Grammatica les 6: lw, znw, bnw, vz

Grammatica (herhaling woordsoorten)
Les 3: lidwoord (lw), zelfstandige naamwoord (znw), bijvoeglijk naamwoord (bnw) en voorzetsel (vz).
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Grammatica (herhaling woordsoorten)
Les 3: lidwoord (lw), zelfstandige naamwoord (znw), bijvoeglijk naamwoord (bnw) en voorzetsel (vz).

Slide 1 - Tekstslide

Vorige les...

.... heb je geleerd om het meewerkend voorwerp te herkenen en benoemen in de zin.


Deze les...
....herhaal je alle voorkennis over de pv, wwg, ow, lv en mwv.
...activeer je jouw kennis over het lw, znw, bnw en vz.
...kun je het lw, znw bnw en vz herkennen en benoemen in een zin.
Ga snel naar de volgende slide daar wacht een queste op je...

Slide 2 - Tekstslide

Queste
"Een queeste is niet zomaar een zoektocht: het woord roept het beeld op van een eindeloze, omvangrijke zoektocht, vaak naar iets van bijzondere (geestelijke) waarde." (Onzetaal.nl, 2016).

Slide 3 - Tekstslide

Op zoek naar goud!
Gelukkig, daar ben je!  Een prinses is gevangen genomen door een groep piraten en jouw hulp is nodig om haar te bevrijden. Deze les kun je een aantal gouden munten verdienen door de opdrachten te maken en de vragen goed te beantwoorden. Noteer de munten die je verdient op een apart blaadje. Aan het einde van de les  tel je de munten op en zie je wat deze munten voor je betekenen.Lukt het je om de prinses te redden?Let op, want de tijd tikt!

Slide 4 - Tekstslide


Je hebt ook een schip nodig om de prinses te redden...
Maak de vragen op de volgende slides 6 t/m 8.
Per goed antwoord kun je 1 munt verdienen.

Slide 5 - Tekstslide

Zin: Voor de prinses had ik een paard gekocht.
Wat is het zinsdeel 'Voor de prinses'?
Kies uit: wwg, ow, lv, mv of kies een leeg hokje (als er geen sprake is van een wwg, ow, lv, mv).

A
lv
B
mv
C
ow
D
wwg

Slide 6 - Quizvraag

Zin: Voor de prinses had ik een paard gekocht.
Wat is het zinsdeel 'een paard'?
Kies uit: wwg, ow, lv, mv of kies een leeg hokje (als er geen sprake is van een wwg, ow, lv, mv).

A
lv
B
mv
C
ow
D
wwg

Slide 7 - Quizvraag

Zin: Voor de prinses had ik een paard gekocht.
Wat is het zinsdeel 'ik'?
Kies uit: wwg, ow, lv, mv of kies een leeg hokje (als er geen sprake is van een wwg, ow, lv, mv).

A
lv
B
mv
C
ow
D
wwg

Slide 8 - Quizvraag

Op het schip heb je ook bemanning nodig...

Lees de theorie op de volgende slides 10 t/m 15
Houd steeds goed bij hoeveel munten je hebt verdiend.

Slide 9 - Tekstslide

Je bent tot nu toe bezig geweest met redekundig ontleden, maar vanaf nu ga je aan de slag met taalkundig ontleden!

Weet je al wat het verschil is tussen deze twee soorten van ontleden? Heel goed je verdient dan automatisch twee munten! Ga dan meteen verder naar slide 12.
Weet je het niet? Kijk dan het filmpje op de volgende slide. Daarna verdien je ook twee munten!

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Lidwoorden, zelfstandige naamwoorden
In het Nederlands zijn er drie lidwoorden (lw): de, het en een.  Lidwoorden schrijf je meestal voor zelfstandige naamwoorden (znw).
Een znw gebruik je voor mensen, dieren planten en dingen. Van de meeste znw kun je een verkleinwoord maken en een meervoudsvorm.
Bijvoorbeeld: munt, de munten, de muntjes.
een draak, de draken, de draakjes

Slide 12 - Tekstslide

Let op!
Namen zijn ook zelfstandige naamwoorden. Je noemt ze eigennamen. Er staat geen lidwoord voor en ze komen ook niet als meervoudsvorm of verkleinwoord voor.


Slide 13 - Tekstslide

Bijvoeglijke naamwoorden (bnw)

Een bijvoeglijk naamwoord (bnw) zet je voor zelfstandige naamwoorden om kenmerken of eigenschappen toe te voegen.

Voorbeeld: de gewelddadige piraten haalden de buit binnen.
Gewelddadig zegt nu iets over de piraten en geeft aan dat ze dat zijn en veel geweld gebruiken.
Je noemt het woord 'gewelddadig' een bnw.

Slide 14 - Tekstslide

Voortzelsel (vz)
Een voorzetzel staat in zinsdelen en geeft een antwoord op vragen zoals: waarin, waaronder, waarmee, waardoor?
Het staat nooit los in een zin, maar maakt altijd onderdeel van een zinsdeel uit. Voorbeelden van voortzelsels zijn: onder, na, met, tegen, achter, in, naast, voor, langs.
Een truc: de meeste vz kun je vinden door bijvoorbeeld de woorden 'tafel' of 'kamer' in gedachten te nemen met puntjes daarvoor.
.... de tafel....  of de kamer...
Een vz kun je op deze puntjes invullen: op de tafel, onder de tafel, naast de tafel. Langs de kamer, achter de kamer.

Slide 15 - Tekstslide

Je hebt ook kleding voor een slimme list nodig om de prinses te redden...

Maak de volgende quizvragen op slides 17 t/m 23.
Per quizvraag verdien je 1 munt.

Slide 16 - Tekstslide

Uit hoeveel zinsdelen bestaan deze zinnen?
a. De Vliegende Hollander is een spookschip.
b. De Vliegende Hollander is een griezelig spookschip.
timer
1:00
A
a.drie, b. drie
B
a. drie, b. vier
C
a. zes, b. zeven
D
a. vier, b. vier

Slide 17 - Quizvraag

Zin: De Vliegend Hollander is een griezelig spookschip.
Vraag: is 'griezelig' ook een znw?
A
Nee, want het is een lv.
B
Nee, want het is een lw.
C
Nee, want het is een bnw.
D
Nee, want het is een vz.

Slide 18 - Quizvraag

Wat zijn de lidwoorden (lw)?
Zin: Verhalen over spookschepen zijn al eeuwenoud.
A
Er zijn geen lidwoorden.
B
Over, al
C
zijn, over
D
Eeuwenoud

Slide 19 - Quizvraag

Wat zijn de lidwoorden (lw)?
Zin: Jack Sparrow heeft de prinses ontvoerd en in een roeiboot meegenomen.
A
de
B
Jack Sparrow
C
in
D
de, een

Slide 20 - Quizvraag

Znw?
Zin: Jack Sparrow heeft de prinses ontvoerd en in een roeiboot meegenomen.
A
Jack Sparrow, prinses, ontvoerd
B
Jack Sparrow, prinses, meegenomen
C
Jack Sparrow, prinses, roeiboot
D
prinses, roeiboot

Slide 21 - Quizvraag

Vz?
Zin: Jack Sparrow heeft de prinses ontvoerd en in een roeiboot meegenomen.
A
Er is geen vz
B
in

Slide 22 - Quizvraag

Vz?
Zin: In de haven liggen de Spaanse galeien naast de roeiboten.
A
de, de
B
In
C
de, de, de
D
In, naast

Slide 23 - Quizvraag

Einde queste
Tel alle munten en kijk hoe jouw persoonlijke avontuur is afgelopen. Lukte het je om de prinses te redden? Ga naar de volgende slide...

Slide 24 - Tekstslide

  • 0-10 munten
  • Helaas, het is je niet gelukt om de prinses te redden. De piraten hebben haar verkocht aan Zwartbaard! Je kon met jouw munten een kleine roeiboot kopen en belandde in een storm. Gelukkig werd je wel gered door een groep vissers en ben je goede vrienden met ze geworden! De zoektocht heeft je toch wat opgeleverd. Ach, een goed zeeman wordt ook wel eens nat!


  • 10-16 munten
  • Je hebt genoeg munten verdiend en kocht  een schip om de piraten te achtervolgen op zee. Je verzamelde ook een bemanning en ging met deze zeerotten de zee op.  Daar kreeg je van de kapitein te horen dat het slim was om een list te bedenken. De piraten mochten niet zien wie je was! Je verkleedde je als Zwartbaard, een beruchte zeerover zodat iedereen bang voor je zou zijn. Je vond het schip en de list werkte! Je kreeg de prinses in ruil voor een zak aardappelen mee.

Slide 25 - Tekstslide

Einde les
Vond je de les leerzaam?
Begrijp je iets nog niet?
Vond je de les saai?
Geef het aan bij de docent!

Slide 26 - Tekstslide