Herhalingsles paragraaf 1 t/m 5 hoofdstuk 4

Herhaling hoofdstuk 4

Wikken en wegen

1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
newEditorEconomiePraktijkonderwijsLeerjaar 3

In deze les zitten 50 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Herhaling hoofdstuk 4

Wikken en wegen

Hoe ziet de les eruit:

  • Herhaling paragraaf 1 en 2

  • Opdrachten maken

Paragraaf 1 Spijt achteraf

De kans op een miskoop neemt toe als je:

  • Je vrienden nadoet

  • Vertrouwt op de goede kwaliteit van bekende merken

  • Vertrouwt op het imago van een winkel

  • Niet let op keurmerken bij webwinkels

  • De informatie op het product niet leest


Imago: Het beeld dat mensen van iets hebben.

Soorten merken:

A-merk: Een bekend product dat vaak duurder is.


B-merk: Een minder bekend product dat vaak goedkoper is.


Huismerk: Een product met de naam van de winkel zelf.

Kopen via webwinkels heeft extra risico's:

  • Niet alle webwinkels zijn betrouwbaar

  • Je koopt zonder het product echt te zien

Keurmerken webshops:

Keurmerk: Een logo waarmee een bepaalde kwaliteit van dat product of dienst wordt beloofd.


Voorbeelden waar keurmerken op controleren:

  • recht op retour

  • veiligheid van de webshop

  • contactmogelijkheden

Productaansprakelijkheid :

De plicht van de fabrikant om de schade te vergoeden die veroorzaakt wordt door zijn product.



Paragraaf 2 Kopen met verstand

hoe kan je kopen met verstand:

  • Vergelijkend warenonderzoek

  • Vergelijkingssites

  • Productinformatie op de verpakking

  • Advies van onafhankelijke consumentenorganisaties



Vergelijkend warenonderzoek:

  • Worden uitgevoerd door consumentenorganisaties

  • Geven informatie over de prijs, kwaliteit van producten en kenmerken.

Vergelijkingssites:

Geven informatie over de prijzen en kenmerken van producten.



Productinformatie:

  • Houdbaarheidsdatum

  • Inhoud (gewicht/hoeveelheid)

  • Ingrediënten

  • Vanaf welke leeftijd mag je het product gebruiken



Consumentenorganisties:

Consumentenorganisaties: Een organisatie die opkomt voor de belangen van consumenten.


  • Hebben leden die lidmaatschapsgeld betalen

  • Geven Onafhankelijk advies


Test jezelf paragraaf 1 en 2 maken. huiswerk voor volgende week

Toets hoofdstuk 4 volgende week dinsdag 20 januari

Paragraaf 3 Rekening houden met ....

Hoe ziet de les eruit:

  • Herhaling paragraaf 3

  • Opdrachten maken

Consumenten kunnen bij het kopen van producten rekening houden met:

  • De mensen in hun naaste omgeving

  • Het milieu

  • Eerlijke handel voor de boeren in ontwikkelingslanden

  • Kinderarbeid

  • De eigen gezondheid

  • Het welzijn van dieren

Keurmerken:

Keurmerken geven informatie over de kwaliteit van een product of dienst.


Voorbeelden keurmerken:

  • Milieukeurmerk

  • Gezondheidskeurmerk

  • Fairtradekeurmerk

  • Keurmerk voor dierenwelzijn

Wat: Test jezelf paragraaf 3 maken. (huiswerk voor volgende week)


Op welke manier: Gebruik ja Ipad. overleggen met de buurman/buurvrouw mag.


Klaar: Ga verder met de test jezelf van paragraaf 4


Hulp: Bij vragen steek je hand op, ik loop langs


Uitkomst: Voorbereiding voor de toets


Tijd: 35 minuten

Paragraaf 3 Rekening houden met ....

Hoe ziet deze les eruit?:

  • Startactiviteit

  • Discussiespel

  • Opdrachten maken

Startactiviteit:

  • Er komen zo producten op het bord te staan.


  • Welk product kies jij?

Startactiviteit:

Wat kies jij?


  1. Je ziet een T-shirt van €5 en één van €15

  2. Je koopt chocolade zonder keurmerk of Fairtrade

  3. Je kiest fastfood of een gezondere maaltijd

  4. Je koopt eieren uit de scharrel of biologische eieren

Discussiespel:

  • Er komen stellingen op het bord te staan.


Wat vind jij?

  • Groen = eens

  • Rood = oneens

Discussiespel:

“Als je weinig geld hebt, is goedkoop kopen soms belangrijker dan het milieu.”

Discussiespel:

“Kinderarbeid is erg, ook als het product goedkoop is”

Discussiespel:

“Wat ik koop maakt weinig verschil”

Discussiespel:

“Dierenwelzijn is belangrijker dan lage prijs”

Test jezelf paragraaf 3 maken. huiswerk voor volgende week

Paragraaf 4 Kosten van vervoer

Soorten vervoer:

  • Fiets

  • Scooter

  • Auto

  • Openbaar vervoer

Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:

1) bereken de totale kosten in een periode

2) bereken de afgelegde kilometers in die periode

3) kilometerprijs = totale kosten : aantal kilometers

Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:

Sanne heeft een auto en wil weten wat haar auto per kilometer kost.

In één maand betaalt zij:

  • Brandstof: €150

  • Verzekering: €60

  • Onderhoud en reparaties: €40


In die maand heeft Sanne 1.250 kilometer gereden.


Vragen:

  1. Bereken eerst de totale kosten van de auto in deze maand.

  2. Bereken daarna de kosten per kilometer.

Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:

Stap 1: Bereken de totale kosten per maand

Tel alle kosten bij elkaar op:

€150 + €60 + €40 = €250

De totale kosten in deze maand zijn €250.


Stap 2: Bereken de kosten per kilometer

Deel de totale kosten door het aantal kilometers:

€250 ÷ 1.250 km = €0,20 per km

Belangrijke kosten van een vervoermiddel:

  • Waardevermindering

  • Onderhoud/reparaties

  • Stalling/parkeren

  • Verzekeringskosten

  • Benzinekosten

  • Motorrijtuigbelasting

Keuze vervoermiddel:

  • Kosten per kilometer

  • Parkeergelegenheid

  • Loopafstand

  • Het weer

  • Gezondheid

  • Milieu

Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week


Klaar? -> rekentrainer of oefentoets

Paragraaf 5 Afspraak is afspraak

Koopovereenkomst:

Een overeenstemming tussen koper en verkoper over de aankoop van een product.


Algemene voorwaarden: De officieel vastgestelde rechten en plichten van de koper en de verkoper.

Rechten en plichten koper:

  • De plicht om te betalen

  • Het recht op de levering van een goed product.




Voorbeeld huren van een huis:

  • Plicht de huur te betalen

  • Recht op een goed onderhouden huis

Fout product:

Waar heeft de koper recht op bij een fout/gebrekkig product:

  • Reparatie van het product

  • Een nieuw product

  • Geld terug

Koopovereenkomst met een minderjarige:

  • Is geldig

  • Kan door een rechter ongeldig worden verklaart in een extreme situatie.

Wat kan de koper doen bij een meningsverschil met de verkoper:

  • Naar de geschillencommissie

  • Een rechter inschakelen

Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week


Klaar? -> rekentrainer of oefentoets

Hoe ziet de les eruit:

  • Toets-trainingsspel

  • Opdrachten maken

Toets-trainingsspel:

  • De klas wordt verdeeld in 2 teams.

  • Elk team kiest een vraag te maken met hoofdstuk 4:
    makkelijk = 1 punt, moeilijk = 2 punten, zeer moeilijk = 3 punten.

  • Goed antwoord? Team krijgt de punten.

  • Fout antwoord? Andere team mag het proberen.

  • Het team met de meeste punten wint.

1

m

00

s

Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week


Klaar? -> rekentrainer of oefentoets