2AH -la météo - c.1 6e ed - 8/9

timer
7:00
Pak je laptop, boek en een pen.

Exercice 1
Ga naar LessonUp. Open de LessonUp corriger en kijk je huiswerk zelfstandig na. 
Stel vragen wanneer je die hebt.
Zit je niet in de klas? Gebruik de volgende codes!
2AHA: snuit
2HA: fclhy

Exercice 2
Prends ton livre à la page 50. 
Neem de woordjes van A door.
Bonjour!
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1,4

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

timer
7:00
Pak je laptop, boek en een pen.

Exercice 1
Ga naar LessonUp. Open de LessonUp corriger en kijk je huiswerk zelfstandig na. 
Stel vragen wanneer je die hebt.
Zit je niet in de klas? Gebruik de volgende codes!
2AHA: snuit
2HA: fclhy

Exercice 2
Prends ton livre à la page 50. 
Neem de woordjes van A door.
Bonjour!

Slide 1 - Tekstslide

Planning

Uitleg werkwoordspelling 

Zelfstandig met de oefeningen aan de slag
Aujourd'hui
Lundi 8 septembre
1.  But                                
2.  La météo         
3.  Travail individuel                     
4.  Evaluation                   
But: ik ken een aantal woorden in het Frans die te maken hebben met het weer. Ik kan een kort weerbericht maken/ begrijpen.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Warming-up
Welke woorden die met het weer te maken hebben weet je al?

We maken een sleepoefening.

Slide 4 - Tekstslide

La météo: sleep het juiste weer naar het juiste plaatje.
Il fait mauvais
Il fait chaud
Il fait froid
Il fait 22 degrés

il fait beau

Slide 5 - Sleepvraag

HET OOSTEN
HET NOORDEN
HET WESTEN
HET ZUIDEN
L'OUEST
LE NORD
L'EST
LE SUD

Slide 6 - Sleepvraag

La météo: sleep het juiste weer naar het juiste plaatje.
Il neige
Il y a du soleil
Il pleut
Il fait -5 degrés

Il y a du vent


Slide 7 - Sleepvraag

Slide 8 - Tekstslide

Il fait chaud

Il a fait chaud

Wat is het verschil?!

Slide 9 - Tekstslide

La météo en France
Schrijf onderstaande steden op in je schrift.
1. Paris
2. Rennes
3. Strasbourg
4. Nice
5. Toulouse
6. Lyon

Noteer tijdens het luisteren wat voor weer het in deze steden is en wat de temperatuur is.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

La météo aux Pays-Bas
Op de volgende dia vind je een kaart van Nederland.
Jullie bereiden een kort weerbericht voor in het Frans. 
Het is tijdens jouw weerbericht dinsdag. Dit betekent dat de maandag in de verleden tijd komt te staan. Dinsdag en woensdag vertel je dus in de tegenwoordige tijd.


Benoem de dag, het weertype (zonnig, regen, etc) en hoeveel graden het wordt.  Per dag, bespreek je voor twee plekken in NL het weer, dus... 3 dagen x 2 plaatsen = 8 weer berichten
Example: Lundi, à Leeuwarden, il a fait douze degrés et il a fait du vent. (maandag was het 12 graden in Leeuwarden en waaide het)


Bereid jullie weerbericht voor door het uit te schrijven
timer
7:00

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

La météo
Lundi
Mardi
Mercredi

Slide 14 - Sleepvraag

Les devoirs
               Faire (maken): x

               Apprendre (leren):                           woordjes A FN
               
              Faire (maken): schrijf het weerbericht voor donderdag en vrijdag
          
             Apprendre (leren):  Zinnen C NF

               Lire (lezen): p. 53 bron D

Slide 15 - Tekstslide

Evaluation
But: 
ik ken een aantal woorden in het Frans die te maken hebben met het weer. 

Ik kan een kort weerbericht maken/ begrijpen.

Slide 16 - Tekstslide

La météo: sleep het juiste weer naar het juiste plaatje.
Il fait mauvais
Il fait chaud
Il fait froid
Il fait 22 degrés

il fait beau

Slide 17 - Sleepvraag

La météo: sleep het juiste weer naar het juiste plaatje.
Il neige
Il y a du soleil
Il pleut
Il fait -5 degrés

Il y a du vent


Slide 18 - Sleepvraag

Slide 19 - Tekstslide