Les 38.2 - §12.3 Energie en spanning

§12.3 Energie en spanning
Lesplanning:
  1. Uitleg elektrische energie
  2. Starten met opgaven §12.3
  3. Afsluiting: 
    vragen huiswerk
Feestcommisie
1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

§12.3 Energie en spanning
Lesplanning:
  1. Uitleg elektrische energie
  2. Starten met opgaven §12.3
  3. Afsluiting: 
    vragen huiswerk
Feestcommisie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel:
Je kan elektrische energie als vorm van potentiële energie gebruiken. En je kan de formule voor elektrische energie en de eenheid elektronvolt uitleggen. 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Elektrische energie = potentiële energie

Slide 3 - Tekstslide

  • De elektrische veldlijnen geven in elk punt van de ruimte de richting aan van de kracht op een positieve lading in dat punt.
  • De veldlijnen dichtheid geeft aan hoe sterk het elektrische veld in elk punt is.
Veldlijnen snijden elkaar nooit. 

ΔEe=ΔEk
Deeltjes versnellen
m.b.v. een versnelspanning

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Röntgenbuis
In een röntgenbuis worden elektronen versneld. Tussen de kathode (negatief) en de anode (positief) zorgt het elektrisch veld voor een kracht op de elektronen die daardoor versneld worden.  
Waarom vacuüm?

Slide 5 - Tekstslide

Waarom vacuüm?
Des te groter de snelheid waarmee de fotonen de anode bereiken, des te groter de fotonenergie van de röntgenstraling.
Hoe kan je deeltjes een grotere versnelling geven?

Slide 6 - Open vraag

Uitleggen m.b.v. formule op de volgende dia.
Ee(J)=q(C)U(V)
Ee(eV)=qelektron(C)U(V)
Elektrische energie
1 eV = 1,602*10⁻¹⁹ J

Slide 7 - Tekstslide

Berekenen: 1 eV = … J 

E = q * U = 1,602*10⁻19 * 1 = 1,602*10⁻19 J
Röntgenbuis
Ee=ΔEk=Ef
Ef=λhc

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeldopgave
Twee metalen platen bevinden zich 6,0 cm van elkaar. Op één van de platen bevindt zich een elektron. Tussen de platen wordt een spanning van 1,2 kV gezet waardoor tussen de platen een homogeen elektrisch veld ontstaat.

  1. Bereken de snelheid waarmee het elektron de andere plaat bereikt. 
  2. Bereken de gemiddelde kracht die tijdens het versnellen op het elektron werkt.
  3. Bereken de veldsterkte tussen de platen.

Slide 9 - Tekstslide

E = elektrisch veld (C), U = spanningsverschil tussen de platen (V), d = afstand tussen de platen (m)

A. Ee = Ek q•U = 1/2mv2 1,602*10-19•1200 = 1/2 • 9,109*10-31•v2 v = 6,5 *10^7 m/s

B. Ek = W = Fel • s 1/2 • 9,109*10-31• (2,1•107 )2 = Fel • 0,06 Fel = 3,2•10-14 N

C. E = Fel/q = 3,3•10-15 / 1,602*10-19 = 2,1 •104 N/C

D. W = ∆Eel
    Fel • d = q • U          Fel = E • q
     E•q•d = q•U
     E = U / q
Voor de grote van de veldsterkte in een homogeen veld tussen twee platen geldt de formule E = ∆U / d.

4.  Leid deze formule af uit o.a. de formules
      voor elektrische veldsterkte en verrichte
     arbeid.
timer
4:00

Slide 10 - Tekstslide

E = F / q

E_e =  W  
q * U = F * s
q * U = E * q * s
U = E * s
E = U / s = U /d
Aan de slag
§12.3 opgave (26), 27, (28), 29, 30, 31*, 32, 33 en 34
Volgende les is er tijd om de opgaven af te ronden.
timer
7:00
Start met 7 minuten in stilte.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies