Les 45 - 4H - IM - Vluchtelingen (§ 4.5)

1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Terugblik
Vorige les
§ 4.4

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

§ 4.5
Moet Nederland vluchtelingen ruimhartiger toelaten?

Slide 6 - Tekstslide

§5 | Hoe open moet Nederland zijn? 
Lesdoelen:
- Je kan het Nederlandse immigratiebeleid in verband brengen met internationale verdragen en Europese samenwerking. 
- Je kan uitleggen waarom sommige landen meer asielaanvragen krijgen dan andere landen.
- Je kunt uitleggen waarom niet iedereen die hier asiel aanvraagt, hier mag blijven.  


Slide 7 - Tekstslide

Inswinger: Naast je komt een asielzoekersgezin wonen.
A
Gezellig
B
Fijn, maar niet naast mij
C
Maakt mij niet uit
D
Weg met asielzoekers

Slide 8 - Quizvraag

"Ik heb zelf of ken mensen die hebben ervaren hoe het is om ergens anders opnieuw te moeten beginnen."
A
Ja
B
Nee

Slide 9 - Quizvraag

Waarom is het (on)belangrijk om het te hebben over vluchtelingen?

Slide 10 - Open vraag

Slide 11 - Video

Wat vind je van deze boodschap?

Slide 12 - Open vraag

Wat zijn volgens jou de betekenissen van de volgende woorden:
1. Migrant | 2. Vluchteling | 3. Asielzoeker | 4. Illegaal (persoon)

Slide 13 - Open vraag

Migrant 
Een migrant is een persoon die om bijvoorbeeld economische of familiale redenen uit eigen beweging zijn of haar land verlaat.  

Ruim 400.000 Europeanen werken voor Nederlandse bedrijven. Vaak uit Midden- en Oost-Europa. Zij werken in sectoren waarvoor weinig of geen Nederlandse arbeidskrachten zijn te vinden. Arbeidsmigranten verdringen dus geen Nederlanders op de arbeidsmarkt.
In 2016 droegen arbeidsmigranten 11 miljard euro bij aan ons nationaal inkomen. Door arbeidsmigranten kunnen we groente en fruit uit Nederland in de supermarkten vinden en online pakketjes bestellen die de volgende dag worden bezorgd. 
Bron: https://www.abu.nl/kennisbank/arbeidsmigratie/



Slide 14 - Tekstslide

Vluchteling
Iemand met gegronde vrees voor vervolging om reden van ras, godsdienst of nationaliteit, het behoren tot een sociale groep of politieke overtuiging.

Extra:
Vluchtelingen mogen niet worden teruggestuurd naar een land waarin zij vervolging moeten vrezen.

Bron: VN vluchtelingenverdrag

Slide 15 - Tekstslide

Asielzoeker
Een asielzoeker is iemand op de vlucht die internationale bescherming zoekt, maar wiens beroep op vluchtelingenstatus nog niet bepaald is. 

Extra:
Een asielzoeker kan alleen bescherming aanvragen in het land van aankomst, wat betekent dat zij een grens moeten oversteken om asiel aan te kunnen vragen. Vervolgens moet men in staat zijn om te bewijzen dat ze voldoen aan de criteria om beschermd te worden als vluchteling. Soms worden mensen die arriveren aan een grens afgeschilderd als ‘illegale’ vluchtelingen of migranten, maar in werkelijkheid is het oversteken van een internationale grens om asiel aan te vragen niet illegaal, en zou volgens internationale afspraken iedere asielaanvraag op zijn minst gehoord moeten worden middels een asielprocedure.
In Nederland beslist de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) of een asielzoeker wordt erkend als vluchteling. Asielzoekers die als vluchteling worden erkend krijgen de ‘vluchtelingenstatus’; zij worden in Nederland ook wel statushouders of vergunninghouders genoemd.
Bron: https://www.vluchteling.nl/

Slide 16 - Tekstslide

Illegaal
Illegalen of ongedocumenteerden zijn mensen zonder een geldige verblijfsvergunning. 
In Nederland verblijven er enkele tienduizenden.

Extra:
De schattingen van het aantal mensen in Nederland zonder geldige verblijfsvergunning lopen uiteen, maar het zijn er zeker enkele tienduizenden. Onder hen zijn vreemdelingen wier vergunning is verlopen, uitgeprocedeerde asielzoekers, buitenlandse vrouwen met kinderen die door hun (Nederlandse) partner zijn weggestuurd voordat ze recht kregen op een onafhankelijke verblijfsvergunning, slachtoffers van mensenhandel die geen aangifte hebben durven doen, statelozen die niet kunnen terugkeren naar het land van geboorte, familieleden van migranten die zorg behoeven en die in het herkomstland niet kunnen krijgen.
Ze hebben geen verblijfsvergunning gekregen, of zijn die weer kwijtgeraakt. Sommigen passeerden de grens legaal, anderen gebruikten valse papieren of kwamen met de hulp van een mensensmokkelaar. Sommigen willen doormigreren of terug naar het land van herkomst, anderen proberen hier zo lang mogelijk te blijven. 
(Bron: https://www.amnesty.nl/encyclopedie/ongedocumenteerden-illegalen-en-uitgeprocedeerden)

Slide 17 - Tekstslide

IS IEDEREEN
WELKOM?

Slide 18 - Tekstslide

Nederland heeft een morele plicht
om vluchtelingen op te vangen
A
eens
B
oneens

Slide 19 - Quizvraag

Waarom hebben de landen
van de Europese Unie samen
afspraken gemaakt over migratie, denk je?
timer
1:00

Slide 20 - Open vraag

Verschil: houding, lasten, rechten, eisen en faciliteiten.

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Slide 25 - Tekstslide

§5 | Hoe open moet Nederland zijn? 
Lesdoelen:
- Je kan het Nederlandse immigratiebeleid in verband brengen met internationale verdragen en Europese samenwerking. 
- Je kan uitleggen waarom sommige landen meer asielaanvragen krijgen dan andere landen.
- Je kunt uitleggen waarom niet iedereen die hier asiel aanvraagt, hier mag blijven.  


Slide 26 - Tekstslide