Wat is LessonUp
Lesbibliotheek
Kanalen
aiToolsTab
Inloggen
Start gratis
‹
Terug naar zoeken
WRA Categorie A toets 1
Hoe dient de bestuurder van een motorfiets het schakelpedaal te bedienen?
A
Vlot en rustig.
B
Vlot en rustig en voet in de basispositie.
C
Vlot en rustig en voet in de basispositie tenzij meteen geschakeld moet worden.
1 / 20
volgende
Slide 1:
Quizvraag
Rijopleiding
Beroepsopleiding
In deze les zitten
20 slides
, met
interactieve quizzen
.
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Onderdelen in deze les
Hoe dient de bestuurder van een motorfiets het schakelpedaal te bedienen?
A
Vlot en rustig.
B
Vlot en rustig en voet in de basispositie.
C
Vlot en rustig en voet in de basispositie tenzij meteen geschakeld moet worden.
Slide 1 - Quizvraag
Hoe is remverdeling voor wat betreft de achter- en voorrem?
A
20% achterrem.
B
80% achterrem en 20% voorrem.
C
50% achterrem en 50% voorrem.
Slide 2 - Quizvraag
Wat is het verschil tussen een radiaal- en diagonaal band?
A
Radiaal lopen de koordlagen anders dan bij diagonaal.
B
Zowel bij radiaal en diagonaal lopen de koordlagen van wang tot wang.
C
Ingeval van radiaalbanden zijn deze stroever.
Slide 3 - Quizvraag
Waarom wordt een diagonaalband toegepast aan een motorfiets?
A
Alleen loopvlak wordt gebruik bij een motor.
B
Loopvlak alsmede wangen wordt gebruikt van de banden.
C
Radiale banden zijn niet geschikt daar deze stroever zijn.
Slide 4 - Quizvraag
Welke vloeistoffen dient de bestuurders dagelijks te controleren?
A
Remvloeistof, koelvloeistof en motorolie, olie van de voor en achtervering, brandstof.
B
Brandstof, rem vloeistof en motorolie.
C
Motorolie, accuvloeistof en versnellingsbakolie.
Slide 5 - Quizvraag
Welke vloeistof dient de bestuurder wekelijks of maandelijks te controleren?
A
Remvloeistof.
B
Koelvloeistof.
C
Brandstof.
Slide 6 - Quizvraag
Welke vloeistoflijn mag afwijken?
A
Koelvloeistof.
B
Motorolie.
C
Remvloeistof.
Slide 7 - Quizvraag
Snelheid in een bocht wordt begrensd door;
A
Middelpuntvliedende kracht.
B
Wrijvingskracht.
C
Aandrijfkracht.
Slide 8 - Quizvraag
Je ziet 2 afbeeldingen van een motorfietsen. Welke voertuig heeft een grotere balhoofdhoek?
A
Een chopper.
B
Een buikschuiver.
C
Beide hebben dezelfde
Slide 9 - Quizvraag
Hoelang is een theoriecertificaat geldig van categorie A?
A
6 maanden.
B
1 jaar.
C
1,5 jaar.
Slide 10 - Quizvraag
In welke geval is de leerling niet verplicht het theorie-examen succesvol te hebben afgerond?
A
Ingeval van examen AVB.
B
Ingeval van examen AVD.
C
Rijles, singel.
Slide 11 - Quizvraag
Indien AVB succesvol is afgerond, binnen hoeveel tijd dient men AVD af te ronden?
A
Binnen 6 maanden.
B
Binnen een 1 jaar.
C
Binnen 1,5 jaar.
Slide 12 - Quizvraag
Ingeval van hoeveel millimeter moet men de band van een motorfiets vervangen?
A
1 mm
B
2 mm
C
3 mm
Slide 13 - Quizvraag
In welke bocht moet men zoveel mogelijk rechts rijden?
A
In een onoverzichtelijke linkse bocht.
B
In een onoverzichtelijke rechts bochten.
C
In onoverzichtelijke bochten.
Slide 14 - Quizvraag
Hoe moet een motorfiets worden geplaatst?
A
Tegen een gevel.
B
Afgesloten tegen een vast voorwerp.
C
Zijstandaard of middenstandaard.
Slide 15 - Quizvraag
Hoeveel bijzondere verrichtingen moet de kandidaat uitvoeren tijdens het CBR examen?
A
In totaal 7.
B
In totaal 4.
C
In totaal 12.
Slide 16 - Quizvraag
Wat is over het algemeen plaats op de weg van een motorrijder?
A
Midden of iets links van het midden, zodat motorvoertuigen op meer dan 2 wielen je niet kunnen voorbij rijden.
B
Midden van de rijbaan zodat motorvoertuigen je niet kunnen inhalen.
C
Zoveel mogelijk links van de rijbaan zodat motorvoertuigen op meer dan 2 wielen je niet kunnen inhalen.
Slide 17 - Quizvraag
Wie zijn in deze reeks de meest kwetsbare weggebruikers?
A
Voetgangers, fietsers, bromfietsers en motorfietserd.
B
Alle weggebruikers, die geen airbag, kooiconstructie en kreukelzone hebben
C
Kinderen, ouderen, gehandicapten.
Slide 18 - Quizvraag
In welke bochten gebruik je de achterrem om de motor onder controle te houden?
A
Linkse bochten.
B
Haakse bochten.
C
Rechtse bochten.
Slide 19 - Quizvraag
Wat moet de naderingssnelheid zijn in geval van een kruispunt?
A
Dat de bestuurder te allen tijde kan voldoen aan de voorrangsverplichting.
B
Dat de bestuurder rekening mee kan houden met de draaicirkel van grote voertuigen.
C
Dat de bestuurder tijdig kan stoppen indien noodzakelijk.
Slide 20 - Quizvraag
Meer lessen zoals deze
Het koloniale verleden van de Herengracht
February 2026
-
25 slides
Geschiedenis
Middelbare school
vmbo t, mavo, havo, vwo
Leerjaar 3-6
Grachtenmuseum
Uitleg: The Underground
February 2019
-
3 slides
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Later als ik groot ben - Metrobestuurder
January 2026
-
18 slides
newEditor
Beroepsoriëntatie
Burgerschapskunde
Basisschool
Groep 6-8
Later als ik groot ben
Stadswandeling Parijs
January 2022
-
48 slides
Frans
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Dé Schoolreisgids
Zomerquiz 2026 vo
June 2026
-
30 slides
newEditor
Mentorles
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 1-6
Schoolblocks
Stadswandeling (Mala Strana en Hradcany) Praag
November 2019
-
54 slides
Middelbare school
vmbo, mavo, havo, vwo
Leerjaar 3-6
Dé Schoolreisgids
Casus - Operation Jeedara (Basisschool)
April 2023
-
13 slides
Social science
Science
Basisschool
Groep 5-8
SEA SHEPHERD
3. Rijk en arm in de Gouden Eeuw
May 2023
-
27 slides
Geschiedenis
Middelbare school
vmbo k, g, t, mavo
Leerjaar 2
Geschiedenisleraar.nl