vervang het 'aantal dagen' door een letter 'd'

huurprijs = 15 + 5 ∙ d 
Voorbeeld:
Formules met letters zijn kortere woordformules.
huurprijs = 15 + 5 ∙ d  en huurprijs = 15 + 5d zijn 

formules met letters.
De punt tussen 5 en d laten we weg!
Dat mag want 5 is een cijfer en d is een letter.
1
2
3

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van woordformule naar.... (Rood)
Inkomsten in € = 2,50 x tijd in uren

Inkomsten = 2,50 x t

I = 2,50 x t

                                                      I = 2,50t                         (letterformule)

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeelden van letterformules
150 + 20a = b 
3,5t = h 
w = 15 + 6a
We willen minder schrijven! 
Er staat nog hetzelfde
 als bij de woordformules! 

Slide 20 - Tekstslide

Geef bij iedere letterformule ook de benoemen van de letters. Denk aan maanden en bedrag bij de eerst en tijd en hoogte bij de tweede. 
Maak van deze woordformule een letterformule:
Kosten in € = 15 + 5 x uren

Slide 21 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies