G5 herhaling G4 + aftrap G5

Bedrijfseconomie · 5 vwo

Herhaling H5 + start leerjaar 5

Interest opfrissen, daarna het persoonlijk plan

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 3 en 4 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 9e druk

1 / 22
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Bedrijfseconomie · 5 vwo

Herhaling H5 + start leerjaar 5

Interest opfrissen, daarna het persoonlijk plan

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 3 en 4 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 9e druk

Bedrijfseconomie · 5 vwo

Herhaling H5 + start leerjaar 5

Interest opfrissen, daarna het persoonlijk plan

vrijdag 4 september 2026 · lesuur 3 en 4 · H212

Van Vlimmeren, Bedrijfseconomie in Balans, 9e druk

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

2

LessonUp-account

Click of typ de link over; daarna kun je meedoen met de vragen en lessen later terug vinden.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

3

Voorspelbaar gedrag

Ik probeer voorspelbaar te zijn, jij ook? :-)

  • Het glas is halfvol, altijd! Bij tegenslagen zoeken we naar een oplossing.

  • Ik vind het fijn als je vrolijk bent, op tijd aanwezig bent, en je telefoon in de kluis (of thuis) ligt.

  • Dorst? Water drinken mag. Geen eten, geen kauwgum.

  • Bij je: theorieboek, werkboek, schrift (exclusief voor bedrijfseconomie), pen en rekenmachine, opgeladen device.

  • Elke regel die je met goede reden wilt breken, bespreek je VOORAF.

  • Verder ben ik best redelijk — vind ik zelf.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

4

Spoorboekje

Na vandaag kun je:

  • de eindwaarde van een reeks gelijke bedragen berekenen met de somformule;

  • het verschil tussen begintermijnen en eindtermijnen uitleggen en verwerken;

  • de contante waarde van een bedrag berekenen;

  • benoemen welke stof uit leerjaar 4 nog meetelt voor je centraal examen en welke niet;

  • de vier onderdelen van een persoonlijk plan noemen;

  • je eigen sterke en minder sterke eigenschappen als startende ondernemer benoemen.

  • Zijn we compleet? Absentiecheck

  • Leerdoelen & spoorboekje

  • Schrijven = blijven

  • Voorspelbaar gedrag

  • Wat telt nog mee uit leerjaar 4

  • H5 opfrissen: eindwaarde en contante waarde

  • Pauze, daarna leerjaar 5 in vogelvlucht

  • H10 paragraaf 2: het persoonlijk plan

  • LessonUp account

  • Leerdoelen / spoorboekje

  • Huiswerk in Magister check

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

5

Leerdoelen

Na deze les kun je:

  • de eindwaarde van een reeks gelijke bedragen berekenen met de somformule;

  • het verschil tussen begintermijnen en eindtermijnen uitleggen en verwerken;

  • de contante waarde van een bedrag berekenen;

  • benoemen welke stof uit leerjaar 4 nog meetelt voor je centraal examen en welke niet;

  • de vier onderdelen van een persoonlijk plan noemen;

  • je eigen sterke en minder sterke eigenschappen als startende ondernemer benoemen.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

6

Schrijven is blijven

In je eigen woorden — niet woordelijk overgenomen.

  • Wat je zelf formuleert onthoud je beter dan wat je klakkeloos overschrijft / overtypt.

  • Wat je terugleest onthoud je het best

  • Schrijf in elk geval op: de formules, de uitwerkingen, en ook waar je fouten maakt (kan je van leren, dat is het idee :-)).

Wat weet je nog van vorig jaar bedrijfseconomie?

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

7

Van leerjaar 4 naar leerjaar 5

Niet alles wat je vorig jaar geleerd hebt, komt terug op je centraal examen.

  • H5 interest en aflossen - volledig examenstof, en het fundament onder hypotheken (H7), leningen (H17) en investeringsanalyse (H18).

  • H4 verzekeren, sparen en lenen - examenstof.

  • H6.1 tot en met 6.3 effecten, aandelen en obligaties - examenstof.

  • H3 spreadsheets - schoolexamenstof. Komt niet op je CE.

  • H6.4 opties - geschrapt uit het centraal examen van 2028.

  • 9e druk vs 10e druk Van Vlimmeren

  • wat jullie zelf wisten

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

8

H5.1 en 5.2 - interest

Bij samengestelde interest krijg je ook rente over de rente die er al bij geschreven is.

  • Enkelvoudige interest - alleen rente over het beginkapitaal.

  • Samengestelde interest - ook rente over de al bijgeschreven rente. Het rentebedrag groeit dus elk jaar.

  • Perunage i - het percentage per 1. Van 4% maak je i = 0,04.

  • Eindwaarde van een bedrag: E = K x (1 + i)^n

  • Contante waarde van een bedrag: C = E x (1 + i)^-n (of als je E / (1 + i)^n wil doen ook goed)

  • Is de renteperiode geen jaar? Reken n en i om naar die periode - niet terug naar jaren.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

9

Rekenvoorbeeld

Sanne zet geld vast op een deposito; daarna draaien we de vraag om.

Gegevens

Storting nu

Interest per jaar

Looptijd

Streefbedrag bij de omgekeerde vraag

2.500 euro

3%

6 jaar

4.000 euro

Uitwerking

E = 2.500 x 1,03^6

1,03^6 = 1,194052

E = 2.985,13 euro

Omgekeerd: C = 4.000 x 1,03^-6 = 3.349,94 euro

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

10

Controlevraag

Een sportvereniging heeft over 5 jaar 18.000 euro nodig voor een nieuwe kunstgrasmat. De bank vergoedt 2,5% samengestelde interest per jaar. De vereniging wil nu eenmalig een bedrag storten. (Verzonnen oefengetallen.)

a Bereken welk bedrag de vereniging nu moet storten.

b De penningmeester rekent met 5 x 2,5% = 12,5% en komt uit op 16.000 euro. Leg uit waarom zijn bedrag te hoog is.

Je zoekt een contante waarde: deel niet door 5, maar door (1 + i) tot de macht n.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

11

H5.3 - de eindwaarde van een rente

Een rente is een reeks gelijke bedragen met gelijke tussenruimte. Hier ging het in juli het vaakst mis.

  • Rente = een reeks gelijke bedragen met gelijke tussenruimte. Niet te verwarren met het rentepercentage.

  • Somformule: E = a x (r^n - 1) / (r - 1), met r = 1 + i

  • a = het termijnbedrag, n = het aantal termijnen.

  • Eindtermijnen: je stort aan het EIND van elke periode. De laatste storting valt op het waarderingsmoment en levert dus geen rente op.

  • Begintermijnen: je stort aan het BEGIN. Elke storting rendeert een periode langer.

  • Van eindtermijnen naar begintermijnen: vermenigvuldig de uitkomst met (1 + i).

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

12

Rekenvoorbeeld

Younes spaart acht jaar voor een reis en stort steeds aan het eind van het jaar.

Gegevens

Termijnbedrag a

Interest per jaar

Aantal termijnen n

Moment van storten

1.200 euro

4%

8

einde jaar

Uitwerking

r = 1,04 dus r^8 = 1,368569

(1,368569 - 1) / 0,04 = 9,214226

E = 1.200 x 9,214226

E = 11.057,07 euro

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

13

Controlevraag

Meike stort zes jaar lang 900 euro op een spaarrekening met 5% samengestelde interest per jaar. Zij stort steeds aan het BEGIN van het jaar. (Verzonnen oefengetallen.)

a Bereken de eindwaarde direct na de laatste rentebijschrijving, aan het eind van jaar 6.

b Leg uit hoeveel hoger deze uitkomst is dan bij storten aan het eind van elk jaar, en waarom.

Reken eerst met eindtermijnen; vermenigvuldig je antwoord daarna met (1 + i).

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

14

Waar we waren, en wat nu komt

Het tweede uur gaat niet meer over vorig jaar.

  • Achter ons: H5 opgefrist - eindwaarde en contante waarde, van een bedrag en van een reeks.

  • Achter ons: duidelijk wat uit leerjaar 4 nog meetelt voor het CE en wat niet.

  • Kwam je er niet uit? Neem je uitwerking van de controlevraag mee naar volgende week.

  • Voor ons: hoe leerjaar 5 eruitziet - de hoofdstukken, de toetsen en de overgangstoets.

  • Voor ons: wat er aan jouw centraal examen van 2028 veranderd is.

  • Voor ons: H10 paragraaf 2 - het persoonlijk plan.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

15

Leerjaar 5 in vogelvlucht

Drie blokken, drie toetsen, een praktische opdracht en aan het eind een zwaarwegende overgangstoets.

  • Tot de kerst: ondernemen en rechtsvormen (H10-H12) met MVO en true pricing, daarna organisatie en personeelsbeleid (H13-H15).

  • Januari tot maart: investeren en financieren - eigen vermogen, leningen, investeringsanalyse en de vermogensmarkt (H16-H20).

  • April tot juni: marketing (H21-H24), met het nieuwe 4C-model.

  • Toets 1, week 47: H10 tot en met H13 plus true pricing.

  • Toets 2, week 4: H14 tot en met H16 plus het nieuwe personeelsbeleid.

  • Toets 3, week 12: H17 tot en met H20.

  • Praktische opdracht Bedrijfsplan (BMC): telt voor 10% van je schoolexamen.

  • Eind juni: zwaarwegende overgangstoets over de CE-stof van dit jaar.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

16

Wat er aan jouw examen verandert

Jij doet centraal examen in mei 2028. Die syllabus is inmiddels vastgesteld.

  • Eruit: opties bij beleggen (H6.4) - precies de stof waar je in juli op getoetst bent.

  • Eruit: causation en effectuation (H10.1) - blijft wel schoolexamenstof.

  • Eruit: surseance van betaling en de term openbare vennootschap.

  • Erin: true pricing - people-planet-profit, externe kosten, maatschappelijke kosten en opbrengsten. Dat doen we in week 41.

  • Erin: het 4C-model naast de bekende 4 P, dit voorjaar bij marketing.

  • Blijft: de SWOT-analyse.

  • Blijft: het formuleblad. Dat is niet veranderd.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

17

H10.2 - het persoonlijk plan

Het eerste deel van een ondernemingsplan gaat niet over je product, maar over jou.

  • Persoonsgegevens - wie ben je, welke opleiding en welke ervaring heb je.

  • Motivatie en doelstellingen - waarom wil je dit, en wat wil je bereiken.

  • Sterke eigenschappen van de starter.

  • Minder sterke eigenschappen van de starter.

  • Waarom een bank hierom vraagt: hij financiert geen idee, hij financiert een ondernemer.

  • Het persoonlijk plan staat vooraan. Marketingplan en financieel plan (paragraaf 3 en 4) volgen volgende week.

  • Dit is examenstof: paragraaf 2 staat als CE in de verdeling. Paragraaf 1 - causation en effectuation - juist niet.

5

minute

00

second

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

18

Sterk en minder sterk - eerlijk zijn loont

Een starter die alleen sterke punten opschrijft, maakt zijn plan zwakker.

  • Vaak genoemde sterke punten: doorzettingsvermogen, vakkennis, een netwerk, kunnen verkopen, orde in je administratie.

  • Vaak genoemde minder sterke punten: geen nee kunnen zeggen, de administratie laten liggen, alles zelf willen doen, te lage prijzen vragen.

  • Een minder sterk punt wordt pas bruikbaar als je erbij zet wat je eraan doet: uitbesteden, een compagnon zoeken, een cursus volgen.

  • Denk terug aan Day for Change: welke rol had jij in je groepje, wat ging je makkelijk af en wat niet?

  • Schrijfopdracht: maak de vier blokjes van je eigen persoonlijk plan. Vijf regels is genoeg.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

19

Huiswerk en vooruitblik

  • Lezen: H10 paragraaf 2, Persoonlijk plan.

  • Opgaven:

  • Kennen: de somformule voor de eindwaarde van een rente, en het verschil tussen begin- en eindtermijnen.

  • Meenemen: je uitgeschreven persoonlijk plan, de vier blokjes.

  • H6.4 opties: vervalt voor het centraal examen van 2028. Dit hoef je niet meer te kennen voor het CE.

  • H10.1 causation en effectuation: vervalt uit het CE, maar blijft schoolexamenstof.

  • H3 spreadsheets: schoolexamenstof, komt niet op het CE.

  • Blijft gewoon examenstof: H4, H5 en H6.1 tot en met 6.3.

Volgende week: H10 paragraaf 3 t/m 5 - marketingplan met SWOT, financieel plan, KvK.

Bedrijfseconomie 5 vwo · Herhaling H5 + H10 Persoonlijk plan

20

Spoorboekje

Dit hebben we gedaan.

Na vandaag kun je:

  • de eindwaarde van een reeks gelijke bedragen berekenen met de somformule;

  • het verschil tussen begintermijnen en eindtermijnen uitleggen en verwerken;

  • de contante waarde van een bedrag berekenen;

  • benoemen welke stof uit leerjaar 4 nog meetelt voor je centraal examen en welke niet;

  • de vier onderdelen van een persoonlijk plan noemen;

  • je eigen sterke en minder sterke eigenschappen als startende ondernemer benoemen.

  • Zijn we compleet? Absentiecheck

  • Leerdoelen & spoorboekje

  • Schrijven = blijven

  • Voorspelbaar gedrag

  • Wat telt nog mee uit leerjaar 4

  • H5 opfrissen: eindwaarde en contante waarde

  • Pauze, daarna leerjaar 5 in vogelvlucht

  • H10 paragraaf 2: het persoonlijk plan

  • LessonUp account

  • Leerdoelen / spoorboekje

  • Huiswerk in Magister check