3. Criminaliteit en opsporing




Rechtsstaat



3. Criminaliteit en opsporing
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les




Rechtsstaat



3. Criminaliteit en opsporing

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In Nederland bestaat de trias politica.
De trias politica betekent

A
de invloed van politieke partijen
B
de mensenrechten en plichten.
C
de scheiding van de politieke macht.
D
vrije en geheime verkiezingen.

Slide 2 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het legaliteitsbeginsel?
A
Naast rechten hebben we ook plichten.
B
Je kan niet twee keer worden vervolgd.
C
Iedere handeling van de overheid moet gebaseerd zijn op een wet.
D
De overheid kan ook strafbaar zijn.

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het legaliteitsbeginsel kun je niet herkennen aan
A
Strafbaarheid
B
Ne-bis-in-idem-regel
C
Strafmaat
D
Onafhankelijke rechters

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Aan het eind van deze presentatie kun je herkennen en uitleggen...
- aan welke regels politie en justitie zich moeten houden bij opsporing van criminaliteit

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het verschil tussen een misdrijf en een overtreding?

Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Misdrijven en overtredingen. 


  • Misdrijven: ernstig strafbare feiten (diefstal, mishandeling, moord, rijden onder invloed) + maximale straf is levenslang + altijd een strafblad.
  • Overtredingen: minder ernstige strafbare feiten (fietsen zonder licht, wildplassen, vandalisme) + maximale straf is één jaar + strafblad hangt af van strafbare feit en hoogte van de straf.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Criminaliteit & crimineel




Criminaliteit
: alle misdrijven die in de wet staan. Onder een crimineel verstaan wij meestal personen die van misdaad hun beroep hebben gemaakt, maar officieel ben je al een crimineel vanaf de eerste keer het plegen van een misdrijf. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Misdrijven opsporen


  1. Politie verzamelt informatie. Alle gegevens worden verzameld in het proces-verbaal. Officier van Justitie heeft de leiding.
  2. Na afronding van het opsporingsonderzoek heeft de Officier van Justitie 3 mogelijkheden: seponeren, de zaak zelf afdoen (OM-zitting) of naar de rechter gaan. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer mag de politie jou fouilleren of aanhouden?

Slide 10 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Opsporingsbevoegdheden 
  • Je kunt alleen aangehouden of gefouilleerd worden als er een redelijk vermoeden bestaat dat jij de wet overtreed.
  • Pas dan mag de politie gebruik maken van dwangmiddelen (opsporingsbevoegdheden). Dan is er ook sprake van een verdachte
  • Bij het staande houden moet een verdachte zijn ID-bewijs laten zien.
  • Bij een aanhouding (arrestatie) ga je mee naar het politiebureau.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toestemming bij dwangmiddelen
Wanneer het optreden van politie de grondrechten van mensen aantast moet er eerst toestemming komen van een rechter-commissaris of van de officier van justitie. 
  • Binnengaan van een woning + huiszoekingsbevel.
  • Afluisteren van telefoongesprekken + aftappen internetverkeer.
  • Preventief fouilleren (veiligheidsrisicogebieden) 
  • Verdachte langer dan 9 uur vasthouden (mag 2 keer 3 dagen verlengd worden).
  • Infiltratie in misdaadorganisaties., uitlokken is niet toegestaan.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Officier van justitie
Nadat het opsporingsonderzoek is afgerond beslist de OvJ over het vervolg.
  • Seponeren: afzien van verdere rechtsvervolgin (onvoldoende bewijs, een licht strafbaar feit of de verdachte is voldoende gestraft).
  • Transactie of strafbeschikking: transactie: betalen van een geldbedrag of een taakstraf. Strafbeschikking: OM legt zelf een straf op, je bent sowieso schuldig.
  • Vervolgen: zaak gaat naar de rechter.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


 Misdrijf of overtreding?
A
Misdrijf
B
Overtreding

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Overtreding of misdrijf?
A
Overtreding
B
Misdrijf

Slide 15 - Quizvraag

Het bezit van vuurwapens is in Nederland verboden. (Tenzij je een vergunning hebt om een vuurwapen te hebben, maar die hebben alleen politie mensen of mensen van een schietvereniging onder speciale omstandigheden.) Omdat je grote schade kan aanrichten met een vuurwapen is het een misdrijf om deze te dragen. Je moet dan altijd naar de rechter.

 Misdrijf of overtreding?
A
Misdrijf
B
Overtreding

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


 Misdrijf of overtreding?
A
Misdrijf
B
Overtreding

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Misdrijf of overtreding?
Door rood rijden
A
Misdrijf
B
Overtreding

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Overtreding of misdrijf?
A
Overtreding
B
Misdrijf

Slide 19 - Quizvraag

Dit is een foto van de avondklok rellen (2021) in Eindhoven. Jongeren vernielen hier vele spullen en gooien stenen naar de politie. Dat is een misdrijf.
Misdrijf of overtreding?
Je rijdt dronken op je brommer

A
misdrijf
B
overtreding

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Misdrijf of overtreding?
Je rijdt 50 km per uur op opgevoerde brommer

A
misdrijf
B
overtreding

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Misdrijf of overtreding?
Fiets stelen
A
Misdrijf
B
Overtreding

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Misdrijf of overtreding?
Je rijdt op je 15de op een brommer

A
misdrijf
B
overtreding

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies