Les 4: Hartfalen en afwijkende ademhaling

Les 4: Hartfalen en afwijkende ademhaling
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
AnatomieMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Les 4: Hartfalen en afwijkende ademhaling

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen?
  • Lesprogromma en leerdoelen +- 5 min
  • Herhaling vorige les d.m.v. opdracht leefstijlposter +- 15 min
  • Theorie Hartfalen + Opdracht +- 15 min
  • Theorie afwijkende ademhaling + filmpjes + opdracht +- 20 min
  • Les evaluatie +- 5 min

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
Aan het einde van deze les kun je:
  • uitleggen wat hartfalen zijn
  • 4 verschillende vormen van afwijkende ademhaling benoemen

Slide 3 - Tekstslide

Opdracht
Leefstijl
Drie of 
viertallen
Opdracht:
Maak een poster over gezonde leefstijl, beantwoord de volgende vragen:
  • Wat is een gezonde leefstijl
  • Welke tips kan je geven bij een gezonde leefstijl?
  • Waarom is een gezonde leefstijl belangrijk?
  • Ieder groepslid geeft zichzelf een cijfer van 0-10 in hoe verre jij vindt een gezonde leefstijl te hebben en waarom.
  • Vervolgens wordt dit volgende les gepresenteerd in de klas.


Klaar?
  • Zoek op wat een afwijkende ademhaling is en waneer je hulp moet inschakelen bij een afwijkende ademhaling
  • Kijk de filmpjes uit hoofdstuk 40 in je boek
Of
timer
15:00
Hulp:
Indien je een term niet begrijpt, vraag dit dan eerst aan je medestudenten, indien zij het niet weten dan vraag je de docent

Slide 4 - Tekstslide

Wat is Hartfalen
Hartfalen betekent dat het hart minder krachtig pompt.
-> Daardoor komt er te weinig zuurstofrijk bloed bij de organen en spieren. 

Hartfalen is chronisch en gaat niet meer over. 

De behandeling richt zich op het verminderen van klachten en het voorkomen dat het erger wordt.

Slide 5 - Tekstslide

Wat gebeurt er in het lichaam bij hartfalen
  • Pompt het hart minder krachtig.
  • Komt er minder bloed bij de organen en spieren.
  • Blijft er vaker vocht achter in het lichaam, bijvoorbeeld in de longen of voeten, omdat de bloedcirculatie niet goed verloopt.
  • Moet het hart harder werken, wat zorgt voor sneller moe zijn en minder uithoudingsvermogen.

Door het opgehoopte vocht in de longen kunnen cliënten kortademig worden.

Slide 6 - Tekstslide

Symptomen Hartfalen
Kortademigheid
  • Bij inspanning, maar soms ook in rust.

Vermoeidheid
  • Omdat het hart minder bloed rondpompt, hebben spieren en organen minder energie.

Vocht vasthouden
  • Dikke enkels of voeten.
  • Sneller aankomen door vocht.

Beperkte belastbaarheid
  • Minder kunnen dan voorheen.
  • Sneller pauzes nodig tijdens ADL-taken.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Wat gebeurt er in het lichaam bij hartfalen?
A
Het hart pompt krachtiger dan normaal
B
Het hart pompt mider goed, waardoor organen minder zuurstof krijgen
C
Het hart pompt meer bloed rond dan nodig
D
Het hart werkt alleen sneller maar niet minder krachtig

Slide 9 - Quizvraag

Waar kan een cliënt met hartfalen last van hebben?
A
Meer energie en betere conditie
B
Geen klachten, alleen lichte spierpijn
C
Kortademigheid, vermoeidheid en vocht vasthouden
D
Alleen hoofdpijn na inspanning

Slide 10 - Quizvraag

Normale ademhaling
Volwassenen
  • 12–20 ademhalingen per minuut in rust

Kinderen
(leeftijd bepaalt de normale AdemFerquentie (AF))
  • 0–1 jaar: 30–60/min
  • 1–3 jaar: 24–40/min
  • 3–6 jaar: 22–34/min
  • 6–12 jaar: 18–30/min
  • 12–18 jaar: 12–20/min

Slide 11 - Tekstslide

Afwijkende ademhaling
Volwassenen
  • Minder dan 12/min → te langzaam (bradypneu)
  • Meer dan 20/min → te snel (tachypneu)

Mogelijke oorzaken van een afwijkende ademhaling:
  • Koorts
  • Stress of angst
  • Pijn
  • Longproblemen (bijv. astma, COPD, longontsteking)
  • Hartproblemen
  • Vergiftiging, medicatie, drugs
  • Ernstige infectie

Slide 12 - Tekstslide

Zorgwekkende ademhaling
  • Zichtbare benauwdheid / geen volledige zinnen kunnen spreken
  • Neusvleugelen
  • Intrekkingen (huid tussen ribben trekt naar binnen)
  • Grommend of piepend geluid
  • Heel oppervlakkig of heel diep ademen
  • Blauwe lippen of nagels
  • Verwardheid of sufheid

Bij deze symptomen is medische hulp altijd verstandig.

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Link

Slide 15 - Video

Slide 16 - Video

Slide 17 - Video

Slide 18 - Video

Opdracht: Soorten ademhaling
Opdracht 1
Drie of 
viertallen
Opdracht:
Je ontvangt een stapel kaartjes met informatie over ademhalingspatronen.
De kaartjes zijn verdeeld in vier categorieën:
  • Soort ademhaling 
  • Wat neem je waar? (wat zie of hoor je bij de cliënt?)
  • Wat doe je als helpende? (jouw actie in deze situatie)
  • Achtergrondinformatie (oorzaken of situaties waarin dit voorkomt).

Jouw taak: Sorteer met jou groepje de kaartjes en match de juiste informatie bij elkaar. de groepen worden bepaald door de spinner.

Hulp:
Indien je een term niet begrijpt, vraag dit dan eerst aan je medestudenten, indien zij het niet weten dan vraag je de docent .
Klaar?
in deze volgorde
  • Ga door met opdracht 2, deze ontvang je van de docent als je klaar bent.
Of
timer
10:00

Slide 19 - Tekstslide

Opdracht: Soorten ademhaling
Opdracht 2
Drie of 
viertallen
Opdracht:
Je bent al ingedeeld in een groepje, met deze groep bespreek je binnen jou groepje de situatiekaarten en schijf de antwoorden op.

Hulp:
Indien je een term niet begrijpt, vraag dit dan eerst aan je medestudenten, indien zij het niet weten dan vraag je de docent .
Klaar?
in deze volgorde

Of
timer
10:00

Slide 20 - Tekstslide

Leerdoelen check
Aan het einde van deze les kan je:
  • uitleggen wat hartfalen zijn
  • 4 verschillende vormen van afwijkende ademhaling benoemen


Denk hier eerst even rustig over na zonder al te antwoorden, de docent vraagt aan een aantal studenten de antwoorden op deze bovenstaande leerdoelen

Slide 21 - Tekstslide

Huiswerk
  • Maak opdracht 39-40
  • Lezen blz. 47-48

Slide 22 - Tekstslide