1.1 Organismen *

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.

Slide 1 - Tekstslide

Pak een wisbordje en ga klaar zitten voor de les.
timer
2:00

Slide 2 - Tekstslide

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.

Slide 3 - Tekstslide

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.
timer
3:00
Pak een wisbordje en ga klaar zitten voor de les.

Slide 4 - Tekstslide

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.
Pak een wisbordje en ga klaar zitten voor de les.

Slide 5 - Tekstslide

Bij welk nieuwsbericht hoort onderstaande foto? Schrijf het antwoord op het wisbordje.
timer
2:00

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Maken: Paragraaf 1.1 opdracht 1 t/m 7

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Lesdoel
Aan het einde van de les:
  • kun je uitleggen wat een organisme is. 
  • kun je de zeven levenskenmerken noemen.
  • kun je onderscheiden of iets levend, dood of levenloos is. 

Slide 10 - Tekstslide

Organismen

 Biologie gaat over organismen.
Een organisme is een levend wezen. Mensen, dieren en planten zijn organismen, net als bacteriën en schimmels. Alle organismen hebben levenskenmerken.
Door levenskenmerken weet je of iets levend is, en dus een organisme.
Een steen heeft geen levenskenmerken. Een steen is dus geen organisme.




Slide 11 - Tekstslide

Levenskenmerken
kernmerken waardoor je weet of iets leeft.  

De zeven levenskenmerken zijn:
ademhalen - voeden - uitscheiden -waarnemen - bewegen - voortplanten - groeien


Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Levend, dood of levenloos
levend: wanneer een organisme levenskenmerken heeft. 

dood: als een organisme geen levenskenmerken meer heeft. 

levenloos: dingen in de natuur die nooit hebben geleefd. 

Slide 14 - Tekstslide

Wat moet je doen? 
Maak opdracht 1 t/m 7 in het werkboek. 



timer
15:00
Gedrag:
Je werkt met jouw buur fluisterend aan de opdrachten. 

Slide 15 - Tekstslide

Lesafsluiting
Wat hebben we vandaag geleerd?
kun je uitleggen wat een organisme is. 
kun je de zeven levenskenmerken noemen.
kun je onderscheiden of iets levend, dood of levenloos is. 

Vertel aan jouw buur:

Wat is een organisme?
Noem 2 levenskenmerken
Vertel het verschil tussen levend, dood en levenloos.

Slide 16 - Tekstslide

timer
5:00

Slide 17 - Tekstslide