3.2b De Franken komen

Lesopzet
K: Presentatie 3.2, deel 2.
Z: 3.2 maken (helemaal)
Z: Klaar? Studiewijzer
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Lesopzet
K: Presentatie 3.2, deel 2.
Z: 3.2 maken (helemaal)
Z: Klaar? Studiewijzer

Slide 1 - Tekstslide

Vorige keer...
Je weet wat de gevolgen zijn van het einde van het Romeinse rijk. 

Slide 2 - Tekstslide

Het romeinse rijk valt uit elkaar
  • Te weinig soldaten om de grenzen te bewaken.
  • Boeren verlieten de akkers na te hoge belastingen. > Er komt minder belasting binnen.
  • Keizers maken ruzie > Splitsing Romeinse rijk in 395.

Slide 3 - Tekstslide

Grote volksverhuizing
  • Germaanse stammen gaan opzoek naar beter leefgebied

  • Het verzwakte Romeinse rijk kan de grens niet meer beschermen

Slide 4 - Tekstslide

Het West-Romeinse Rijk valt
476




  • Romeinse keizer krijgt minder macht. 
  • Odoaker komt op de troon (Als eerste niet-Romein.)

Slide 5 - Tekstslide

Gevolgen?
  • In Europa ontstaan kleine koninkrijken.
  • Handel verdwijnt
  • Steden lopen leeg > veilig op het platteland. > Landbouwsamenleving

Slide 6 - Tekstslide

Deze keer...
Je weet hoe de Frankische koningen aan de macht kwamen over een groot rijk.

Slide 7 - Tekstslide

Wat is geen oorzaak voor het verdwijnen van het West-Romeinse Rijk?
A
Volksverhuizingen
B
Te klein leger
C
Slecht bestuur
D
Ontstaan Oost-Romeinse Rijk

Slide 8 - Quizvraag

Wat zie je op de kaart?
A
Splitsing in West- en Oost- Romeinse Rijk
B
De val van het Oost-Romeinse Rijk
C
De val van het West-Romeinse Rijk
D
De volksverhuizingen

Slide 9 - Quizvraag

Het begrip dat bij dit plaatje past is ...
A
West Romeinse Rijk
B
Volksverhuizingen
C
Frankische rijk
D
Romeinse cultuur

Slide 10 - Quizvraag

Welk deel van het Romeinse Rijk is blijven bestaan tot 1453?
A
West Romeinse Rijk
B
Oost Romeinse Rijk

Slide 11 - Quizvraag

Franken
  • Germaanse volk
  • Woonden sinds de 3e eeuw in het West-Romeinse Rijk.
  • Na het verdwijnen van dit rijk breidden ze hun macht verder uit.

Slide 12 - Tekstslide

Frankische Rijk 
  • Rond 500 n.C. Clovis koning van het Frankische Rijk
  • Rond deze tijd bekeerde hij zich ook tot het christendom.
  • Hierdoor kreeg hij steun van de kerk in zijn strijd tegen andere Germaanse stammen.
  • De geestelijken hielpen Clovis bij het besturen van het rijk. Zij konden schrijven.

Slide 13 - Tekstslide

het koninkrijk der Franken:

begin 5e eeuw groot deel van Frankrijk, Belgie en Nederland.

Clovis, 481-511

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Welk geloof had Clovis?
A
Romeinse godsdienst
B
Jodendom
C
Christendom
D
Islam

Slide 16 - Quizvraag

Welke gebieden hoorden begin 5e eeuw bij het Frankische Rijk?
A
Stukken van Frankrijk, Duitsland en Nederland
B
Stukken van Nederland, België en Duitsland
C
Stukken van Frankrijk, België en Nederland.
D
Stukken van België, Frankrijk en Duitsland.

Slide 17 - Quizvraag

Deze keer...
Je weet hoe de Frankische koningen aan de macht kwamen over een groot rijk.

Slide 18 - Tekstslide

Lesopzet
K: Presentatie 3.2, deel 2.
Z: 3.2 maken (helemaal)
Z: Klaar? Studiewijzer

Slide 19 - Tekstslide