Herhaling hoofdstuk 4
Wikken en wegen
Herhaling hoofdstuk 4
Wikken en wegen
Hoe ziet de les eruit:
Herhaling paragraaf 1 en 2
Opdrachten maken
Paragraaf 1 Spijt achteraf
De kans op een miskoop neemt toe als je:
Je vrienden nadoet
Vertrouwt op de goede kwaliteit van bekende merken
Vertrouwt op het imago van een winkel
Niet let op keurmerken bij webwinkels
De informatie op het product niet leest
Imago: Het beeld dat mensen van iets hebben.
Soorten merken:
A-merk: Een bekend product dat vaak duurder is.
B-merk: Een minder bekend product dat vaak goedkoper is.
Huismerk: Een product met de naam van de winkel zelf.
Kopen via webwinkels heeft extra risico's:
Niet alle webwinkels zijn betrouwbaar
Je koopt zonder het product echt te zien
Keurmerken webshops:
Keurmerk: Een logo waarmee een bepaalde kwaliteit van dat product of dienst wordt beloofd.
Voorbeelden waar keurmerken op controleren:
recht op retour
veiligheid van de webshop
contactmogelijkheden
Productaansprakelijkheid :
De plicht van de fabrikant om de schade te vergoeden die veroorzaakt wordt door zijn product.
Paragraaf 2 Kopen met verstand
hoe kan je kopen met verstand:
Vergelijkend warenonderzoek
Vergelijkingssites
Productinformatie op de verpakking
Advies van onafhankelijke consumentenorganisaties
Vergelijkend warenonderzoek:
Worden uitgevoerd door consumentenorganisaties
Geven informatie over de prijs, kwaliteit van producten en kenmerken.
Vergelijkingssites:
Geven informatie over de prijzen en kenmerken van producten.
Productinformatie:
Houdbaarheidsdatum
Inhoud (gewicht/hoeveelheid)
Ingrediënten
Vanaf welke leeftijd mag je het product gebruiken
Consumentenorganisties:
Consumentenorganisaties: Een organisatie die opkomt voor de belangen van consumenten.
Hebben leden die lidmaatschapsgeld betalen
Geven Onafhankelijk advies
Test jezelf paragraaf 1 en 2 maken. huiswerk voor volgende week
Toets hoofdstuk 4 volgende week dinsdag 20 januari
Paragraaf 3 Rekening houden met ....
Hoe ziet de les eruit:
Herhaling paragraaf 3
Opdrachten maken
Consumenten kunnen bij het kopen van producten rekening houden met:
De mensen in hun naaste omgeving
Het milieu
Eerlijke handel voor de boeren in ontwikkelingslanden
Kinderarbeid
De eigen gezondheid
Het welzijn van dieren
Keurmerken:
Keurmerken geven informatie over de kwaliteit van een product of dienst.
Voorbeelden keurmerken:
Milieukeurmerk
Gezondheidskeurmerk
Fairtradekeurmerk
Keurmerk voor dierenwelzijn
Wat: Test jezelf paragraaf 3 maken. (huiswerk voor volgende week)
Op welke manier: Gebruik ja Ipad. overleggen met de buurman/buurvrouw mag.
Klaar: Ga verder met de test jezelf van paragraaf 4
Hulp: Bij vragen steek je hand op, ik loop langs
Uitkomst: Voorbereiding voor de toets
Tijd: 35 minuten
Paragraaf 3 Rekening houden met ....
Hoe ziet deze les eruit?:
Startactiviteit
Discussiespel
Opdrachten maken
Startactiviteit:
Er komen zo producten op het bord te staan.
Welk product kies jij?
Startactiviteit:
Wat kies jij?
Je ziet een T-shirt van €5 en één van €15
Je koopt chocolade zonder keurmerk of Fairtrade
Je kiest fastfood of een gezondere maaltijd
Je koopt eieren uit de scharrel of biologische eieren
Discussiespel:
Er komen stellingen op het bord te staan.
Wat vind jij?
Groen = eens
Rood = oneens
Discussiespel:
“Als je weinig geld hebt, is goedkoop kopen soms belangrijker dan het milieu.”
Discussiespel:
“Kinderarbeid is erg, ook als het product goedkoop is”
Discussiespel:
“Wat ik koop maakt weinig verschil”
Discussiespel:
“Dierenwelzijn is belangrijker dan lage prijs”
Test jezelf paragraaf 3 maken. huiswerk voor volgende week
Paragraaf 4 Kosten van vervoer
Soorten vervoer:
Fiets
Scooter
Auto
Openbaar vervoer
Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:
1) bereken de totale kosten in een periode
2) bereken de afgelegde kilometers in die periode
3) kilometerprijs = totale kosten : aantal kilometers
Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:
Sanne heeft een auto en wil weten wat haar auto per kilometer kost.
In één maand betaalt zij:
Brandstof: €150
Verzekering: €60
Onderhoud en reparaties: €40
In die maand heeft Sanne 1.250 kilometer gereden.
Vragen:
Bereken eerst de totale kosten van de auto in deze maand.
Bereken daarna de kosten per kilometer.
Berekenen kosten per kilometer van een vervoermiddel:
Stap 1: Bereken de totale kosten per maand
Tel alle kosten bij elkaar op:
€150 + €60 + €40 = €250
De totale kosten in deze maand zijn €250.
Stap 2: Bereken de kosten per kilometer
Deel de totale kosten door het aantal kilometers:
€250 ÷ 1.250 km = €0,20 per km
Belangrijke kosten van een vervoermiddel:
Waardevermindering
Onderhoud/reparaties
Stalling/parkeren
Verzekeringskosten
Benzinekosten
Motorrijtuigbelasting
Keuze vervoermiddel:
Kosten per kilometer
Parkeergelegenheid
Loopafstand
Het weer
Gezondheid
Milieu
Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week
Klaar? -> rekentrainer of oefentoets
Paragraaf 5 Afspraak is afspraak
Koopovereenkomst:
Een overeenstemming tussen koper en verkoper over de aankoop van een product.
Algemene voorwaarden: De officieel vastgestelde rechten en plichten van de koper en de verkoper.
Rechten en plichten koper:
De plicht om te betalen
Het recht op de levering van een goed product.
Voorbeeld huren van een huis:
Plicht de huur te betalen
Recht op een goed onderhouden huis
Fout product:
Waar heeft de koper recht op bij een fout/gebrekkig product:
Reparatie van het product
Een nieuw product
Geld terug
Koopovereenkomst met een minderjarige:
Is geldig
Kan door een rechter ongeldig worden verklaart in een extreme situatie.
Wat kan de koper doen bij een meningsverschil met de verkoper:
Naar de geschillencommissie
Een rechter inschakelen
Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week
Klaar? -> rekentrainer of oefentoets
Hoe ziet de les eruit:
Toets-trainingsspel
Opdrachten maken
Toets-trainingsspel:
De klas wordt verdeeld in 2 teams.
Elk team kiest een vraag te maken met hoofdstuk 4:
makkelijk = 1 punt, moeilijk = 2 punten, zeer moeilijk = 3 punten.
Goed antwoord? Team krijgt de punten.
Fout antwoord? Andere team mag het proberen.
Het team met de meeste punten wint.
m
s
Test jezelf paragraaf 5 maken. huiswerk voor volgende week
Klaar? -> rekentrainer of oefentoets