HV3 - 3 juni

VUL AAN: 
Je wilt naar het postkantoor lopen. Degene die de route uitlegt, zegt: "C'est simple, tu vas ... ... ... ... ... ."
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

VUL AAN: 
Je wilt naar het postkantoor lopen. Degene die de route uitlegt, zegt: "C'est simple, tu vas ... ... ... ... ... ."

Slide 1 - Tekstslide

Je wilt naar het postkantoor lopen. Degene die de route uitlegt, zegt: "C'est simple, tu vas ... ... ... ... ... ."
A
à gauche
B
à droite
C
tout droit
D
tourner

Slide 2 - Quizvraag

VUL AAN: 
Je wilt naar de winkel Cerise et Potiron lopen. Degene die de route uitlegt, zegt: 
"Tu prends la première rue ... ... ... ... ... ."

Slide 3 - Tekstslide

Je wilt naar de winkel lopen. Degene die de route uitlegt, zegt:
"Tu prends la première rue ... ... ... ... ... ."
A
à gauche
B
à droite
C
tout droit
D
continuer

Slide 4 - Quizvraag

VUL AAN: 
Vanaf de parkeerplaats loop je naar de prachtige Pont Morand om er een foto te maken: "Je tourne ... ... ... ... ... pour aller au pont."

Slide 5 - Tekstslide

Vanaf de parkeerplaats loop je naar de Pont Morand: "Je tourne ... ... ... ... ... pour aller au pont."
A
à gauche
B
à droite
C
tout droit
D
continuer

Slide 6 - Quizvraag

Prends la troisième rue à gauche. C'est un grand boulevard. Traverse le boulevard et prends la deuxième rue à droite. C'est la rue Alphonse Daudet.

Slide 7 - Tekstslide

Leg de route uit vanaf de brug.
Schrijf hele zinnen.

Slide 8 - Open vraag

Welke antwoorden zijn mogelijk?

Tu fais du sport ?
A
Oui, je joue au foot.
B
Oui, elle fait du kickboxing.
C
J'aime regarder le Tour de France.
D
Non, je ne fais pas de sport.

Slide 9 - Quizvraag

Geef antwoord op de vraag:

Tu fais du sport ?

Slide 10 - Open vraag

Welk antwoord past bij deze vraag:

Comment s'appellent tes parents ?
A
Ils s'appellent Isa et Adam.
B
Ils habitent à Amsterdam.
C
J'ai un frère et une soeur.
D
Et toi, comment tu t'appelles ?

Slide 11 - Quizvraag

Beschrijf in twee zinnen een vriend of een familielid: naam, leeftijd of waar hij/zij woont

Slide 12 - Open vraag

- OPDRACHT -
- Ga naar de Classroom 
- Maak de opdracht (3 juni) 
- Lever de opdracht in voor feedback
( V E R P L I C H T )

Slide 13 - Tekstslide