H2 Wiskunde Quiz

H1&2 Wiskunde Quiz
1 / 45
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

H1&2 Wiskunde Quiz

Slide 1 - Tekstslide

Breuken, procenten en decimale getallen

Slide 2 - Tekstslide

is hetzelfde als
21
A
2%
B
5%
C
20%
D
50%

Slide 3 - Quizvraag

is hetzelfde als
41
A
4%
B
40%
C
25%
D
20%

Slide 4 - Quizvraag

is hetzelfde als
81
A
8%
B
12,5%
C
80%
D
25%

Slide 5 - Quizvraag

24,8 % is ongeveer:
A
7/10
B
3/10
C
1/4
D
1/2

Slide 6 - Quizvraag

30,6% is ongeveer
A
7/10
B
1/2
C
3/10
D
1/4

Slide 7 - Quizvraag

wat is meer
A
40%
B
1/2

Slide 8 - Quizvraag

wat is meer
A
3/4
B
80%

Slide 9 - Quizvraag

wat is meer
A
1/4
B
4%

Slide 10 - Quizvraag

Kwadraten
Wortels
wortels
en 
machten

Slide 11 - Tekstslide


32=
A
6
B
9

Slide 12 - Quizvraag


112=
A
110
B
121

Slide 13 - Quizvraag


10002=
A
100 000
B
10 000
C
1 000 000

Slide 14 - Quizvraag


(72)2=
A
144
B
494

Slide 15 - Quizvraag


64=
A
9
B
8
C
7
D
32

Slide 16 - Quizvraag


529=
A
23
B
29
C
18
D
21

Slide 17 - Quizvraag


196=
A
13
B
12
C
14
D
15

Slide 18 - Quizvraag


649=
A
41
B
82
C
83

Slide 19 - Quizvraag


1664=
A
41
B
4

Slide 20 - Quizvraag

√5x√8
A
√40
B
2√10
C
√5x√8
D
√13

Slide 21 - Quizvraag

Kwadraten
Wortels

sleepvragen

Slide 22 - Tekstslide

A: -3-2=
B: -5x-1=
C: -1+-1=


D: 2--1=
E: 0:-4=
Sleep de letters naar de juiste plek onder de getallenlijn
A
B
C
D
E

Slide 23 - Sleepvraag

Sleep de som naar het antwoord op het meetlint
11x3
9x9+10
5x10+5
6x6
7x6
19x4

Slide 24 - Sleepvraag

Sleep de eenheden naar de juiste plek
km³
hm³
cm³
mm³
dam³
=kl
x1000
:1000

Slide 25 - Sleepvraag

Zet de eenheden uit het metriek stelsel op volgorde van groot naar klein
km
dam
cm
mm
m
hm
dm

Slide 26 - Sleepvraag

decennium
uur
millenium
eeuw
jaar
week
kwartaal
minuut
dag
1000 jaren
4 kwartalen
365 dagen
7 dagen
60 seconden
100 jaren
10 jaren
12 maanden
52 weken
13 weken
4 weken
24 uren
60 minuten
10 seconden

Slide 27 - Sleepvraag

Sleep de tekens naar de goede plek
eerst
laatst
 ( )
  x
 +
  :
  -
  x2

Slide 28 - Sleepvraag

hm
dam
m
dm
cm
mm
km

Slide 29 - Sleepvraag

hm2
ha
dam2
are
m2
dm2
cm2
mm2
km2

Slide 30 - Sleepvraag

hl
dal
l
dm3
dl
cl
ml
cm3
kl
m3

Slide 31 - Sleepvraag

hg
dag
g
dg
cg
mg
kg

Slide 32 - Sleepvraag

Pythagoras
Pythagoras

Slide 33 - Tekstslide

In welk soort driehoek kun je de stelling van Pythagoras toepassen?
A
gelijkbenige driehoek
B
gelijkzijdige driehoek
C
rechthoekige driehoek
D
elk soort driehoek

Slide 34 - Quizvraag

Sleep het juiste antwoord naar de stelling
De stelling van Pythagoras.
In elke rechthoekige driehoek geldt:
rechthoekszijde + rechthoekszijde = schuine zijde
rechthoekszijde2 + rechthoekszijde2 = schuine zijde2

Slide 35 - Sleepvraag

Zijde AC is een
A
Rechthoekszijde
B
Schuine zijde

Slide 36 - Quizvraag

Is QR een rechthoekszijde?
A
Ja
B
Nee

Slide 37 - Quizvraag

In een rechthoekige driehoek
I. Is de overstaande zijde van de rechte hoek een rechthoekszijde
II. Geldt de stelling van Pythagoras
A
Stelling I is waar Stelling II is waar
B
Stelling I is waar Stelling II is niet waar
C
Stelling I is niet waar Stelling II is waar
D
Stelling I is niet waar Stelling II is niet waar

Slide 38 - Quizvraag

welke zijden zijn de rechtshoekzijden in deze driehoek?
A
PQ en QR
B
PR en QR
C
PQ en PR

Slide 39 - Quizvraag

Wat is de stelling van Pythagoras voor deze driehoek?
A
PQ2+QR2=PR2
B
PQ2+PR2=QR2
C
PR2+QR2=PQ2
D
PR2+PQ2=QR2

Slide 40 - Quizvraag

Met de omgekeerde stelling van Pythagoras kan je:
A
Nagaan of een driehoek rechthoekig is
B
Een rechthoekszijde uitrekenen
C
De omgekeerde stelling bestaat niet

Slide 41 - Quizvraag

Bij een doorsnede:
I. zijn de randen in elk zijvlak van evenwijdige doorsneden evenwijdig
II. Van elke doorsnede zijn de randen in evenwijdige zijvlakken niet evenwijdig
A
Stelling I is waar Stelling II is waar
B
Stelling I is niet waar Stelling II is niet waar
C
Stelling I is waar Stelling II is niet waar
D
Stelling I is niet waar Stelling II is waar

Slide 42 - Quizvraag

Welke lijn is een
lichaamsdiagonaal?

A
AB
B
AG
C
AF
D
BD

Slide 43 - Quizvraag

De schuine zijde....
A
staat altijd tegenover de rechte hoek
B
ligt aan de rechte hoek

Slide 44 - Quizvraag

Wat toon ik aan met de omgekeerde stelling van pythagoras?
A
Of de driehoek een gelijkbenige driehoek is
B
Dat de schuine zijde de langste zijde is
C
of de driehoek een gelijkzijdige driehoek is
D
of de driehoek een rechthoekige driehoek is

Slide 45 - Quizvraag