3.3 Reactievergelijkingen

Reactievergelijkingen
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Reactievergelijkingen

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
  • Uitleg reactievergelijkingen opstellen
  • Maken 30 t/m 37, 40 en 41
  • Oefenblad

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoel
Je leert om een reactievergelijking zelf op te stellen en kloppend te maken.

Waarom?
Belangrijk om te weten in welke verhouding stoffen met elkaar reageren en in welke verhouding er product ontstaat.

Slide 3 - Tekstslide

Reactieschema
Een reactieschema geeft in woorden aan welke stoffen met elkaar reageren en welke producten er ontstaan.

Voorbeeld: elektrolyse van water
water (l) -> waterstof (g) + zuurstof (g)

Slide 4 - Tekstslide

Reactieschema naar reactievergelijking
Een reactievergelijking:
  • geeft in formules aan welke stoffen met elkaar reageren en welke producten er ontstaan;
  • geeft de verhouding waarin deeltjes reageren/ontstaan.


Slide 5 - Tekstslide

Reactievergelijking opstellen
  1. Schrijf het reactieschema op.
  2. Vervang de woorden door formules.
  3. Maak de reactievergelijking kloppend.


Slide 6 - Tekstslide

Atoombalans
  • Aantal en soort atomen voor en na de reactie zijn gelijk.
  • 'Kloppend maken' betekent de atoombalans kloppend maken.
  • Coëfficiënten in reactievergelijking veranderen, nooit de index! 

Slide 7 - Tekstslide

Elektrolyse van water
Reactieschema: water (l) -> waterstof (g) + zuurstof (g)
In formules: 




Kloppend: 2 H2O (l) -> 2 H2 (g) + O2 (g)

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Link

Reactievergelijking opstellen
Voorbeeld zonder molecuultekeningen:
... CH4 (g) + ... O2 (g) -> ... CO2 (g) + ... H2O (g)

  • C klopt al
  • ... CH4 (g) + ... O2 (g) -> ... CO2 (g) + 2 H2O (g) 
  • ... CH4 (g) + 2 O2 (g) -> ... CO2 (g) + 2 H2O (g) 

Slide 10 - Tekstslide

Reactievergelijking opstellen
Voorbeeld zonder molecuultekeningen:
... CH4O (g) + ... O2 (g) -> ... CO2 (g) + ... H2O (g)
  • ... CH4O (g) + ... O2 (g) -> ... CO2 (g) + 2 H2O (g) 
  • ... CH4O (g) + 1,5 O2 (g) -> ... CO2 (g) + 2 H2O (g) 
  • Halve moleculen kunnen niet, dus alles x2
  • 2 CH4O (g) + 3 O2 (g) -> 2 CO2 (g) + 4 H2O (g) 

Slide 11 - Tekstslide

Aan de slag
  • Lezen H3.4
  • Maken 30 t/m 37, 40 en 41
  • Maken oefenblad 
  • Optioneel: thuis oefenen met applet (link via lessonup)

Slide 12 - Tekstslide