telefoon thuis of in de kluis (of voor mij tot 16:10)
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & NatuurMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1
In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Lesduur is: 40 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Welkom klas 1A
Jas buiten aan de kapstok
pak je laptop
aantekening schrift op je tafel
tas op de grond
telefoon thuis of in de kluis (of voor mij tot 16:10)
Slide 1 - Tekstslide
fases en faseovergangen
Ik kan de drie verschillende fases waarin een stof zich kan bevinden benoemen.
Ik kan op molecuul niveau uitleggen wat moleculen doen in bepaalde fases.
Ik kan de 6 verschillende faseovergangen benoemen.
Ik kan op molecuul niveau uitleggen wat voor verschillende mengsels er zijn.
Slide 2 - Tekstslide
3 fases
Vast fase
De vaste fase is wanneer de stof het "koudst" is. <div>De stof is dan nog niet voorbij het smeltpunt. </div><div>Bij de stof ijs is het smeltpunt 0 graden celsius. onder 0 graden is de stof dus altijd vast.</div>
vloeibare fase
Wanneer een stof in de vloeibare fase is, is de stof al voorbij het smeltpunt. De stof is dan tussen het smelt- en het kookpunt in. <div>Water is al voorbij het smeltpunt ( 0 graden celsius) maar nog niet voorbij het kookpunt (100 graden celsius).</div>
Gas fase
Wanneer een stof in de gas fase is is de stof al voorbij het kookpunt. in het geval van water is het dus al meer dan 100 graden celsius. Als een stof een gas is is het dus ook op zijn "warmst".
Slide 3 - Tekstslide
Vaste fase
vloeibare fase
Gas fase
Een tafel
Een scheetje
Frisdrank
yoghurt
Een laptop
lucht verfrisser
Pindakaas
Prik in frisdrank
Slide 4 - Sleepvraag
In welke fase is vanille-ijs in de vriezer?
A
Vast
B
Vloeibaar
C
Gas
Slide 5 - Quizvraag
In welke fase is de lucht om ons heen?
A
Vast
B
Vloeibaar
C
Gas
Slide 6 - Quizvraag
In welke fase is een glas?
A
Vast
B
Vloeibaar
C
Gas
Slide 7 - Quizvraag
Slide 8 - Video
6 fase overgangen
Vast fase
Van de vloeibare fase naar de vaste fase (d) word stollen genoemd.<div>Van de gas fase naar de vaste fase (b) word rijpen genoemd.</div>
vloeibare fase
Van de vaste fase naar de vloeibare fase (e) word smelten genoemd.<div>Van de gas fase naar de vloeibare fase (f) word condenseren genoemd.</div>
Gas fase
Van de vloeibare fase naar de gas fase (g) word verdampen genoemd.<div>Van de vaste fase naar de gas fase (c) word sublimeren genoemd.</div>
Slide 9 - Tekstslide
Stollen
Rijpen
Verdampen
Sublimeren
Smelten
Condenseren
Slide 10 - Sleepvraag
Welke faseovergang heeft plaats gevonden als je op het raam ademt en er verschijnen daar druppels.
A
Condenseren
B
Smelten
C
Stollen
D
Verdampen
Slide 11 - Quizvraag
Als je water kookt voor thee komt er stoom van het water af. Welke fase overgang is dat?
A
Rijpen
B
Stollen
C
Smelten
D
Verdampen
Slide 12 - Quizvraag
Als je een ijsje eet veranderd het ijs langzaam in een vloeistof. Hoe heet deze fase overgang?
Emulsie: bestaat uit twee vloeistoffen die niet in elkaar kunnen oplossen,troebel of gekleurd.
Suspensie: een vaste stof in een vloeistof, kleine deeltjes zweven, lost niet op
Slide 16 - Tekstslide
Toch mengen..
Als je toch twee vloeistoffen wilt mengen die vanzelf niet mengen moet je een derde stof toevoegen: Emulgator
Het soort mengsel dat dan ontstaat is troebel en heet een emulsie.
Zeep is zo'n stof die ervoor kan zorgen dat er stoffen wel kunnen mengen die in eerste instantie niet kunnen mengen.
Mayonaise is een voorbeeld van een emulsie.
Slide 17 - Tekstslide
3 fases
Vaste fase
De vaste fase is de fase waarin een stof in vaste vorm verkeert.<div><br></div><div>De temperatuur van de stof ligt dan onder het smeltpunt. </div><div><br></div><div>Bij ijs is het smeltpunt 0 °C. Onder 0 °C is water dus in de vaste fase.</div>
Vloeibare fase
Wanneer een stof in de vloeibare fase is, ligt de temperatuur boven het smeltpunt en onder het kookpunt.<div><br></div><div>Water is bijvoorbeeld boven het smeltpunt van 0 °C, maar nog niet boven het kookpunt van 100 °C. </div><div><br></div><div>Tussen 0 °C en 100 °C is water dus vloeibaar.</div>
Gas fase
Wanneer een stof in de gasfase is, ligt de temperatuur boven het kookpunt.<div><br></div><div>Bij water is dat boven de 100 °C. Water is dan in de gasfase en noemen we het waterdamp.</div><div><br></div><div>Een stof in de gasfase heeft dus een hogere temperatuur dan wanneer de stof vloeibaar of vast is.</div>
Slide 18 - Tekstslide
Fases
Stoffen kunnen in 3 fases verschijnen:
- Vast
- Vloeibaar
- Gas
Slide 19 - Tekstslide
Wat gebeurt er met gasvormige stoffen?
A
Ze kunnen niet samengeperst worden.
B
Ze zijn altijd koud.
C
Ze zijn altijd zichtbaar.
D
Ze kunnen wegvliegen.
Slide 20 - Quizvraag
Wat is een eigenschap van vloeistoffen?
A
Ze nemen de vorm van hun container aan.
B
Ze zijn altijd koud.
C
Ze zijn altijd zichtbaar.
D
Ze kunnen niet stromen.
Slide 21 - Quizvraag
Kunnen stoffen van fase veranderen?
A
Ja
B
Nee
Slide 22 - Quizvraag
Als ijs smelt, gaat ijs over in de
A
fase
B
vaste fase
C
vloeibare fase
D
gasvormige fase
Slide 23 - Quizvraag
Moleculen willen het meest bewegen in de...
A
Vloeibare fase
B
Gasfase
C
Vaste fase
Slide 24 - Quizvraag
De waterdamp die van de waterkoker afkomt, is water in de...
A
Vloeibare fase
B
Gasfase
C
Vaste fase
Slide 25 - Quizvraag
Smeltpunt en kookpunt
Onder het smeltpunt = vaste fase
Tussen smelt- en kookpunt = vloeibare fase
Boven het kookpunt = gasvormige fase
Slide 26 - Tekstslide
Fase-driehoek
verdampen
condenseren
stollen
smelten
rijpen
vervluchtigen
/ sublimeren
Vast (s)
Vloeibaar (l)
gas (g)
Slide 27 - Sleepvraag
Wat zorgt er voor dat water van fase kan veranderen?
Slide 28 - Open vraag
Rijpen is de fase-overgang van
A
vast --> vloeibaar
B
vloeibaar --> gas
C
vast --> gas
D
gas --> vast
Slide 29 - Quizvraag
Welke fase zie je hier?
A
Vast
B
Gasvormig
C
Vloeibaar
Slide 30 - Quizvraag
In welke fase trillen de moleculen op een vaste plaats?
A
De vloeibare fase
B
De gas fase
C
De vaste fase
Slide 31 - Quizvraag
Wat is de fase van water als het 105°C is?
A
Vast
B
Vloeibaar
C
Gas
Slide 32 - Quizvraag
Kwik heeft een smeltpunt van -39°C en een kookpunt van 357°C. Welke fase heeft kwik als het 30 °C is?