Ethiek les 4

Ethiek les 4
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
GodsdienstMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 5

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 55 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Ethiek les 4

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesprogramma
  • Wanneer vind jij iemand overtuigend?
  • Ethos, pathos en logos:
    zelf onzin leren verdedigen
  • VWO: drogredenen
  • "Middle ground" kijken + bespreken in groepje

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je kunt je (ethische) mening onderbouwen
  • Je kent het verschil tussen ethos, pathos en logos;
  • Je kunt het standpunt van een ander
    zo eerlijk en sterk mogelijk weergeven;
  • Je weet wat drogredenen zijn

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer vind jij iemand overtuigend?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hier zie je drie argumenten voor het telefoonverbod:
Bespreek:
  • Welke vind jij het overtuigendst? Waarom?
  • Is de inhoud van de argumenten hetzelfde?
  • Welke vind jij het betrouwbaarst?







B
Telefoons moeten worden opgeborgen, want als docent zie ik elke dag hoeveel rust er ontstaat wanneer telefoons weg zijn. Ik weet uit ervaring dat leerlingen dan beter kunnen werken.
C
Telefoons moeten worden opgeborgen, want als ik wil leren vraagt hij continu om aandacht. Iedere melding haalt mij uit mijn concentratie waardoor het leren langer duurt.
A
Mobiele telefoons moeten tijdens de les worden opgeborgen, want onderzoek laat zien dat leerlingen zich beter concentreren wanneer hun telefoon niet zichtbaar is.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe word je overtuigend?
Ethos: Je wekt vertrouwen.
Dit doe je door deskundig, eerlijk en betrouwbaar over te komen.  

Pathos: Je overtuigt mensen via hun gevoel.
Je raakt zorgen, emoties of verlangens aan.

Logos: Je overtuigt mensen met redenaties.
Redenen, feiten, logische argumenten.  

Bespreek in duo's: Welke werkt het beste, denk je?
Zijn er ook nadelen aan één of meerdere van deze vormen?

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht 1
(Opdracht in duo's)
Werk in tweetallen. Kies één stelling:
  • De kleur beige moet illegaal worden.
  • Nederland moet New York terugnemen.
  • Democratie in Nederland werkt niet: geef de macht aan een koning of dictator.

Bedenk:
  • een argument vanuit ethos (vertrouwen opwekken);
  • een argument vanuit pathos (gevoel gebruiken);
  • een argument vanuit logos (argumentaties/feiten gebruiken).

Bespreek daarna:
Welke versie vinden jullie zelf het sterkst? Waarom?
Bespreek twee of drie voorbeelden klassikaal.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klassikale vragen:

Kun je misleiden met emotie?
Kan iemand deskundig overkomen maar het niet zijn?
Kunnen feiten selectief worden gebruikt?
Is winnen in een discussie hetzelfde als gelijk hebben?

Kernzin:

Ethos, pathos en logos verklaren hoe iemand overtuigt. Ze bewijzen nog niet dat het standpunt juist is.

Slide 8 - Tekstslide

 'republieken'. 
VWO: Drogredenen
Overhaaste generalisatie:
 Vanuit enkele voorbeelden wordt een algemene conclusie getrokken.
 “Er zijn leerlingen met plagiaat betrapt; dus we moeten alle opstellen onder toezicht laten schrijven."
Vals dilemma
 Er worden maar twee mogelijkheden voorgesteld, terwijl er meer zijn.
"Als je niet voor digitale identificatieplicht bent, steun je online pedofielen."
Persoonlijke aanval:
 De persoon wordt aangevallen in plaats van diens argument.
"Dat zeg je nou wel, maar je komt  over als een -  wappie/nazi/woke  - (vul maar in) ..."
Onjuist oorzaak-gevolg:
Er wordt zonder voldoende bewijs een oorzakelijk verband gelegd.
"Moeders die paracetamols slikken krijgen eerder autistische kinderen.
Dus paracetamols in zwangerschap veroorzaakt autisme."

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

VWO: drogredenen herkennen
  • Iedereen die tegen cameratoezicht is, wil blijkbaar dat criminelen vrij rondlopen.
  • Mijn opa rookte iedere dag en werd 92. Roken is dus helemaal niet zo ongezond.
  • Jij bent zelf nog nooit arm geweest, dus jouw argument over armoedebeleid telt niet.
  • Sinds leerlingen laptops gebruiken, zijn de leesvaardigheden gedaald. Laptops veroorzaken dus slechte leesvaardigheid.

Bespreek:
  • Welke drogreden herken je?
  • Waarom klopt de redenering niet?
  • Kun je het argument verbeteren zonder het standpunt meteen op te geven?

Mogelijkheden:
vals dilemma;
overhaaste generalisatie;
persoonlijke aanval;
onjuist oorzaak-gevolg.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht 2
(Groepsopdracht)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tot volgende week!

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies