1.2 Elektrische energie vervoeren 3v

Welkom
Pak de volgende spullen er vast bij:


- Boeken
- Schrift
- Rekenmachine
- Etui

Meld je daarna aan bij LessonUp
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Welkom
Pak de volgende spullen er vast bij:


- Boeken
- Schrift
- Rekenmachine
- Etui

Meld je daarna aan bij LessonUp

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat gaan we deze week doen?

  • Uitleg 1.2
  • Bespreken opdracht 3
  • Zelf aan het werk
  • Afsluiten

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Energiecentrale
Fossiele brandstof

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Test jezelf van 1.1
  • Je kunt de onderdelen van een energiecentrale beschrijven en hun functie benoemen.
  • Je kunt uitleggen op welke manier een inductiespanning in een dynamo wordt opgewekt.
  • Je kunt toelichten wat er wordt bedoeld met (geleverd of opgenomen) elektrisch vermogen.
  • Je kunt het energieverbruik van een elektrisch apparaat berekenen in de eenheid joule.

Slide 4 - Tekstslide

Demo lampen
Elektriciteitsnet

Slide 5 - Tekstslide

Demo hoogspanning
De transformator
Met een transformator kan je de spanning omhoog of omlaag transformeren.


Slide 6 - Tekstslide

Demo 5
Formule:

Formule voor een transformator

Dit kun je ermee:

De spanning of het aantal windingen uitrekenen.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld
Een transformator heeft een primaire spoel met 200 windingen en een secundaire spoel met 40 windingen.
Bereken de spanning die je krijgt wanneer de transformator wordt aangesloten op netspanning.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bespreken opdracht 3

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel volt staat er op de primaire spoel als hij 100 windingen heeft, terwijl de secundaire 20 windingen heeft en 6V levert?
Geef alleen je antwoord met eenheid.

Slide 10 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Ideale transformator
Bij een ideale transformator is er geen vermogensverlies en geldt dat het vermogen aan de primaire kant gelijk is aan het vermogen van de secundaire kant. 


Slide 11 - Tekstslide

Eventueel demo 6
Voorbeeld
Een ideale transformator wordt aangesloten op 230 V. De stroomsterkte door de eerste spoel is 16 A. De secundaire spanning levert een spanning van 48 V.
Bereken de secundaire spanning.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Je hebt een ideale transformator. De primaire spanning is 40 V, de primaire stroomsterkte is 2 A, de secundaire stroomsterkte is 5 A.
Wat is de secundaire spanning?
A
16 V
B
0,25 V
C
40 V
D
80 V

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is dit een ideale
transformator?
Waarom?
Is dit een ideale transformator?

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom hoogspanning

Slide 15 - Tekstslide

Demo 7
Leerdoelen 1.2
  • Je kunt aan de hand van de verhouding van het aantal windingen de spanningsverhoging of spanningsverlaging in een transformator berekenen.
  •  Je kunt uitleggen waarom op het elektriciteitsnet verschillende spanningen worden gebruikt.
  • Je kunt de kenmerken van de netspanning die het lichtnet levert noemen en toelichten.
  • Je kunt uitleggen hoe een transformator spanningen omhoog of omlaag transformeert.
  • Je kunt op basis van het aantal windingen berekenen hoeveel een transformator de spanning verhoogt of verlaagt.
  • Je kunt primaire en secundaire stroomsterkten en spanningen berekenen, uitgaand van een ideale transformator.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nu zelf aan de slag
  1. Maak opdracht 1 t/m 9 op blz. 26, 27 en 28
  2. Nakijken
  3. Maak test jezelf

Klaar en test jezelf voldoende afgesloten?
Start met 1.3

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen 1.2
  • Je kunt aan de hand van de verhouding van het aantal windingen de spanningsverhoging of spanningsverlaging in een transformator berekenen.
  •  Je kunt uitleggen waarom op het elektriciteitsnet verschillende spanningen worden gebruikt.
  • Je kunt de kenmerken van de netspanning die het lichtnet levert noemen en toelichten.
  • Je kunt uitleggen hoe een transformator spanningen omhoog of omlaag transformeert.
  • Je kunt op basis van het aantal windingen berekenen hoeveel een transformator de spanning verhoogt of verlaagt.
  • Je kunt primaire en secundaire stroomsterkten en spanningen berekenen, uitgaand van een ideale transformator.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ja, dat kan ik!
ūüėíūüôĀūüėźūüôāūüėÉ

Slide 19 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de juiste volgorde van het elektriciteitsnetwerk?
A
elektriciteitscentrale, transformatorhuisje, verdeelstation
B
transformatorhuisje, verdeelstation, elektriciteitscentral
C
elektriciteitscentrale, verdeelstation, transformatorhuisje
D
verdeelstation, elektriciteitscentrale, transformatorhuisje

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Antwoord:

Slide 22 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies