Praktijk varen
Praktijk varen
Minder leren is beter onthouden!
Rechtse schroef
Bakboord meren
Stuurboord rond (kort bestek)
Er staat geen wind of stroom. Een schip met een rechtse schroef die op "vooruit" staat, heeft bij het roer midscheeps de neiging met het voorschip:
naar bakboord te gaan
naar stuurboord te gaan
recht vooruit te gaan
Het is windstil. Welke reactie geeft een stilligend schip met een rechtse schroef, als met het roer midscheeps de schroef in z'n achteruit worden gezet?
het achterschip trekt naar bakboord
het achterschip trekt naar stuurboord
het schip vaart recht achteruit
Een vaarwater is zo smal, dat uw schip - met rechtse schroef - er niet in één keer kan draaien. Om te keren draait u het beste over:
bakboord
stuurboord
beide boegen, het maakt niet uit
Het is windstil, uw schip heeft een rechtse schroef en u wilt recht achteruit varen. Wat moet u doen?
bakboordroer geven
stuurboordroer geven
roer midscheeps houden
Wieleffect
Schroefwerking
Bakboordroer / stuurboordroer
Kunstmatige roerdruk
Boegschroef
Hekschroef
Hekdrive
Je komt aan hogerwal aan. Je wilt de boot met vier lijnen (voortros, voorspring, achtertros en achterspring) afmeren. Je begint de aanlegmanoeuvre met het uitbrengen van de volgende lijn:
Voortros.
Voorspring.
Achtertros.
Achterspring.
Een motorschip met linkse schroef vaart een sluis in en heeft wind van achteren. Welke tros dient als eerste vastgemaakt te worden?
Stuurboordachtertros.
Bakboordvoortros.
Bakboordachtertros.
Stuurboordvoortros.
Je schip ligt met de bakboordzijde aan de kade. Je moet afvaren met de stroom recht van achteren. Je gaat als volgt te werk:
Je laat de voortros staan en slaat langzaam vooruit met bakboordmotor. Dan achteruit afvaren en voortros binnenhalen.
Je laat de voortros staan, slaat zonodig vooruit met bakboordroer om het achterschip vrij van de kade te krijgen. Dan voortros los en achteruit afvaren.
Je laat de voorspring staan en slaat langzaam vooruit met bakboordroer. Dan achteruit afvaren en voorspring binnenhalen.
Je maakt alle trossen los en vaart voorzichtig vooruit af.
ONTHOUD: aankomen met wind of stroom van voren, eerst de voortros vast.
ONTHOUD: in moeilijke gevalen (hogerwal en box) leg je op voorspring aan.
ONTHOUD: vooruit wegvaren doe je op de achterspring.
ONTHOUD: achteruit wegvaren doe je op voorspring.
ONTHOUD: in principe altijd vooruit wegvaren, behalve bij stroom of wind van achteren en lagerwal.