Hoofdstuk 8: Een maaltijd samenstellen

Hoofdstuk 8: Een maaltijd samenstellen
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

In deze les zitten 23 slides, met tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 8: Een maaltijd samenstellen

Slide 1 - Tekstslide

Na dit hoofdstuk weet je meer over:
  • Duurzame voeding
  • Verspilling
  • Convenience food
  • Een maaltijd samenstellen voor een groep

Slide 2 - Tekstslide

Wat weet jij over duurzaam eten?

Slide 3 - Tekstslide

Duurzaam eten
Bij duurzame productie probeer je rekening te houden met mens, dier en milieu.
Het doel is om voedsel eerlijker verdelen en gevolgen voor het milieu zo laag mogelijk houden.

Slide 4 - Tekstslide

Streekproducten en biologische producten

Slide 5 - Tekstslide

Seizoensproducten
Als je kiest voor lokaal geteelde, seizoensgebonden groente en fruit, dan help je het milieu.
Bijvoorbeeld: aardbeien in mei, tomaten in de zomer of pruimen in augustus

Slide 6 - Tekstslide

Vlees en vis
De productie van vlees en vis vraagt veel van het milieu en het klimaat
Daarom is er steeds meer aandacht voor vleesvervangers of andere alternatieven bijvoorbeeld insecten

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Verspilling 
Het voedsel dat we geproduceerd hebben, wordt soms zonder dat we het gebruiken weggegooid. Dit noemen we verspilling
Dit is in Nederland ongeveer 14% !

Slide 9 - Tekstslide

Wat is een kromkommer?
https://www.kromkommer.com/



Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Voedsel(voet)afdruk
Je voedselafdruk is de hoeveelheid grond en water die nodig is om jou van voedsel te voorzien

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Link

Wegwerpartikelen
Wegwerpartikelen noemen ze ook wel disposables
Kunststof bordjes/bekertjes die je kan weggooien na gebruik zijn belastend voor het milieu. Een beter alternatief zijn bijvoorbeeld kartonnen bordjes of bekertjes.

Slide 14 - Tekstslide

Convience food
Convience food betekent: makkelijke voeding. Het is voedsel dat gemakkelijk en snel kaar is. 
Bijv. Voorgesneden groenten, een zakje sla of cake mix.

Slide 15 - Tekstslide

Convience food of fastfood?
Is er een verschil?  

Slide 16 - Tekstslide

Gezonde voeding voor verschillende doelgroepen

Slide 17 - Tekstslide

baby, peuter en kleuter
Voor baby's is borstvoeding de beste voeding, in moedermelk zitten veel extra stoffen die een baby sterk en weerbaar maken en die de baby beschermen tegen ziekten en infecties.
Niet alle moeders kunnen/ willen borstvoeding geven, dan is flesvoeding een goed alternatief.

Slide 18 - Tekstslide

Vitamine D en vitamine K
Vitamine K: Wordt toegevoegd aan flesvoeding. Als je borstvoeding geeft moet je dit extra geven aan de baby. Vitamine K is belangrijk voor de bloedstolling. baby's moeten dit minimaal 3 maanden hebben
Vitamine D: Tot 4 jaar wordt aanbevolen om je kind extra vitamine D te geven, dit is goed voor de botontwikkeling.

Slide 19 - Tekstslide

Eerste hapjes...
Vanaf 4 maanden kun je beginnen met oefenhapjes. Vaak zijn dit eerst groente en fruit hapjes. Ook kun je baby's vanaf 6 maanden stukjes brood geven zodat ze hun mond spieren kunnen trainen en kunnen wennen aan nieuwe smaken.

Slide 20 - Tekstslide

Sporters
Sporters hebben meer- en andere voedinfsstoffen nodig dan mensen die minder sporten. De volgende voedingsstoffen zijn het belangrijkst:
- Koolhydraten: Zorgt voor meer energie voor het sporten
- Eiwitten: Zorgt voor herstel van de spieren na het sporten
- Vocht: Tijdens het sporten verlies je veel vocht en het is heel belangrijk om dit goed aan te vullen zodat je niet uitdroogd en sneller hersteld.

Slide 21 - Tekstslide

Ouderen
Ouderen gaan vaak minder goed eten. Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals: 
- vergeetachtigheid, verminderde smaak, minder energie, problemen met lopen, gebruik van medicijnen, eenzaamheid, problemen met slikken.
Toch is het super belangrijk dat ze goed blijven eten en drinken zodat ze niet nog verder achteruit gaan

Slide 22 - Tekstslide

Ouderen
Het kan helpen om voedsel vloeibaar/ minder hard te maken. voorbeelden:
- Soep, smoothies, sapjes, zuivel
- Aardappels prakken
- Groente wat langer koken
- Makkelijk kauwbaar vlees

Slide 23 - Tekstslide