Medicatie les 3 medicatiegroep

1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waaruit bestaat de benaming van geneesmiddelen?

Slide 3 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom krijgt iemand een medicijn?

Slide 7 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

profylactische werking = om ziektes te voorkomen

Placebo = een geneesmiddel dat geen werkzame bestanddelen bevat, maar dat wel lijkt te werken, omdat de gebruiker zelf er van overtuigd is dat het werkt.
Welke ongewenste effecten kunnen optreden bij inname van een medicijn?

Slide 9 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een contra indicatie?
A
de reden om een medicijn te geven
B
reden om medicijn niet te geven
C
verergerd de klachten
D
medicatie die elkaar beïnvloed

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke verschijningsvormen zijn er van medicijnen?

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

- bij ernstige pijn in een vast schema aanbieden zodat de plasmaspiegel boven de minimaal effectieve concentratie blijft

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

De parenterale antidiabetica zijn de insulines. Insuline is een hormoon dat de bloedsuikerspiegel verlaagt door bloedsuiker om te zetten in energie. Insuline kan niet oraal ingenomen worden, want het wordt door het maag-darmstelsel afgebroken voordat het in het bloed opgenomen kan worden. Daarom wordt insuline geïnjecteerd.
Waar bewaar je over het algemeen medicijnen?

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Biologics zijn eiwitten (meestal antilichamen) tegen een of meerdere van deze ontstekingseiwitten. Biologics blokkeren de werking van deze ontstekingseiwitten. 

Biologics worden toegediend via tabletten, injecties of via een infuus. De gebruikelijke dosering wisselt per biologic. Zo zijn er biologics die je wekelijks moet injecteren, maar ook biologics die je 1x per 3 maanden kunt injecteren

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verder werken aan de opdracht

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke factoren kunnen meespelen bij inname van een medicijn?

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies