"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Slide 22 - Tekstslide
WE DIFFERENTIËREN OM...
"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Dakpanklassen in de onderbouw zorgen voor niveauverschillen binnen de klas.
Slide 23 - Tekstslide
WE DIFFERENTIËREN OM...
"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Dakpanklassen in de onderbouw zorgen voor niveauverschillen binnen de klas.
Essentieel voor de persoonlijke groei en ontwikkeling van de leerling
Slide 24 - Tekstslide
WE DIFFERENTIËREN OM...
"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Dakpanklassen in de onderbouw zorgen voor niveauverschillen binnen de klas.
Essentieel voor de persoonlijke groei en ontwikkeling van de leerling
Een betere doorstroom naar de bovenbouw leidt tot hogere slagingspercentages
Slide 25 - Tekstslide
WE DIFFERENTIËREN OM...
"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Dakpanklassen in de onderbouw zorgen voor niveauverschillen binnen de klas.
Essentieel voor de persoonlijke groei en ontwikkeling van de leerling
Een betere doorstroom naar de bovenbouw leidt tot hogere slagingspercentages
Succesbeleving voor de leerling en docent
Slide 26 - Tekstslide
WE DIFFERENTIËREN OM...
"de les te laten aansluiten bij het niveau en de capaciteiten van iedere leerling."
Dakpanklassen in de onderbouw zorgen voor niveauverschillen binnen de klas.
Essentieel voor de persoonlijke groei en ontwikkeling van de leerling
Een betere doorstroom naar de bovenbouw leidt tot hogere slagingspercentages
Succesbeleving voor de leerling en docent
Waardevolle lessen = betere toets resultaten
Slide 27 - Tekstslide
DOOR TE DIFFERENTIËREN...
kun je tegemoet komen aan de verschillen tussen leerlingen.
Goede differentiatie leidt tot
beter leren
hogere motivatie
meer eigenaarschap
betere zelfregulerende vaardigheden
T
Slide 28 - Tekstslide
Op welke manier hebben we zelf gedifferentieerd?
Slide 29 - Open vraag
Slide 30 - Tekstslide
BELEMMERENDE FACTOREN OM TE DIFFERENTIËREN
Slide 31 - Tekstslide
BELEMMERENDE FACTOREN OM TE DIFFERENTIËREN
Weinig kennis over differentiëren
Grote klassen
Tijdgebrek
Klassenmanagement
Lesvoorbereidingen
...
Slide 32 - Tekstslide
BEGRIPPEN
Convergent
Divergent
Leerstijlen
Eigenaarschap en zelfregulatie
Interne en externe motivatie
Homogene en heterogene klassen of groepen
T
Bij convergente differentiatie wil je dat alle leerlingen dezelfde (minimum)doelen halen. Zo houd je de klas qua niveau meer bij elkaar. <div> </div><div>Het uitgangspunt is klassikaal onderwijs. </div><div>Iedereen doet in de basis dezelfde opdrachten en krijgt dezelfde klassikale instructie van jou. Vervolgens gaan leerlingen zelfstandig aan het werk. Zwakke leerlingen krijgen dan extra uitleg en ondersteuning. Sterkere leerlingen die snel werken, krijgen extra opdrachten. </div><div><br></div><div> </div>
Bij divergente differentiatie geef je verschillende groepen leerlingen verschillende doelen. bv in het so <div>Deze vorm van differentiatie leidt in principe tot steeds grotere niveauverschillen. </div><div>Doordat je leerlijnen aanbiedt die passen bij het niveau van leerlingen, krijgen sterkere leerlingen meer ruimte en middelen om een hoger niveau te behalen. Ook gemiddelde en zwakkere leerlingen krijgen leerlijnen die bij hun niveau passen. </div><div><br></div><div> </div>
Eigenaarschap wordt vaak in één adem genoemd met het begrip Zelfregulatie. Leerlingen die hun eigen leren kunnen reguleren, krijgen het gevoel dat zij de baas zijn over het leerproces. Leren is dan niet iets wat moet, het is iets wat ze zelf willen. Zelfregulatie draagt dus bij aan eigenaarschap. Andersom wordt ook wel gesteld dat eigenaarschap zelfregulatie mogelijk maakt. Dat is dus een kip-en-ei-kwestie: oorzaak en gevolg zijn moeilijk te identificeren. <div><br></div><div>Conley en French (2014) beschrijven eigenaarschap in een model ontworpen met vijf componenten.</div><div>1) Eigenaarschap begint met motivatie en betrokkenheid. </div><div>2) Van daaruit stellen leerlingen doelen en sturen hun eigen leren om die doelen te bereiken. </div><div>3) Leerlingen merken dat zij controle kunnen nemen over het leerproces, waardoor zij er vertrouwen in krijgen dat ze de taak aankunnen (self-efficacy) en hun zelfvertrouwen toeneemt. </div><div>4) Om vast te stellen of zij hun doelen inderdaad bereiken, gebruiken leerlingen metacognitieve vaardigheden, (leren leren) en monitoren ze hun eigen vorderingen. </div><div>5) De eerste vier componenten hebben een positieve invloed op de volharding of doorzettingsvermogen van de leerling. Dit leidt vervolgens weer tot een versterking van de motivatie. <br><div><br></div></div>