Voedingsleer periode 2: Les 1 koken

Les 1: Koken
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
VoedingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Les 1: Koken

Slide 1 - Tekstslide

Vandaag
Leerdoelen
Theorie
Korte film
Opdracht

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
De student kan aan het eind van de les;
  • benoemen waarom het lezen van een recept belangrijk is.
  • benoemen wat voedingswaarde is.
  • de verschillende kooktechnieken benoemen.

Slide 3 - Tekstslide

Recepten lezen
Waarom lees je een recept?
Houd jij je altijd aan het recept?

Slide 4 - Tekstslide

Recept lezen
Een recept is de instructie voor het bereiden van een gerecht. 
De aanwijzingen zijn:
  • De ingrediënten (voedingsmiddelen als olie, boter, groente, rijst, pasta of aardappelen)
  • De behandeling van de ingrediënten (bijvoorbeeld snijden, pellen, wassen, weken)
  • De bereidingswijze (bijvoorbeeld rauw, koud, warm, koken, bakken, braden, stoven)
  • Voedingsinformatie (zoals calorieën, eiwitten, koolhydraten, vetten).

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

https://www.voedingscentrum.nl/nl/gezonde-recepten/kookhulp/hoeveel-gram-milliliter-theelepel-eetlepel.aspx

Slide 7 - Tekstslide

Hoe weet je welke voedingswaarden er in een voedingsmiddel zitten?

Slide 8 - Tekstslide

Betekenis voedingswaarden
De voedingswaarde geeft aan hoeveel je van de voedingsstof binnenkrijgt: 
- De totale waarde wordt uitgedrukt in calorieën.
- De waarde per voedingsstof wordt berekend.

Wist je dat? 
Stel dat je in een recept vier eetlepels olie gebruikt in plaats van twee eetlepels. Dan verandert de voedingswaarde. 
Er zou dan 34 gram extra vet bijkomen en het aantal calorieën stijgt ook. 


Slide 9 - Tekstslide

E-nummers
E-nummers = een Europees nummer
Een additief oftewel een E-nummer is een hulpstof zonder voedingswaarden.

Bijvoorbeeld: anti-klontermiddel in Poedersuiker heeft geen voedingswaarde
E-551

Slide 10 - Tekstslide

Voedingswaarden
Zoek op internet naar een voedingswaarde van een product naar keuze.

Slide 11 - Tekstslide

Werk jij methodisch?
Wanneer wel en wanneer niet?

Slide 12 - Open vraag

Methodisch werken
Bij het lezen van het recept bedenk je welke materialen je nodig hebt:
  • Zet ze op een aparte lijst of onderstreep ze in het recept.
  • Zet alles vooraf klaar, zeker in een vreemde keuken. Anders moet je tijdens het bereiden op zoek gaan, met het risico dat een deel van je maaltijd verbrandt.
  • Bekijk ook welke kookmiddelen je gebruikt. Kook je op gas, elektra of inductie? Heb je de oven nodig? Of de grill?

Slide 13 - Tekstslide

Kooktechnieken
  • Je hebt verschillende kooktechnieken, denk aan bakken en braden. 
  • Ook heb je verschillende voorbereidende technieken denk aan: schillen, zeven en hakken.

Slide 14 - Tekstslide

Technieken beheersen is belangrijk voor:
  • De hygiëne: Goed je handen wassen, groente wassen, voldoende verhitten om bacteriën te doden, vlees en groenten gescheiden behandelen. 
  • De kwaliteit van de maaltijd: Snijden, snipperen, koken en frituren zijn onderdeel van de bereiding. Te grote aardappelen worden niet gaar, te kort gefrituurde frites blijven zacht. 
  • Duurzaam werken: Zo voorkom je dat je voedsel goed kunt gebruiken en niet weg moet gooien.
  • Veilig werken voor jezelf: Geen snijwonden of brandwonden.
  • Veilig werken voor de omgeving: Elektrische apparatuur op de juiste manier gebruiken. 

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Slide 17 - Video

Opdracht inleveren Canvas
Opdracht 1.1 

Slide 18 - Tekstslide

Wat vond je van de les
😒🙁😐🙂😃

Slide 19 - Poll