(on)gelijke kansen

(on)gelijke kansen
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapPraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

(on)gelijke kansen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Leerdoelen:

  • We leren wat gelijkheid is. 
  • We leren waarom ongelijke kansen een groot probleem kunnen zijn. 
  • We leren wat vooroordelen zijn.
  • We leren het verschil tussen gelijke kansen en eerlijke kansen.
  • We bedenken oplossingen om iedereen in Nederland gelijke kansen te geven.


Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inleiding
Theorie
Opdrachten
Verwerking
Afsluiting
Waar 
ben ik?
In de inleiding introduceren we het onderwerp en bekijken we wat jij hier al over weet.
Bij theorie slides krijg je informatie over het onderwerp door tekst, plaatjes, audio en video.
Bij opdrachten testen we je kennis.
We sluiten de les af en blikken terug.
Tijdens de verwerking maak je een opdracht om te controleren of je de les goed hebt begrepen.
Waar
ben ik?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

(on)gelijke kansen

Heeft iedereen in Nederland dezelfde kansen? Of zitten hier grote verschillen in en maakt het bijvoorbeeld heel erg uit waar je geboren bent of hoeveel geld je ouders verdienen?

In deze les kijken we naar (on)gelijke kansen.


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Vind jij dat iedereen in Nederland gelijke kansen heeft?

(0 = helemaal niet                         10 = helemaal)
010

Slide 5 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

(on)gelijke
kansen
Wat betekent gelijkheid voor jou?

Slide 6 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Gelijke kansen
op werk
Of je nu man of vrouw, wit of zwart, gelovig of niet-gelovig bent, iedereen moet dezelfde kans hebben op een baan of promotie. Als dat niet het geval is, dan zijn er geen gelijke kansen.
in het onderwijs
Gelijke kansen betekent voor mij dat iedereen de kans heeft om goed onderwijs te krijgen, of je nou rijk of arm bent. 
op de sportclub
<div>Iedereen moet de mogelijkheid hebben om te sporten. Als de ouders een sportvereniging niet kunnen betalen, vind ik dat de overheid dit moet ondersteunen. Anders krijgt niet iedereen de kans om te sporten.<br></div>
in de zorg
<div>Als je hulp nodig hebt, dan moet je geholpen worden. Ik vind dat ik net zoveel kans moet hebben op een ziekenhuisbed als de koning.<br></div>
In Nederland zijn we opgegroeid met het idee van gelijkheid. Toch bekijken veel mensen gelijke kansen net op een andere manier. 

Bekijk hieronder een aantal voorbeelden.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Theorie 1
Wat is gelijkheid?
Met gelijkheid wordt bedoeld dat iedereen met gelijke kansen moet starten en gelijk behandeld moet worden.

Waar je vandaan komt of waar je geboren bent, moet niet uitmaken. 

Iedereen moet gelijk kunnen starten. 

Of dit echt zo is? Daar kun je een discussie met elkaar over voeren.






Theorie 1
Video: Wat is gelijkheid? 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gelijkheid
Vind jij dat er in Nederland gelijkheid is?

Slide 9 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies


Op de volgende slides zie je drie stellingen. 

Bespreek de stellingen klassikaal of in groepjes.

Vind jij dat iemand een gelijke kans heeft gekregen?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Mischa is geboren in een villawijk. Haar ouders hebben veel geld.
Robin is geboren in een arme wijk. Haar ouders hebben weinig geld.

Mischa en Robin gaan gewoon naar dezelfde school.
gelijke kansen
geen gelijke kansen

Slide 11 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Conor en Sam zijn zeven jaar oud. Ze willen beiden naar dezelfde voetbalclub. Sam mag wel gelijk lid worden, want zijn broer is ook lid van de voetbalclub. Conor komt op de wachtlijst te staan.
gelijke kansen
geen gelijke kansen

Slide 12 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Boris zit op het gymnasium en Anne-Fleur op het vmbo. 


gelijke kansen
geen gelijke kansen

Slide 13 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Theorie 1
Vooroordelen
Vooroordelen zijn meningen die niet op feiten gebaseerd zijn. 

Deze meningen gaan vaak over groepen mensen. 

Vooroordelen kunnen bijdragen aan kansenongelijkheid, omdat we mensen waar we een vooroordeel over hebben, niet de kans geven om te laten zien wat ze kunnen.


Theorie 2
Video: Vooroordelen en stereotypen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Heb jij weleens een vooroordeel over iemand gehad?

ja
nee

Slide 15 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Vrouwen zijn schoner dan mannen. 

Is dit een vooroordeel?
A
ja
B
nee

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Iemand met een bril is slim.

Is dit een vooroordeel?
A
ja
B
nee

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies



Je hebt net een video bekeken over twee klassen die elkaar voor het eerst zien en ontdekken welke vooroordelen ze hebben. 

In de volgende opdracht proberen we eenzelfde experiment uit in jouw eigen klas. 

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Instructie
Stap 1: Ga als klas tegenover elkaar staan. Maak 'kant A' en 'kant B'.

Stap 2: De docent roept een stelling. Hoor je bij kant A? Dan loop je naar iemand van wie je dat vindt. Kant B blijft staan. 

Stap 3: Nu wissel je om.
Stelling 1
Loop naar iemand waarvan je denkt dat zijn ouders rijk zijn.&nbsp;
Stelling 2
Loop naar iemand waarvan je denkt dat hij in god gelooft.
Stelling 3
Loop naar iemand waarvan je denkt dat hij grappig is.&nbsp;
Stelling 4
Loop naar iemand waarvan je denkt dat hij thuis een hobby heeft die niemand op school doet.&nbsp;

Slide 20 - Tekstslide

In deze slide staan 4 algemene stellingen. Zijn er stellingen die beter passen bij jou klas? 

Pas dan de stellingen aan in de bewerkingsmodus. 
Theorie 1
Iedereen hetzelfde behandelen?
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat iedereen gelijke kansen krijgt in Nederland? 

Misschien zeg jij: "Iedereen hetzelfde behandelen.".

Maar kijk eens naar het plaatje rechts. Het plaatje zegt: "Als we iedereen hetzelfde behandelen, ontstaan juist ongelijke kansen."

Moeten we mensen die dat nodig hebben juist niet een beetje extra helpen? Dan ontstaan er eerlijke kansen voor iedereen.






Theorie 3

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Deze les hebben we geleerd wat gezondheid is. Volgende keer aan we het hebben over een gezonde leefstijl
Ben jij meer voor eerlijke of gelijke kansen?
eerlijke kansen
gelijke kansen

Slide 22 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

 Leg je antwoord
uit.

Slide 23 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

(on)gelijke kansen:

  • Met gelijkheid wordt bedoeld dat iedereen met gelijke kansen moet starten en gelijk behandeld moet worden.
  • Iedereen moet gelijk kunnen starten.
  • Vooroordelen zijn meningen die niet op feiten gebaseerd zijn. 
  • Vooroordelen kunnen bijdragen aan kansenongelijkheid.
  • Iedereen gelijk behandelen kan voor ongelijke kansen zorgen. Iedereen eerlijk behandelen kan helpen bij gelijke kansen.
Om te 
onthouden

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verwerking

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Instructie
In deze les heb je geleerd dat gelijke kansen heel belangrijk zijn. 

Toch is het soms zo dat er kansenongelijkheid is. 

In deze opdracht bedenk je drie oplossingen om kansenongelijkheid tegen te gaan.

Stap 1: Werk in groepjes van twee of drie.
Stap 2: Bedenk drie oplossingen om kansenongelijkheid tegen te gaan.
Stap 3: Noteer je oplossingen op de volgende slide. 
Stap 4: Presenteer je oplossingen aan de klas.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Dit zijn onze drie oplossingen om kansenongelijkheid tegen te gaan.

Slide 27 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Deze les hebben we het gehad over (on)gelijke kansen. De volgende les gaan we het hebben over criminaliteit en straffen.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies