week 17 les 1

BONJOUR
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

BONJOUR

Slide 1 - Tekstslide

Les devoirs
Faire (afmaken): Bloc H ex 31ab, ex 32a, extra oefenstencil 
Neem zelf nogmaals de instructievideo's  + het stappenplan door
Apprendre (leren):  PWCh3  voorbereiden

Slide 2 - Tekstslide

Les buts du cours
10 min SO bespreken:
Je weet wat je goed of fout hebt gedaan
10 min Leertijd: + (schrift controle) = PW Ch3 voorbereiden
Je kiest zelf wat je wilt gaan voorbereiden.
10 min instructietijd + oefentijd: herhaling Bloc H
Je kunt een zin eenvoudiger maken door een persoon of ding te vervangen door: le, la, l'of les
Je kunt het stappenplan (zie extra stencil) begrijpen en dit plan toepassen bij de opdrachten
25 min: Verbeter + Werktijd + PW voorbereidingstijd (Ch3 alles afronden)
Je zorgt ervoor dat je alles hebt  af hebt, nagekeken en verbeterd van Ch3
Je kunt de rest van de tijd gebruiken om het PW van Ch3 voor te bereiden
Indien nodig deze les: Extra instructie/ vragen stellen















Slide 3 - Tekstslide

préparer contrôle Ch3 

Slide 4 - Tekstslide

Leertijd = Stiltetijd 
Préparer le contrôle Ch3 (PWCH3 voorbereiden)
Je overhoort jezelf met slimstampen of StudyGO 
of op een andere manier.
Werk je niet op de computer? Dan..
Ben je de woorden en zinnen aan het schrijven 
en niet aan het doorlezen!


timer
10:00

Slide 5 - Tekstslide


Herhaling Bloc H

Het lijdend voorwerp vervangen door een persoonlijk vnw



Slide 6 - Tekstslide

Het persoonlijk voornaamwoord - Le pronom personnel





Hoe weet je nou welke vorm je moet gebruiken?
Lijd. vwp.

le/la/l'

 of

les
Stappenplan!

1. Naar welk woord wordt er verwezen?
Mannelijk, vrouwelijk, enkelvoud of meervoud?
2. Zet het persoonlijk voornaamwoord in dezelfde vorm.


Slide 7 - Tekstslide

Het persoonlijk voornaamwoord - Le pronom personnel





Hoe weet je op welke plek het lijd vw moet zetten?
Lijd. vwp.

le/la/l'

 of

les
Stappenplan!
1. Staat er een heel werkwoord in de zin?
2. Staan er meerdere vervoegde werkw. in de zin?
3. Staat er 1 vervoegd werkw. in de zin?


Slide 8 - Tekstslide

Het persoonlijk voornaamwoord - Le pronom personnel





Hoe weet je op welke plek het lijd vw moet zetten?
Stap 1:
Staat er een heel werkwoord in de zin?
Ja? het pers.vnw komt voor het hele werkw. te staan.
Bijv: Je vais le regarder (ik ga het kijken)
Nee? ga naar stap 2
Stap 2:
Staan er meerdere vervoegde werkw. in de zin?
Ja? zoek het 1e vervoegde werkwoord op. Het pers.vnw. komt voor het 1e werkw. te staan.
Bijv: Tu l’as regardé (Je hebt het bekeken)
Nee? ga naar stap 3
Stap 3:
Staat er 1 vervoegd werkw. in de zin?
Ja ? zet het pers.vnw voor het vervoegde werkw.
Bijv: Je le regarde (Ik bekijk het)
Nee? X er kan geen pers. vnw in de zin gezet worden.









Slide 9 - Tekstslide

Exemples:
Stap 1: Je vais manger les frites = ik ga friet eten.
Je vais les manger = ik ga ze eten.
Stap 2:  J'ai mangé les frites = ik heb friet gegeten.
Je les ai mangé = ik heb ze gegeten.
Stap 3: Je mange les frites = ik eet friet.
Je les mange = ik eet ze.

Slide 10 - Tekstslide

On va pratiquer...

We gaan oefenen

Slide 11 - Tekstslide


Vervang het lijdend voorwerp met een persoonlijk voornaamwoord
J'écoute ma chanson préférée.
A
Je la écoute.
B
Je le ecoute.
C
Je l'écoute.
D
Je les écoute.

Slide 12 - Quizvraag



Vervang het lijdend voorwerp met een persoonlijk voornaamwoord
J'ai vu ses concerts.
A
J'ai les vu.
B
Je les ai vu.
C
Je l'ai vu.
D
J'ai vu les.

Slide 13 - Quizvraag


Vervang het lijdend voorwerp met een persoonlijk voornaamwoord
Vous aimez les chansons de Taylor Swift?
A
Oui, nous les aimons.
B
Oui, nous l'aimons.
C
Oui, nous aimons les.
D
Oui, les nous aimons.

Slide 14 - Quizvraag


Vervang het lijdend voorwerp met een persoonlijk voornaamwoord
Je connais cette chanteuse.
A
Je le connais.
B
Je la connais.
C
Je l'connais
D
Je les connais.

Slide 15 - Quizvraag



Vervang het lijdend voorwerp met een persoonlijk voornaamwoord
Tu veux regarder ce film français?
A
Je veux regarder le.
B
Je veux le regarder.
C
Je le veux regarder.
D
Je veux le regarder le film français.

Slide 16 - Quizvraag

Heb je nog extra instructie nodig?
Oui
Non

Slide 17 - Poll

Verbetertijd + Werktijd +Leertijd
Heb je nog nakijkwerk?
Heb je nog vragen?
Oefenstencil Bloc H nakijken!
Ch3 afronden! 
Ben je klaar: PWCh3 voorbereiden!

HW na de vakantie: blokje 1 + 2 van het mondeling afhebben

Slide 18 - Tekstslide

Les devoirs
PW Ch3!

Leerstof: WB: 

Slide 19 - Tekstslide