Verwerkingsles pre-teaching

Week 6
Verwerkingsles niveau A

1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
Begrijpend lezenBasisschoolGroep 4-8

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Introductie

Verwerkingsles pre-teaching - niveau A

Onderdelen in deze les

Verwerkingsles pre-teaching

Week 6
Verwerkingsles niveau A

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




              Lesdoelen
Deze les leer je de volgende nieuwe woorden:
losbarsten
uitbreken
de non-fictie
zich
vervelen
de
verveling
fantaseren
de spanning
de fictie

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lees het artikel Carnavalsknaller: boerenkool-met-worst-vlaai hieronder.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Wie heeft er gelijk?
Als je je verveelt, weet je wat je moet doen.
Als je je verveelt, weet je niet wat je moet doen.
A
Springende Scoop
B
Scoop met armen open

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Welk woord staat hier?
s = f
k = c
+
- n

Slide 5 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat betekent fictie?
A
verzonnen wereld
B
Niet verzonnen, werkelijkheid

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


In welke zin is het woord losbarsten goed gebruikt?
A
Het feest barstte los, iedereen begon ineens te dansen.
B
Het feest barstte los, iedereen ging langzaam naar huis.

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Welk woord staat hier?

Slide 8 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat betekent verveling?
A
Een niet prettig gevoel waardoor de tijd heel lang lijkt te duren.
B
Een niet prettig gevoel waardoor de tijd heel snel lijkt te gaan.

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Is de onderstaande zin WAAR of NIET WAAR?
Fantaseren en uitbreken betekent hetzelfde.
A
WAAR
B
NIET WAAR

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Vul de lege plekken in. Kies uit: non-fictie en spanning.

Dat boek gaat over dingen die echt gebeurd zijn,
het is … Er zit veel …in het boek. Daardoor voel ik opwinding. 

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Heb ik de lesdoelen behaald?
Ik begrijp de moeilijke woorden:
losbarsten
uitbreken
de spanning
de verveling
zich vervelen
de fictie
de non-fictie
fantaseren


Slide 12 - Tekstslide

Terugkoppeling lesdoelen
Bespreek samen met uw leerlingen of jullie de lesdoelen hebben behaald.

Tot de volgende keer!

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies