Les 10 juni

Vandaag
Werkwoordspelling oefenen
Literatuurgeschiedenis
Spelling algemeen
Quiz Oudnederlands
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsEnseignement Secondaire

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Vandaag
Werkwoordspelling oefenen
Literatuurgeschiedenis
Spelling algemeen
Quiz Oudnederlands

Slide 1 - Tekstslide

Opwarmer
https://stories.nos.nl/video/2617377-hoe-gaan-we-naar-0-dakloze-jongeren-in-2030

Slide 2 - Tekstslide

oefenen
https://werkwoordvandeweek.nl/

Slide 3 - Tekstslide

Middeleeuwse literatuur en literatuurgeschiedenis

Slide 4 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het eind van deze les(sen) weet je meer over:

  • de historische context rondom middeleeuwse literatuur
  • de eerste Nederlandse teksten/boeken
  • de kenmerken van de middeleeuwse literatuur
  • herkennen intertekstualiteit

Slide 5 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.

Slide 6 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.

Slide 7 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.
  • Goed voor je woordenschat, verbeeldingskracht en empathisch vermogen.

Slide 8 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.
  • Goed voor je woordenschat, verbeeldingskracht en empathisch vermogen.
  • Intertekstualiteit: in andere boeken of films wordt vaak verwezen naar andere/oude teksten.

Slide 9 - Tekstslide

Wanneer waren de middeleeuwen?

Slide 10 - Open vraag

Welke drie standen waren er in de middeleeuwen?

Slide 11 - Open vraag

Waarom werden - denk je - verhalen in de middeleeuwen mondeling overgeleverd ?

Slide 12 - Open vraag

Waarom waren de teksten op rijm?

Slide 13 - Open vraag

Welke taal werd er destijds in Nederland gesproken?

Slide 14 - Open vraag

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Uit welk jaar dateert de eerste literaire Middelnederlandse zin?

Slide 17 - Open vraag

Middeleeuwse literatuur
  • de historische context rondom middeleeuwse literatuur
  • de eerste Nederlandse teksten/boeken
  • de kenmerken van de middeleeuwse literatuur

Slide 18 - Tekstslide

Historische context: tijd 
500-1500 na Christus
  • Begin middeleeuwen na einde Romeinse Rijk
  • Einde middeleeuwen ingezet door start nieuwe periode: de Renaissance.

Slide 19 - Tekstslide

Historische context: 3 standen 
Welke drie standen ken je?
Welke taak hoort bij welke stand?

Taken: 
Strijden/beschermen
Leven met God/bidden
Werken

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Historische context: 3 standen 
Standen = relatief gesloten groepen binnen de bevolking met eigen sociale status en 'taak'.

  1. Geestelijkheid > zij die bidden
  2. Adel & ridders > zij die strijden
  3. Boeren & burgers > zij die werken

Slide 22 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
  • Monniken, nonnen, bisschoppen, paus, etc. Zorgden voor 'zielenheil': bidden, biecht, mis, etc.
  • Theocentrisch. Doel: een leven na de dood zoals in de Bijbel omschreven.
  • De Bijbel was het belangrijkste boek. Waarom?
  • Ze zorgden voor onderwijs

Slide 23 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
Het Hooglied 
In het christendom wordt het Hooglied geïnterpreteerd als een allegorie (gedicht op rijm, vol symboliek) over de liefde tussen Jezus Christus en de kerk als gelovige gemeenschap.  
                              


Slide 24 - Tekstslide

2e stand: Adel & ridders

  • Feodale maatschappij 
  • Ridders en kastelen
  • Eer en aanzien belangrijk
  • Voorhoofs en hoofs

Slide 25 - Tekstslide

2e stand: Adel & ridders
  • Bekwaam in politieke zaken en krijgskunst.
  • Feodale maatschappij (leenstelsel): hoge adel (leenheer) gaf stuk land in ‘leen’ af aan lage adel (leenmannen/vazallen). In ruil daarvoor zwoeren deze vazallen trouw aan hun leenheer & hielpen als er oorlog was.
  • Adel beschermde zichzelf door kastelen en ridders (zonen van lage adellijke families).
  • Eer en aanzien belangrijk.

Slide 26 - Tekstslide

3e stand: Boeren & burgers 
  • 90% van de bevolking was boer
  • 'horigen' in dienst van leenmannen/vazallen 
  • Met de verstedelijking kwam de burgerij 
  • Burgerlijke mentaliteit: vlijt, nuttigheid, spaarzaamheid, etc.

Slide 27 - Tekstslide

Opdrachten
https://docs.google.com/document/d/1GjIPhoBtxbXI3LLdtVaFjS7njch3xcC5NNR9uH6kRDQ/edit?usp=sharing

Slide 28 - Tekstslide

Opdrachten
https://docs.google.com/document/d/1GjIPhoBtxbXI3LLdtVaFjS7njch3xcC5NNR9uH6kRDQ/edit?usp=sharing

Slide 29 - Tekstslide

Spelling algemeen
https://www.cambiumned.nl/woordenschat/engelse-invloed/

Malmberg.nl 4.3 inzicht woordtrainer

Slide 30 - Tekstslide

Les 10 juni

Slide 31 - Tekstslide