Een foodtruck met klanten bij het afhaalluik, Austin (Texas)
EXAMENSTOF · STARTEN · PLAN EN OPRICHTING
Quiz
Terugblik: Ondernemingsplan en oprichting
Een foodtruck met klanten bij het afhaalluik, Austin (Texas)
EXAMENSTOF · STARTEN · PLAN EN OPRICHTING
Quiz
Terugblik: Ondernemingsplan en oprichting
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Kurtkaiser / Wikimedia Commons, CC0
Imran: 'Ik wil mijn passie voor koken omzetten in werk.' Wat is dit in zijn persoonlijk plan?
Een persoonlijke kwaliteit
Een persoonlijk gegeven
Een marketingdoelstelling
Een persoonlijk motief
Syllabus 12.2.1: waarom je wilt ondernemen is een motief. Verwachte fout: kwaliteit, omdat passie bij het vak lijkt te horen.
Vul in
Een marketingplan beschrijft de doelgroepen, de concurrentie en de marketingdoelstellingen, met een marketingmix die daarbij past.
Syllabus 12.2.2. Verwachte fout: investeringsbegroting, die hoort bij het financieel plan.
Welke uitspraak over de SWOT-analyse klopt?
Kansen en sterkten kun je allebei direct zelf beïnvloeden
Sterkten en zwakten gaan over het bedrijf, kansen en bedreigingen over de omgeving
Bedreigingen gaan altijd over de concurrentie
De SWOT-analyse beoordeelt alleen de financiële positie
Syllabus 12.2.2: intern (sterkten en zwakten) versus extern (kansen en bedreigingen). Bedreigingen kunnen ook uit klantgedrag of regelgeving komen.
Fenna gaat haar bloemen ook aan huis bezorgen. Welk instrument van de marketingmix is dit?
Plaats
Product
Prijs
Promotie
Syllabus 12.2.2: de manier waarop het product bij de klant komt hoort bij plaats (plaatsbeleid). Verwachte fout: product, omdat bezorgen een dienst lijkt.
Waarom hangt de startdatum af van vergunningen?
Syllabus 12.2 en 12.3: zonder vereiste vergunning mag je niet open, en een aanvraag kost tijd. Een goed antwoord noemt dat het plan daarom rekening houdt met de doorlooptijd, en dat de kosten in de begroting komen. Verwachte fout: alleen noemen dat een vergunning verplicht is, zonder het gevolg voor het plan.
Een zaak investeert € 20.000. 40% daarvan is eigen inbreng, de rest leent de bank. Hoeveel vreemd vermogen?
€ 8.000
€ 20.000
€ 12.000
€ 28.000
Syllabus 12.2.3. Uitwerking: eigen inbreng 40% van 20.000 is 8.000. Vreemd vermogen 20.000 min 8.000 is 12.000, dus 60%. Verwachte fouten: de eigen inbreng noemen (8.000), de hele investering (20.000) of optellen (28.000).
Een klant koopt in december voor € 800 op rekening en betaalt in januari. Wat geldt in december?
Wel een ontvangst, geen opbrengst
Wel een opbrengst, nog geen ontvangst
Zowel een opbrengst als een ontvangst
Pas in januari een opbrengst, want dan wordt betaald
Syllabus 12.2.3 en 28.2 (periodetoerekening): de opbrengst hoort bij de periode van de levering, de ontvangst bij de betaling. Verwachte fout: opbrengst en ontvangst gelijkstellen.
Ravi wil met een koffiekar op een vaste plek op straat staan. Welke vergunning past?
Een vergunning van de Kamer van Koophandel
Een inschrijving in het Handelsregister
Geen enkele, een kar is geen pand
Een standplaatsvergunning van de gemeente
Syllabus 12.3: vergunningen hangen af van de activiteit. Voor een vaste verkoopplek op de openbare weg vraag je een standplaatsvergunning bij de gemeente. Verwachte fout: de KvK of het Handelsregister als vergunningverlener zien; de KvK registreert alleen.
Mei schrijft: 'Mijn omzet wordt hoog, want ik verwacht dat iedereen bij mij komt.' Wat is hiermee mis?
Een omzetverwachting hoort alleen in de liquiditeitsbegroting
Een verwachting hoort niet in een ondernemingsplan
De concurrentie hoeft pas na de start bekeken te worden
De doelgroep is niet afgebakend en de omzet niet onderbouwd
Syllabus 12.2.2 en 12.2.3: de omzet in het financieel plan moet steunen op een concrete doelgroep, prijs en concurrentieanalyse. 'Iedereen' is geen doelgroep.
Joris neemt elke maand € 1.000 privé op uit zijn eenmanszaak. Wat is dit?
Een kost in de exploitatiebegroting, net als loon
Geen kost van de zaak, wel een uitgave in de liquiditeitsbegroting
Een investering in de investeringsbegroting
Alleen interest die wordt betaald aan de ondernemer
Syllabus 12.2.3 en 28 (privéontvangsten en privéuitgaven): bij een eenmanszaak is de ondernemer geen werknemer; een privéopname is geen kost, maar er gaat wel geld uit de zaak. Verwachte fout: loon als kost.
Een bank vindt Nadia's prijs te laag voor haar kosten. Welke twee plandelen legt de bank naast elkaar?
Persoonlijk plan en investeringsbegroting
SWOT-analyse en financieringsbegroting
Marketingplan (prijs) en exploitatiebegroting (kosten)
Vergunningen en liquiditeitsbegroting
Syllabus 12.2: samenhang tussen plandelen. De prijs komt uit de marketingmix, de kosten staan in de exploitatiebegroting. Samen bepalen ze het verwachte resultaat.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · STARTEN · PLAN EN OPRICHTING
Goed gedaan!
Goed gedaan. Je kunt nu de onderdelen van een ondernemingsplan opstellen, op samenhang beoordelen en de oprichtingsverplichtingen van een eenmanszaak noemen.
Deze slide heeft geen instructies