3.3

H3 water
3.3 veranderen van fase
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

H3 water
3.3 veranderen van fase

Slide 1 - Tekstslide

Lesplanning

  • Leerdoelen 3.3 bespreken
  • Uitleg en aantekeningen
  • Quiz
  • Aan de slag 

Slide 2 - Tekstslide

Bakleverworst, vaak afgekort tot bakworst of baklever, is een traditionele, grove Twentse worstsoort die in de herfst en winter wordt gegeten. Gemaakt van gekookt varkensvlees (waaronder lever), bouillon en boekweitmeel, wordt de worst in plakken gebakken tot een knapperig, hartig streekproduct. 

Slide 3 - Tekstslide

Thermometer

De vloeistof zet uit of krimpt

Slide 4 - Tekstslide

Elektrische thermometer
Op basis van een 
schakeling

Slide 5 - Tekstslide

Leerdoelen
3.3.1 Je kunt de zes fase-overgangen van stoffen beschrijven.
3.3.2 Je kunt beschrijven hoe de fase-overgangen van water een belangrijke rol spelen bij allerlei weersverschijnselen.

Slide 6 - Tekstslide

fase-overgangen


• smelten: een vaste stof wordt een vloeistof;
• verdampen: een vloeistof wordt een gas;
• condenseren: een gas wordt een vloeistof;
• stollen: een vloeistof wordt een vaste stof;
• vervluchtigen: een vaste stof wordt een gas;
• rijpen: een gas wordt een vaste stof.

Slide 7 - Tekstslide

bevriezen / stollen

Slide 8 - Tekstslide

smelten

Slide 9 - Tekstslide

verdampen

Slide 10 - Tekstslide

condenseren

Slide 11 - Tekstslide

rijpen

Slide 12 - Tekstslide

vervluchtigen

Slide 13 - Tekstslide

Rijpen is de fase-overgang van:
A
vloeibaar naar gasvormige
B
gasvormige naar vloeibaar
C
gasvormige naar vast
D
vloeibaar naar vast

Slide 14 - Quizvraag

Water kent 3 fases
A
vloeibaar, waterdamp en condens
B
vloeibaar, vast en ijs
C
koud, warm en heet
D
vast, vloeibaar, en gas

Slide 15 - Quizvraag

Als ijs smelt,
gaat ijs over in de
A
fase
B
vaste fase
C
vloeibare fase
D
gasvormige fase

Slide 16 - Quizvraag

Hoe heet deze fase overgang?
A
Rijpen
B
Verdampen
C
vervluchtigen
D
Condenseren

Slide 17 - Quizvraag

Hoe noem je de fase-overgang van vloeibaar naar vast?
A
Smelten
B
Stollen
C
Verdampen
D
Condenseren

Slide 18 - Quizvraag

Aan de slag
Lees 3.3 eerst zelf door!

Maak dan de volgende opgaves: blz 111
1 t/m 10 behalve 6 en 9

Slide 19 - Tekstslide