Oefenen met eenheden en significante cijfers.

Planning deze les:
- Uitleg nauwkeurigheid van een getal.
- Herhaling 1.2
- Korte quizz
- Nieuwe opdracht keco plus afmaken vorige opdracht.
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Planning deze les:
- Uitleg nauwkeurigheid van een getal.
- Herhaling 1.2
- Korte quizz
- Nieuwe opdracht keco plus afmaken vorige opdracht.

Slide 1 - Tekstslide

Welk getal is nauwkeuriger
- 6 of 6,0?

-Geef aan binnen welke grenzen de twee getallen liggen.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Quiz
- Pak ke mobiel / laptop
- Login bij lessonup en zit start klaar.

Slide 4 - Tekstslide

Hoeveel significante cijfers heeft het getal 0,0068020
A
7
B
6
C
5
D
4

Slide 5 - Quizvraag

0,0300 x 50,00
A
1,5
B
1,50
C
1,500
D
1,5000

Slide 6 - Quizvraag

4,25 + 5,8
A
10
B
10,1
C
10,05
D
1*10^2

Slide 7 - Quizvraag

Wat is de grootheid die hoort bij
temperatuur?
A
Celsius
B
Graden Celsius
C
Temperatuur
D
Warmte

Slide 8 - Quizvraag

vereenvoudig de volgende eenheid:
​m⋅kg​−1​​​​m​2​​⋅kg​−3​​​​
A
m​3​​⋅kg​−4​​
B
m⋅kg​−4​​
C
m​3​​⋅kg​−2​​
D
m⋅kg​−2​​

Slide 9 - Quizvraag

Herschrijf de formule E=mgh naar h
A
h=E⋅m⋅g
B
h=E⋅​m​​g​​
C
h=E⋅​g​​m​​
D
h=​m⋅g​​E​​

Slide 10 - Quizvraag

Herleid de onderstaande formule
naar v.
E=​2​​1​​m⋅v​2​​
A
v=√​2E⋅m​​​
B
v=√​​2m​​E​​​​​
C
v=√​2​m​​E​​​​​
D
v=2E⋅√​m​​​

Slide 11 - Quizvraag

Wat is de onnauwkeurigheid van het getal 10?
A
0,5
B
0,05
C
5

Slide 12 - Quizvraag

Stel een auto rijdt 5 seconden met 5 m/s. Bereken de afstand die de auto aflegt én bereken ook tussen welke waarde de afstand ligt als je kijkt naar de onnauwkeurigheid in beide meetwaarden. UPLOAD DE FOTO.

Slide 13 - Open vraag

Antwoord:
s = v xt = 5 x5 = 25 meter   (eigenlijk 3 * 10^1 )
Minimale afstand:
4,5 x 4,5 = 20,25 m dus 20 m.
Maximaal:
5,5, x 5,5 = 30,25 m dus 30 m.
Met de gegeven significantie ligt het antwoord tussen 20 en 30m

Slide 14 - Tekstslide