Les 2 - Klasinstructies in het Nederlands

Goedemorgen! Hoe gaat het?

1 / 22
volgende
Slide 1: Slide
newEditorCommunicatieHBOStudiejaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Goedemorgen! Hoe gaat het?

Deze slide heeft geen instructies

Repetition:

From greeting to farewell


Goedemorgen!

Hoe gaat het?

Goed, dank je!

Tot ziens!

Gebruik dit als compact model van een natuurlijk mini-gesprek.

Hoe heet je?

Ik ben Aafke.


Hoe heet jij?

Deze slide heeft geen instructies

Repetition: A full conversation

Hoi!

Goedemorgen!

Hoe heet je?

Ik ben Aafke. Hoe heet jij?

Ik ben Gijs.

Leuk je te ontmoeten!

Tot ziens!

Gebruik dit als afsluitend model waarin alle kernzinnen uit de les samenkomen.

Lesson 2: Class instructions in Dutch

Open de les met het idee dat leerlingen vaak eerst op gebaren letten. In deze les leren ze juist luisteren naar vaste Nederlandse instructies en die herkennen in de klas.

Goal

I can understand and use some simple classroom instructions in Dutch.

Deze slide heeft geen instructies

Welke Nederlandse klasinstructie ken je al?

Gebruik de woordwolk als korte activering. Verwachte input: ga staan, ga zitten, luister, kijk, stop, wacht even. Laat leerlingen eventueel ook Engelse betekenissen noemen, maar houd de focus op herkenning van het Nederlands.

What was the Dutch translation of 'please' again?

Gebruik de woordwolk als korte activering. Verwachte input: ga staan, ga zitten, luister, kijk, stop, wacht even. Laat leerlingen eventueel ook Engelse betekenissen noemen, maar houd de focus op herkenning van het Nederlands.

Listen and move



  • Ga staan - stand up

  • Ga zitten — sit down

  • Luister — listen

  • Kijk — look

  • Kom hier — come here

Gebruik eerst een rustig tempo. Zeg steeds eerst het Nederlands en daarna eventueel het Engels, zodat de Nederlandse vorm centraal blijft staan.

Do as I say


Ga staan


Kom hier


Kijk


Ga zitten

Deze slide heeft geen instructies

Which words are (almost) the same in English and Dutch?

Deze slide heeft geen instructies

Asking for attention



  • Stop - stop

  • Steek je hand op — put your hand up

  • Even wachten — wait a moment

Leg uit dat dit typische routines zijn waarmee een leerkracht orde en focus bewaart.

Useful language in the classroom



  • Pak je boek — get your book

  • Open je boek — open your book

  • Doe je boek dicht — close your book

  • Schrijf op — write it down

  • Lees — read

Kies in de praktijk 5 à 6 kernzinnen om consequent te herhalen, in plaats van de hele lijst tegelijk aan te bieden.

Positive reactions from the teacher




  • Heel goed — very good

  • Goed gedaan — well done

Deze slide heeft geen instructies

Which sentence is positive feedback from the teacher?

A

Steek je hand op

B

Goed gedaan

C

Open je boek

D

Kijk naar mij

Toetst onderscheid tussen instructies en bemoedigende taal uit slides 6–9.

What children say to the teacher

What do you think the sentences below mean? Discuss with your shoulder buddy.


  • Juf! / Meester!

  • Ik snap het niet

  • Ik weet het niet

  • Mag ik naar de wc?

  • Mag ik helpen?

  • Ik ben klaar

Kies zinnen die functioneel zijn in de dagelijkse klaspraktijk. Dat maakt de taal meteen bruikbaar.

What children say to the teacher

What do you think the sentences below mean? Discuss with your shoulder buddy.


  • Juf! / Meester! - Teacher! (feminine / masculine)

  • Ik snap het niet -I don't understand

  • Ik weet het niet - I don't know

  • Mag ik naar de wc? - May I go to the toilet?

  • Mag ik helpen? - Can I help?

  • Ik ben klaar - I'm done

Kies zinnen die functioneel zijn in de dagelijkse klaspraktijk. Dat maakt de taal meteen bruikbaar.

What is your reaction when a child says


  • Ik snap het niet


  • Mag ik naar de wc?


  • Ik ben klaar


Practice with your shoulder buddy

Deze slide heeft geen instructies

What is your reaction when a child says


  • Ik snap het niet - Geen probleem / Luister goed / Probeer het nog een keer


  • Mag ik naar de wc? - Ja, (natuurlijk)


  • Ik ben klaar - Goed gedaan!

Deze slide heeft geen instructies

Glossary

  • Ga staan - stand up

  • Ga zitten — sit down

  • Luister — listen

  • Kijk — look

  • Kom hier — come here

  • Stop - stop

  • Steek je hand op — put your hand up

  • Even wachten — wait a moment

  • Juf! - Miss!

Deze slide heeft geen instructies

Glossary

  • Pak je boek — get your book

  • Open je boek — open your book

  • Doe je boek dicht — close your book

  • Schrijf op — write it down

  • Lees — read

  • Heel goed — very good

  • Goed gedaan — well done

  • Ik snap het niet -I don't understand

  • Ik weet het niet - I don't know

  • Mag ik naar de wc? - May I go to the toilet?

  • Mag ik helpen? - Can I help?

  • Ik ben klaar - I'm done

Deze slide heeft geen instructies

What do you want to learn in the last lesson?

Deze slide heeft geen instructies