Welvaart 4.1 t/m 4.7

Welkom
6 vwo ECONOMIE  ||  2026-2027
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Welkom
6 vwo ECONOMIE  ||  2026-2027

Slide 1 - Tekstslide

In een situatie van laagconjunctuur houdt anticyclisch conjunctuurbeleid in dat ...
A
de overheid minder gaat besteden
B
de overheid meer gaat besteden
C
de overheid de belastingen verlaagt
D
de overheid de belastingen verhoogt

Slide 2 - Quizvraag

Bij hoogconjunctuur in Nederland bestaat het anticyclisch overheidsbeleid uit:
A
het verlagen van de belastingen en bestedingen.
B
het verhogen van de belastingen en bestedingen
C
het verlagen van de belastingen en het verhogen van de bestedingen
D
het verhogen van de belastingen en het verlagen van de bestedingen

Slide 3 - Quizvraag

Leg uit dat wat het gevolg is van anticyclisch beleid in laagconjunctuur op het overheidssaldo.

Slide 4 - Open vraag

Wie is het aanbod van arbeid?
A
Werklozen
B
Vacatures
C
Werkgevers
D
Jongeren

Slide 5 - Quizvraag

De ___________________ naar arbeid en het aanbod van arbeid noem je samen de

___________________ . 

Je spreekt van een  ___________________ arbeidsmarkt als het ___________________ 

groter is dan de vraag naar arbeid. 

Is het aanbod van arbeid kleiner dan de vraag naar arbeid dan spreek je van een 

 ___________________  arbeidsmarkt.
Arbeidsmarkt
Krappe
Ruime
Aanbod
Vraag

Slide 6 - Sleepvraag

De arbeidsmarkt
Aanbod van arbeid
  • De beroepsbevolking (alle werknemers en zelfstandigen die betaald werk verrichten).
  • De werklozen
De vraag naar arbeid
  • Vervulde arbeid (werkgelegenheid) & vacatures. 

Slide 7 - Tekstslide

Leg uit dat er in Nederland meer personen werken dan dat er banen zijn.

Slide 8 - Open vraag

Omvang van arbeid wordt bepaald door:
  • Hoogte lonen
  • Wettelijke factoren (leerplicht, AOW gerechtigd)
  • Demografische factoren (bevolkingsomvang, leeftijd, emigratie en immigratie).
  • Cultureel bepaalde factoren (traditie, sociale acceptatie, verdeling huishouden)
  • Institutionele factoren (overheidsbeleid)

Slide 9 - Tekstslide

Werkgelegenheid
Werkgelegenheid = BBP : arbeidsproductiviteit

  • Reageert traag op ontwikkelingen in het bbp. Niet meteen verhogen/verlagen als dat nodig is. 

Slide 10 - Tekstslide

Arbeidsmarkt
Krappe arbeidsmarkt
Ruime arbeidsmarkt
  • Werkloosheid

Slide 11 - Tekstslide

Leg uit dat we in laagconjunctuur te maken hebben met conjuncturele werkloosheid.

Slide 12 - Open vraag

Structurele werkloosheid
Frictiewerkloosheid
  • 3 maanden, het duurt even om een nieuwe baan te vinden. 
Hoogte en voorwaarden van werkloosheidsuitkeringen
  • Meer tijd nemen om een passende baan te vinden.
Dynamiek op de arbeidsmarkt
  • Banen verdwijnen en nieuwe banen --> aanpassen kost tijd. 
Te hoge loonkosten per eenheid product
  • Hierdoor daalt de vraag naar arbeid. 
  • Minimumlonen, machtige vakbonden of hoge belastingtarieven op arbeid. Nominale lonen zullen niet dalen (loonmatiging). 

Slide 13 - Tekstslide

Leg uit wat er gebeurt met de arbeidsinkomensquote als de arbeidsproductiviteit en de lonen met hetzelfde percentage stijgen?
De arbeidsinkomensquote blijft gelijk. 
Het bbp neemt toe door de stijging van de arbeidsproductiviteit.
De kosten van arbeid met het percentage van de lonen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze week
4.1 en 4.2
4.4
4.6
4.12 en 4.13

En leer de begrippen!

Slide 15 - Tekstslide