5.4 FOTOSYNTHESE

LUISTER MEE & VUL IN! 
plantaardige bron
dierlijke bron
Eiwitten
Vetten
Koolhydraten
Vezels 
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

LUISTER MEE & VUL IN! 
plantaardige bron
dierlijke bron
Eiwitten
Vetten
Koolhydraten
Vezels 

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog over planten (H2)?

Slide 2 - Woordweb

Weet je nog? Planten zijn ...
  • Autotroof 
  • Doen aan fotosynthese (H2O + CO2 > C6H12O6 + O2)
  • Dit proces vindt plaats in de chloroplasten

Slide 3 - Tekstslide

FOTOSYNTHESE
  • H2O + CO2 + lichtenergie > C6H12O6 + O
  • 'Lichtgevoelig pigment' = chlorofyl (ofwel: bladgroen), dit pigment kan de energie uit zonlicht 'opvangen' en inzetten om glucose mee te maken. Voor deze opbouw is dus geen ATP nodig.

Slide 4 - Tekstslide

Wat werd er ook alweer bedoeld met een abiotische factor (onderbouw)?

Slide 5 - Open vraag

Abiotische factoren hebben invloed op de snelheid van fotosynthese:

  • hoeveelheid licht
  • de temperatuur
  • de aanwezigheid van grondstoffen in de bodem die de plant nodig heeft om chlorofyl te maken
  • de beschikbare hoeveelheid CO2 & H2

Elke abiotis
che factor heeft een optimumwaarde, de factor die het verst van deze waarde af ligt, is de beperkende factor.

Slide 6 - Tekstslide

Wat werd er ook alweer bedoeld met assimilatie (vorige les)?

Slide 7 - Open vraag

ASSIMILATIE = 
  • vb. van assimilatie is dus fotosynthese H2O + CO2 > C6H12O6 + O2
  • Planten gebruiken deze glucose als:
  • grondstof voor de voortgezette assimilatie. Dat is de opbouw van organische stoffen (zoals sacharose, zetmeel, eiwitten, cellulose, lignine, vetten en vitaminen) met de glucose van de fotosynthese. 
  • brandstof in de mitochondriën, om ATP te maken. 
  • reservestof in wortels, knollen, stengels & zaden.
het opbouwen van organische stoffen uit eenvoudige moleculen

Slide 8 - Tekstslide

BP = BRUTO 
PRODUCTIE
NP = NETTO 
PRODUCTIE
D =
NP = BP - D

Slide 9 - Tekstslide

Fotosynthese
Autotroof
Dissimilatie
Voortgezette assimilatie
BP: Bruto Productie
NP: Netto Productie

Slide 10 - Sleepvraag

Welke formule is de juiste?
A
NP = BP - D
B
NP = BP + D
C
BP = NP - D
D
D = NP - BP

Slide 11 - Quizvraag

O2-productie
  • 's nachts is er geen licht, dan vindt alleen aerobe dissimilatie plaats en wordt dus O2 verbruikt. 
  • overdag is er wél licht, dan doen planten zowel aan fotosynthese als aan aerobe dissimilatie. 
  • "DOEL": overdag meer glucose maken dan er 's nachts wordt verbruikt, dan kan de plant groeien. 

Slide 12 - Tekstslide

Wat klopt sowieso NIET over punt P?
A
Er wordt evenveel O2 geproduceerd als wordt verbruikt.
B
Het is dan een beetje schemerig.
C
Er vindt dan nauwelijks dissimilatie plaats.
D
Er vindt dan nauwelijks fotosynthese plaats.

Slide 13 - Quizvraag

COMPENSATIEPUNT
het compensatiepunt 
hier geldt: BP = D

Slide 14 - Tekstslide

Gewicht van een hoeveelheid voedsel vóór het drogen
Eenvoudige stof die vrij in de natuur voorkomt, bijv. H2O, O2 en zout. Bevat geen C-keten of CH-keten bindingen. 
De hoeveelheid organische en anorganische stof die overblijft wanneer je al het water uit een organisme haalt. 
De hoeveelheid droge stof die overblijft wanneer je al het water uit een organisme haalt. 
Stof gemaakt door een organisme, bijvoorbeeld glucose of eiwit. Bevat een C-keten en een CH-keten
Anorganische stof
Droge stof
Drooggewicht
Versgewicht
Organische stof

Slide 15 - Sleepvraag

Hoe goed heb je de uitleg van vandaag begrepen?
😒🙁😐🙂😃

Slide 16 - Poll

OKE ...  
Tijd om opdrachten te maken

OF 

Opdrachten maken samen met AKU

Slide 17 - Tekstslide

Zijn er op dit moment vragen / wat heb je nodig / moet je doen om het beter te gaan begrijpen?

Slide 18 - Open vraag