H8 voorkennis H2

Ik weet wat ik nodig heb om de oppervlakte
van figuren te kunnen berekenen.
1 / 47
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 47 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Ik weet wat ik nodig heb om de oppervlakte
van figuren te kunnen berekenen.

Slide 1 - Tekstslide

Samenstelling van deze les
  • Uitleg leerdoel aan de hand van succescriteria
  • Slides met uitleg
  • Aan de slag
  • Check
  • Afsluiting


Slide 2 - Tekstslide

Slides met theorie, voorbeelden en filmpjes.

Slide 3 - Tekstslide

Ik weet wat ik nodig heb om de oppervlakte
van figuren te kunnen berekenen.
Succescriteria
Ik kan onderscheidt maken tussen eenheden en grootheden.
Ik ken de oppervlakte maten.
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken om een zijde te berekenen.









Slide 4 - Tekstslide

Terugblik            

Grootheid       
Iets wat je kunt meten. Een verzamelnaam van een aantal eenheden.

 

Eenheden (maten)
Een woord/letter/symbool dat het getal ervoor of erna een waarde geeft.

     

Voorbeelden: lengte, oppervlakte, inhoud, gewicht, temperatuur, tijd, geld, snelheid, ..
Voorbeelden: km, m², l, kg, uren,€, m/s 
Succescriteria
Ik kan onderscheidt maken tussen eenheden en grootheden.

Slide 5 - Tekstslide

Sleep de groene woorden naar het juiste gele vlak.
Grootheid
Eenheid
mL
inhoud
m/s
hoogte
snelheid
kg
mm²

Slide 6 - Sleepvraag

Slide 7 - Tekstslide

Sleep de groene woorden naar het juiste gele vlak.
Grootheid
Eenheid
liter
gewicht
km/uur
tijd
snelheid
cm

Slide 8 - Sleepvraag

grootheid
eenheid
hectare
oppervlakte
gewicht
kilometer
tijd
uur
centimeter
snelheid
kilogram
seconde
lengte

Slide 9 - Sleepvraag

Terugblik         Oppervlakte bereken van een figuur

Stappenplan 

Stap 1    Maak zichtbaar wat je weet.
Stap 2   Zorg dat alle afmetingen dezelfde lengtemaat hebben.
Stap 3   Bereken de oppervlakte.
Stap 4   Geef antwoord op de vraag.
Stap 5   Controleer je antwoord. (Is het logisch? Eenheden?)
Succescriteria
Ik kan een oppervlakte berekenen van een figuur.

Slide 10 - Tekstslide

Inlijsten gebruiken bij oppervlakte

Stappenplan 

Stap 1    Neem het figuur over en lijst hem in (stippellijnen).
Stap 2   Zet alle afmetingen erbij.
Stap 3   Bereken eerst de oppervlakte van het rechthoek (geheel). 
Stap 4   Bereken de oppervlaktes van alle overige figuren. 
Stap 5   Opp figuur = opp rechthoek - opp rest.  
Stap 6   Geef je antwoord en controleer deze (Logisch? Eenheden?).

Slide 11 - Tekstslide

Stelling van Pythagoras
De stelling van Pythagoras kan alleen gebruik worden bij een rechthoekige driehoek
Met deze stelling kun je de lengte van een zijde berekenen.






Stappenplan in een vlak figuur
  1. Maak een schets met gegevens.
  2. Maak het schema of noteer de formule.
  3. Bereken de onbekende zijde.
  4. Noteer je antwoord!



Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken 
om een hoogte te berekenen.

Slide 12 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC

∠ A = 90∘
AB = 2
AC = 5


Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 1  Maak een schets met gegevens.
In een schets hoeven de verhoudingen niet altijd te kloppen.

Teken nu eerst voor jezelf een schets voordat je na de volgende slide gaat.





Slide 13 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC

∠ A = 90∘
AB = 2
AC = 5


Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 1  Maak een schets met gegevens.


Heb jij met potlood getekend?




Slide 14 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC

∠ A = 90∘
AB = 2
AC = 5


Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 2 Maak het schema of de formule.

Tip: bedenk goed wat de schuine zijde is.



Slide 15 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC

∠ A = 90∘
AB = 2
AC = 5


Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 2 Maak het schema of de formule.

Tip: 
Bedenk goed wat de schuine zijde is.
Noteer eerst in de tabel wat je weet.
 



zijde
..²

Slide 16 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC




Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 2 Maak het schema of de formule.

Tip: Bedenk goed wat de schuine zijde is.

 



zijde
..²
AB
2
AC
5
BC
?

Slide 17 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC




Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 3    Bereken de onbekende zijde.





 



zijde
..²
AB
2
4
AC
5
25
BC
?
29

Slide 18 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC




Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 3    Bereken de onbekende zijde.

BC = √29



 



zijde
..²
AB
2
4
AC
5
25
BC
?
29

Slide 19 - Tekstslide

Opgave V6 (blz. 45)

Bereken met de gegevens van de driehoek hieronder de lengte van de onbekende zijde.
Rond indien nodig af op twee decimalen.

Driehoek ABC




Succescriteria
Ik kan de stelling van Pythagoras gebruiken
om een hoogte te berekenen.


Stap 4    Noteer je antwoord!

BC = √29 ≈ 5,39
Zijde BC is 5,39 cm lang



 



zijde
..²
AB
2
4
AC
5
25
BC
?
29

Slide 20 - Tekstslide

Aan de slag

Heb je de slides hiervoor goed doorgenomen?

Lees de theorie in je boek op blz. 45 goed door.

Maak hier aantekeningen van voor jezelf!


Zet de timer voor jezelf. 

Je kunt zo mooi oefenen met tijd! Niet af is niet erg, maar dat weet je dat je wat met je tempo moet doen.


Maak de volgende opgaven van hoofdstuk 8: V2efgh, V3, V4, V6, V7 (meer opgaven mag altijd!).

Daag jezelf uit door het rijtje met oppervlaktematen af te schermen.

Kijk je werk goed na en verbeter je fouten.








timer
25:00

Slide 21 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)

Een recreatiepark heeft twee verschillende abonnementen. 

Een gewoon abonnement kost 55 euro per jaar en je betaald €5,50 per bezoek.

Een premium abonnement kost 107 euro per jaar maar betaal je slechts €2,25 per bezoek.

Succescriteria
Ik kan een formule maken bij een beschrijving.


Welke twee formules kun je maken?
Neem a voor het aantal bezoekers en b voor het bedrag in euro's.

Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a

Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a

Slide 22 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.


Als je een grafiek gaat tekenen bij een formule wat is dan de eerste stap?  


Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a

Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a

Slide 23 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.


Als je een grafiek gaat tekenen bij een formule wat is dan de eerste stap?  

Formule     --> Tabel      --> Grafiek

Een tabel tekenen!
Teken nu eerst zelf de tabel bij beide formules.

Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a

Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a

Slide 24 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.


Als je een grafiek gaat tekenen bij een formule wat is dan de eerste stap?  

Formule     --> Tabel      --> Grafiek

Een tabel tekenen!
Teken nu eerst zelf de tabel bij beide formules.

Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a



Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a
a
0
5
10
15
20
b
55
82,5
110
137,5
165
a
0
5
10
15
20
b
107
118,25
129,5
140,75
152

Slide 25 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.

Formule     --> Tabel      --> Grafiek

Teken nu in een assenstelsel beide grafieken.

Tip!  
Verticale as (b)  55 t/m 165
Wat is een logische stapgrootte?
Horizontale as (a)   0 t/m 20
Wat is een logische stapgrootte? 
Zodat je ook nog wat kan aflezen :).

Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a



Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a
a
0
5
10
15
20
b
55
82,5
110
137,5
165
a
0
5
10
15
20
b
107
118,25
129,5
140,75
152

Slide 26 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.





Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a



Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a
a
0
5
10
15
20
b
55
82,5
110
137,5
165
a
0
5
10
15
20
b
107
118,25
129,5
140,75
152

Slide 27 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan een grafiek tekenen bij een formule.





Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a



Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a
a
0
5
10
15
20
b
55
82,5
110
137,5
165
a
0
5
10
15
20
b
107
118,25
129,5
140,75
152
Coördinaten snijpunt bereken

Lees af a = 16, vul in  b = 55 + 5,5 • 16 = 143

coördinaten (16, 143)

Slide 28 - Tekstslide

Snijdende lijnen
In het snijpunt van twee grafieken hebben beide formules dezelfde uitkomst.
Schrijf de vergelijking op.
Beide formules aan elkaar gelijkstellen.
1
Bereken de x-coördinaat. Los de vergelijking op!
Dit hebben we gehad in paragraaf 9.1
  • Balansmethode 
2
Bereken de y-coördinaat. Vul je oplossing in beide formules.
Dit is gelijk een controle of je oplossing juist is.
3
Geef de coördinaten van het snijpunt!
Let op je notatie!
4
Controle
Controleer je antwoord. x-coordinaat invullen in andere formule.
5

Slide 29 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 




Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a

Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a

Slide 30 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 1   Schrijf de vergelijking op.
Stel de twee formules aan elkaar gelijk.


Gewoon abonnement
b = 55 + 5,50 a

Premium abonnement
b = 107 + 2,25 a

Slide 31 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 1   Schrijf de vergelijking op.
Stel de twee formules aan elkaar gelijk.


Gewoon = Premium

55 + 5,50 a = 107 + 2,25 a

Slide 32 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 2  Bereken de x-coördinaat.
Los de vergelijking op met de balansmethode.

Gewoon = Premium

55 + 5,50 a = 107 + 2,25 a

Slide 33 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 2  Bereken de x-coördinaat.
Los de vergelijking op met de balansmethode.

 Gewoon = Premium

  55 + 5,50 a = 107 + 2,25 a
-55              -55             
         5,50 a = 52 + 2,25 a  
  -2,25a          -2,25a
2,25 a = 52 
: 2,25     : 2,25
a = 16

     





Slide 34 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 3  Bereken de y-coördinaat.
Vul de waarde van x in de formule.

 Gewoon = Premium

  55 + 5,50 a = 107 + 2,25 a
-55              -55             
         5,50 a = 52 + 2,25 a  
  -2,25a          -2,25a
2,25 a = 52 
: 2,25     : 2,25
a = 16

     





Slide 35 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 3  Bereken de y-coördinaat.
Vul de waarde van x in de formule.


a = 16 invullen in één van de formules 
Het maakt niet uit welke je formule je pakt.
b = 55 + 5,50 a   
met a = 16 geeft
b = 55 + 5,5 • 16 = 143    

 Gewoon = Premium

  55 + 5,50 a = 107 + 2,25 a
-55              -55             
         5,50 a = 52 + 2,25 a  
  -2,25a          -2,25a
2,25 a = 52 
: 2,25     : 2,25
a = 16







Slide 36 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)

a = 16 invullen in één van de formules
Het maakt niet uit welke je formule je pakt.
b = 55 + 5,50 a
met a = 16 geeft
b = 55 + 5,5 • 16 = 143   



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 4  Geef de coördinaten van het snijpunt.
Notatie (x,y)


 

Slide 37 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)

a = 16 invullen in één van de formules
Het maakt niet uit welke je formule je pakt.
b = 55 + 5,50 a
met a = 16 geeft
b = 55 + 5,5 • 16 = 143   





Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 4  Geef de coördinaten van het snijpunt.
Notatie (x,y), nu dus (a,b)

Coördinaten snijpunt (16, 143)
 

Slide 38 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)

a = 16 invullen in één van de formules
Het maakt niet uit welke je formule je pakt.
b = 55 + 5,50 a
met a = 16 geeft
b = 55 + 5,5 • 16 = 143   

Coördinaten snijpunt (16, 143)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 5  Controle
Vul de a-waarde in in de andere formule.
Komt hier hetzelfde antwoord uit?


 

Slide 39 - Tekstslide

Opgave 18 (blz. 92)

a = 16 invullen in één van de formules
Het maakt niet uit welke je formule je pakt.
b = 55 + 5,50 a
met a = 16 geeft
b = 55 + 5,5 • 16 = 143   

Coördinaten snijpunt (16, 143)



Succescriteria
Ik kan de coördinaten berekenen van een snijpunt waar twee lijnen elkaar snijden. 

Stap 5  Controle
Vul de a-waarde in in de andere formule.
Komt hier hetzelfde antwoord uit?


b = 107 + 2,25 a

met a = 16 geeft
b = 107 + 2,25 • 16 = 143 
Klopt!!

Slide 40 - Tekstslide

Snijdende lijnen
In het snijpunt van twee grafieken hebben beide formules dezelfde uitkomst.
Schrijf de vergelijking op.
Beide formules aan elkaar gelijkstellen.
1
Bereken de x-coördinaat. Los de vergelijking op!
Dit hebben we gehad in paragraaf 9.1
  • Balansmethode 
2
Bereken de y-coördinaat. Vul je oplossing in beide formules.
Dit is gelijk een controle of je oplossing juist is.
3
Geef de coördinaten van het snijpunt!
Let op je notatie!
4
Controle
Controleer je antwoord. x-coordinaat invullen in andere formule.
5

Slide 41 - Tekstslide

Noteer voordat je verder gaat 
het stappenplanin je schrift.


Slide 42 - Tekstslide

Aan de slag
Heb je aantekeningen genoteerd in je schrift?

Maak opgaven: 



Controleer je werk kritisch met behulp van de uitwerkingen via magister leermiddelen.
Snap je wat je fout gedaan hebt? Verbeter je fouten met een andere kleur. 
Wie kan je om hulp vragen als je het niet begrijpt?
Let ook op je notatie!

Lever in je nagekeken uitwerkingen in via de volgende slides.
V2efgh, V3, V4, V6, V7

Slide 43 - Tekstslide


Maak opgave V6
Upload een foto van je uitwerkingen hieronder. Let op je notatie!

Slide 44 - Open vraag


Schrift controle
Upload een foto van je uitwerkingen van de rest van leerdoel 1. 
Maak een foto per blz. (indien mogelijk), met een maximum van 5 foto's.

Slide 45 - Open vraag


Leerdoel 1
Ik weet wat ik nodig heb om de oppervlakte
van figuren te kunnen berekenen.
A
onvoldoende
B
matig
C
goed
D
uitmuntend

Slide 46 - Quizvraag

Fijn dat je de hele les hebt doorlopen!

Check
Aantekeningen voor jezelf gemaakt bij dit leerdoel?
Alle opgaven nagekeken?
Alle slides doorgelopen en foto's ingeleverd? 

Succes met het volgende leerdoel.

Slide 47 - Tekstslide