T5 Bs5 + 6

Hoe zitten we er allemaal bij?
Telefoon in de tas?

timer
3:00
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 4

In deze les zitten 31 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hoe zitten we er allemaal bij?
Telefoon in de tas?

timer
3:00

Slide 1 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel
Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Ik weet hoe impulsen worden doorgegeven tussen zenuwcellen.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 60 klassikaal
Wat is de maximum negatieve lading van een zenuwcel?
Hoe kunnen impulsen doorgegeven worden tussen zenuwcellen?
Opdracht 52-63 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 52-63 van thema 5

Slide 2 - Tekstslide

Impulsgeleiding
Een impuls wordt gevormd door een zintuigcel.
Dat impuls wordt doorgegeven aan een zenuwcel.

Die overdracht van zintuigcel naar zenuwcel gebeurt via neurotransmitters.

Slide 3 - Tekstslide

Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Wanneer een zenuwcel geen signaal aan het doorgeven is, heeft een negatieve lading (-70 mV).

Die negatieve lading wordt behouden
door middel van actief transport.

Slide 4 - Tekstslide

Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Een impuls wordt pas doorgegeven als de drempelwaarde wordt behaald.

In zenuwcellen is die drempelwaarde -50 mV.

Een impuls met een te lage sterkte wordt 
niet doorgegeven.

Een impuls dat sterker is wordt doorgegeven.

Slide 5 - Tekstslide

Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
sprongsgewijze impulsgeleiding

Slide 6 - Tekstslide

Ik weet hoe impulsen worden doorgegeven tussen zenuwcellen.

Slide 7 - Tekstslide

Impulsgeleiding




Hardere prikkel betekent meer 
impulsen
Drugs kunnen hier invloed op uitoefen

Slide 8 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel
Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Ik weet hoe impulsen worden doorgegeven tussen zenuwcellen.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 60 klassikaal
Wat is de maximum negatieve lading van een zenuwcel?
Hoe kunnen impulsen doorgegeven worden tussen zenuwcellen?
Opdracht 52-61 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 52-61 van thema 5

Slide 9 - Tekstslide

Opdracht 60
Aan een zenuwcel worden kunstmatig prikkels met toenemende prikkelsterkte toegediend. De impulssterkte en de impulsfrequentie worden gemeten. In de afbeelding zijn de resultaten in diagrammen weergegeven. P is de drempelwaarde.

In welk diagram is het verband tussen prikkelsterkte en
impulssterkte juist weergegeven? Leg je antwoord uit.




Slide 10 - Tekstslide

Opdracht 60

In welk diagram is het verband tussen prikkelsterkte en
impulsfrequentie juist weergegeven? Leg je antwoorden uit.





Slide 11 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel
Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Ik weet hoe impulsen worden doorgegeven tussen zenuwcellen.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 60 klassikaal
Wat is de maximum negatieve lading van een zenuwcel?
Hoe kunnen impulsen doorgegeven worden tussen zenuwcellen?
Opdracht 52-63 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 52-63 van thema 5

Slide 12 - Tekstslide

Zelfstandig aan de slag
Opdracht 52-63 van thema 5


                                   Werk rustig voor jezelf, stoor geen anderen
                                   Rustig overleggen mag
                                   Wat je niet af krijgt is huiswerk!

timer
15:00

Slide 13 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel
Ik weet hoe een impuls wordt doorgegeven binnen in een zenuwcel.
Ik weet hoe impulsen worden doorgegeven tussen zenuwcellen.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 60 klassikaal
Wat is de maximum negatieve lading van een zenuwcel?
Hoe kunnen impulsen doorgegeven worden tussen zenuwcellen?
Opdracht 52-63 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 52-63 van thema 5

Slide 14 - Tekstslide

5 minuten pauze
Je mag op je mobiel of laptop spelletjes doen, maar je mobiel zit in de telefoontas of laptop is dicht na de 5 minuten pauze!
Je mag naar het toilet

Het volume blijft laag, andere klassen 
hebben nog les. Je blijft op je plek.
Bij het niet opvolgen is het paars, geen discussie!

timer
5:00

Slide 15 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel, impulsgeleiding
Ik kan het verschil tussen glad- en dwarsgestreept spierweefsel beschrijven.
Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 71 klassikaal
Wat is een belangrijk verschil tussen glad en dwarsgestreept spierweefsel?
Waarom is glycogeen belangrijk in onze spieren?

Opdracht 64-76 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 64-76 van thema 5

Slide 16 - Tekstslide

Ik kan het verschil tussen glad- en dwarsgestreept spierweefsel beschrijven.

We kennen glad spierweefsel
en dwarsgestreept spierweefsel

Glad spierweefsel: ogen, huid, verteringsstelsel - raken niet snel vermoeid - langzame samentrekking

Dwarsgestreepte: lichaamshouding, meerdere kernen - snel uitgeput - snelle reactie

Slide 17 - Tekstslide

Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Skeletspier - BiNaS 90C

Slide 18 - Tekstslide

Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Hoe worden signalen doorgegeven tussen cellen?

Slide 19 - Tekstslide

Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Verbranding van glucose nodig
voor beweging.

Slide 20 - Tekstslide

Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.

Slide 21 - Tekstslide

Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
We kennen in de groep 
Dwarsgestreepte spieren: 
                                             Langzame spiervezels (goed doorbloed)
                                             Snelle spiervezels (minder mitochondriën)

Slide 22 - Tekstslide

Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Bewegen is gezond. 
Doe dit regelmatig en veel!

Slide 23 - Tekstslide

Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Gezond of niet?

Slide 24 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel, impulsgeleiding
Ik kan het verschil tussen glad- en dwarsgestreept spierweefsel beschrijven.
Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 71 klassikaal
Wat is een belangrijk verschil tussen glad en dwarsgestreept spierweefsel?
Waarom is glycogeen belangrijk in onze spieren?

Opdracht 64-76 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 64-76 van thema 5

Slide 25 - Tekstslide

Opdracht 71
Nelli Cooman was ooit de beste sprintster van Nederland. In 1987 en 1989 werd ze wereldkampioen op de 60 meter sprint. Haar talentvolle dochter Ronéll Rosier lijkt haar moeder achterna te gaan. Toch zijn de spiervezels van moeder en dochter niet precies gelijk. De spieren van Nelli bestaan voor ongeveer 80% uit snel spierweefsel, die van Ronéll voor 60-70%.


Wie zal op basis van de spiervezels het best kunnen presteren op de 60 meter sprint: moeder Nelli of dochter Ronéll? Leg je antwoord uit. Laat bij het beantwoorden van deze vraag het leeftijdsverschil buiten beschouwing.




Slide 26 - Tekstslide

Opdracht 71
Tijdens een 60 meter sprint vindt in de spieren maximale verbranding plaats.



Waarom is een coolingdown daarna van belang?

Slide 27 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel, impulsgeleiding
Ik kan het verschil tussen glad- en dwarsgestreept spierweefsel beschrijven.
Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 71 klassikaal
Wat is een belangrijk verschil tussen glad en dwarsgestreept spierweefsel?
Waarom is glycogeen belangrijk in onze spieren?

Opdracht 64-76 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 64-76 van thema 5

Slide 28 - Tekstslide

Zelfstandig aan de slag
Opdracht 64-76 van thema 5


                                   Werk rustig voor jezelf, stoor geen anderen
                                   Rustig overleggen mag
                                   Wat je niet af krijgt is huiswerk!

timer
15:00

Slide 29 - Tekstslide

Opstart:
Homeostase en regelkringen, het hormoonstelsel, het zenuwstelsel, reflexen en het autonome zenuwstelsel, impulsgeleiding
Ik kan het verschil tussen glad- en dwarsgestreept spierweefsel beschrijven.
Ik kan de bouw en functie van spieren beschrijven.
Ik kan uitleggen wat het effect is van training, revalidatie en dopinggebruik.
Tijdens de instructie ben ik stil en luister ik aandachtig naar de docent
Opdracht 71 klassikaal
Wat is een belangrijk verschil tussen glad en dwarsgestreept spierweefsel?
Waarom is glycogeen belangrijk in onze spieren?

Opdracht 64-76 van thema 5
Wat vonden jullie van mijn les?
Opdracht 64-76 van thema 5

Slide 30 - Tekstslide

Vraagje!
Hoe willen jullie hoe ik volgende les vormgeef?

Slide 31 - Tekstslide