Onveilige situaties

Onveilige situaties
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgingMiddelbare schoolVoortgezet speciaal onderwijsvmbo b, k, t, havo, vwoLeerroute VBLeerroute VKLeerroute VTLeerroute H

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 135 min

Onderdelen in deze les

Onveilige situaties

Slide 1 - Tekstslide

Welke ongelukken gebeuren er
in huis?

Slide 2 - Woordweb

Ongelukken in huis 
Oorzaken:

1. Onveilig gedrag
2. Onveilige omgeving
3. Onveilig materiaal

Slide 3 - Tekstslide

1. Onveilig gedrag
Bijvoorbeeld verkeerd omgaan met gas of elektriciteit.


Wist je dat  elektriciteit en water 
samen heel gevaarlijk zijn?
Dus nooit je fohn in de wasbak neerleggen! 

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Neem alles wat naar boven moet gelijk mee en laat het niet slingeren op de trap!

Slide 6 - Tekstslide

2. Onveilige omgeving 
Bijvoorbeeld kleine kinderen in huis en 

- geen traphekje bij de trap
- geen kindersluiting op kasten 

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

3. Onveilig materiaal
Bijvoorbeeld

- giftige schoonmaakmiddelen tussen de frisdrank 

Wist je dat....de meeste ongelukken in huis gebeuren???? 


Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide




Ook schoonmaken heeft te maken met veiligheid in en om het huis.

Denk maar eens aan schimmels die er kunnen ontstaan als je niet goed schoonmaakt.

Veel schoonmaakmiddelen zijn gevaarlijk als je ze niet goed gebruikt.

Er staan symbolen op.

Slide 12 - Tekstslide

Gevarensymbolen op schoonmaakmiddelen 

Slide 13 - Tekstslide

Hoe voorkom je ongelukken? 
1. Lees altijd de gebruiksaanwijzing van apparaten 
2. Gebruik alleen apparaten waarvan stekker en snoer heel zijn
3. Gebruik geen elektrische apparaten bij de douche of in bad
4. Jonge kinderen in huis? Gebruik kinderbeveiligingen

Slide 14 - Tekstslide

Kindveilige dop
Kindveilige sluiting

Slide 15 - Tekstslide

?

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Wat is er bij jou thuis gedaan om het huis veiliger te maken?

Slide 18 - Open vraag

Als er geen kindersluiting op een schoonmaakmiddel zit, is het veilig voor kinderen
A
juist
B
onjuist

Slide 19 - Quizvraag

schoonmaakmiddelen zijn alleen gevaarlijk voor kinderen
A
juist
B
onjuist

Slide 20 - Quizvraag

alleen
gas
alleen
elektriciteit
elektriciteit 
en gas
kan brand veroorzaken
kan een ontploffing veroorzaken
kan een schok veroorzaken
kun je ruiken

Slide 21 - Sleepvraag

Aan de slag!
Maak opdracht 6.1 t/m 6.4 van blok 5

Slide 22 - Tekstslide