2.2 Zuivere stoffen en mengsels

Startklaar
Startopdracht
3. Begin met ‘startopdracht’
1. Zitten volgens plattegrond.
2. Boek, schrift, agenda en pen op tafel.
1. Noteer alvast je het huiswerk voor volgende les: maandag 7 september.


2. Login bij LessonUp met code:

  • Maken 2.2 opdracht 1 t/m 9 (blz. 45) 
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Startklaar
Startopdracht
3. Begin met ‘startopdracht’
1. Zitten volgens plattegrond.
2. Boek, schrift, agenda en pen op tafel.
1. Noteer alvast je het huiswerk voor volgende les: maandag 7 september.


2. Login bij LessonUp met code:

  • Maken 2.2 opdracht 1 t/m 9 (blz. 45) 

Slide 1 - Tekstslide

Stofeigenschappen
2.2 Zuivere stoffen en mengsels

Slide 2 - Tekstslide

Wat is geen stofeigenschap?
A
kleur
B
geur
C
massa
D
smaak

Slide 3 - Quizvraag

Welke stof heeft een zoete smaak?
A
Zout
B
Suiker
C
Azijn
D
Citroen

Slide 4 - Quizvraag

Welke stof is brandbaar?
A
IJzer
B
Alcohol
C
Glas
D
Plastic

Slide 5 - Quizvraag

        Hst 2.2 zuivere stoffen
 en mengsels

Slide 6 - Tekstslide

Leerdoelen
2.2.1 Je kunt het verschil aangeven tussen zuivere stoffen en mengsels.

2.2.2 Je kunt oplossingen en suspensies onderscheiden.

2.2.3 Je kunt beschrijven hoe je stoffen kunt scheiden door middel van extraheren of filtreren.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Zuivere stof of mengsel 
Een zuivere stof bestaat uit 1 soort molecuul
Een mengsel bestaat uit meerdere soorten moleculen.

Slide 9 - Tekstslide

Zuivere stof
Bestaat uit één soort stof (molecuul)

Slide 10 - Tekstslide

Mengsels
Een mengsel bestaat uit twee of meer stoffen (moleculen)

Slide 11 - Tekstslide

Schone lucht is een
A
mengsel
B
zuivere stof

Slide 12 - Quizvraag

Welke van de volgende stoffen is een mengsel
A
bronwater
B
keukenzout
C
pindakaas
D
cola

Slide 13 - Quizvraag

mengsels kun je mengen met een zuivere stof
A
ja
B
nee

Slide 14 - Quizvraag

Als ik twee zuivere stoffen met elkaar meng krijg ik een
A
mengsel
B
zuivere stof

Slide 15 - Quizvraag

Slide 16 - Video

Oplossing
Als een stof goed oplost in een vloeistof
De oplossing is helder

Slide 17 - Tekstslide

Suspensies
Een vaste stof die niet oplost in vloeistof
Is troebel, je kunt er niet doorheen kijken

Slide 18 - Tekstslide

Een oplossing is altijd
A
Kleurloos
B
Troebel
C
Helder
D
Wit

Slide 19 - Quizvraag

Modder is een
A
oplossing
B
suspensie

Slide 20 - Quizvraag

Zeewater is een ...
A
Suspensie
B
Oplossing

Slide 21 - Quizvraag

Een suspensie is een:
A
Is troebel je kunt er niet doorheen kijken
B
Is helder je kunt er doorheen kijken

Slide 22 - Quizvraag

Wat voor soort mengsel is cola?
A
oplossing
B
suspensie

Slide 23 - Quizvraag

Stoffen scheiden

Slide 24 - Tekstslide

Filtreren
  • Scheidingsmethode: Filtreren
  • Stofeigenschap: Deeltjesgrootte 
  • Soort mengsel: Suspensie 

Slide 25 - Tekstslide

Extraheren



  • Scheidingsmethode: Extraheren 
  • Stofeigenschap: oplosbaarheid
  • Soorten mengsels: vaste stoffen 
  • Na extraheren moet je nog filtreren.

Slide 26 - Tekstslide

bestaat uit één soort stof
een helder mengsel van een oplosmiddel en een opgeloste stof
bestaat uit twee of meer stoffen
slecht mengbare vloeistoffen
oplossing
zuivere stof
suspensie
mengsel

Slide 27 - Sleepvraag

Wat doen we bij scheiden
A
stoffen kapot maken
B
Stoffen uit elkaar halen
C
Stoffen sorteren

Slide 28 - Quizvraag

Filtreren gebruik je om een … van een … te scheiden
A
gas - vaste stof
B
Vaste stof - vloeistof
C
vloeistof - gas
D
opgeloste stof - vloeistof

Slide 29 - Quizvraag

Een suspensie kan je scheiden door
A
extraheren
B
filtreren

Slide 30 - Quizvraag

Aan de slag
Proef 2 (blz. 68 & 69)

Klaar? Eerst opruimen en dan beginnen met het huiswerk

Maken opdrachten 2.2


 

Slide 31 - Tekstslide

Huiswerk
maandag 9 september
  • Maken 2.2 opdracht 1 t/m 9 (blz. 45) 

Slide 32 - Tekstslide