Die Berliner Mauer

Die Berliner Mauer

1 / 18
volgende
Slide 1: Slide
newEditorDuitsSecundair onderwijs

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Die Berliner Mauer

Setze das Verb ins Präteritum: teilen (die vier Siegermächte)

Setze das Verb ins Präteritum: wird (Deutschland)

Setze das Verb ins Präteritum: nennt (man)

Setze das Verb ins Präteritum: schirmt (die DDR-Regierung)

Setze das Verb ins Präteritum: fühlen (viele Menschen)

Setze das Verb ins Präteritum: wollen (viele Menschen)

Setze das Verb ins Präteritum: will (die Regierung)

Setze das Verb ins Präteritum: sorgt (die Lage)

Setze das Verb ins Präteritum: beginnt (die DDR)

Setze das Verb ins Präteritum: wird (die Berliner Mauer)

Warum fühlten sich die DDR-Bürger unfrei?

In welchem Protokoll erwähnt man...

dat hij/zij problemen kreeg omdat hij/zij openlijk gezegd had dat de Russische bezetters beter terug huiswaarts keerden en de DDR-partijleider konden meenemen

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D

dat hij/zij zich te weinig materiaal kunnen aanschaffen om zijn/haar beroep naar behoren te kunnen uitoefenen

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D

dat hij/zij kinderen niet wil laten opgroeien in de DDR

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D

dat hij/zij onder druk werd gezet om lid te worden van (een organisatie van) de partij

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D

dat hem/haar belangrijke dingen werd ontzegd omdat hij/zij geen lid wilde zijn van (een organisatie van) de partij

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D

dat hij/zij gevlucht is omdat familieleden reeds eerder gevlucht zijn

A

Protokoll A

B

Protokoll B

C

Protokoll C

D

Protokoll D