1.4 Scheiden verbeteren

1.4 Scheiden verbeteren
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

1.4 Scheiden verbeteren

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
  • Uitleg micro-/ultrafiltratie, centrifugeren en chromatografie
  • Demo papierchromatografie
  • Maken 30, 32, 35 + 34 of 37 (keuze 34 of 37)
  • Optioneel: thuis practicum 9

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoelen
  • Je leert dat er verschillende vormen van filtratie bestaan: 'normaal' filtreren, filtreren onder druk, micro- en ultrafiltratie.
  • Je leert de scheidingsmethode chromatografie kennen.
  • Je leert om zelf een papierchromatogram te maken.

Slide 3 - Tekstslide

Filtreren
Afhankelijk van de samenstelling van de suspensie, kies je voor 'gewoon' filtreren, filtreren onder druk of micro/ultrafiltratie.
Buchner trechter

Slide 4 - Tekstslide

Ultrafiltratie

Slide 5 - Tekstslide

Chromatografie
  • Papier-, dunnelaag-, gas- en kolomchromatografie.
  • Scheiden op basis van oplosbaarheid en aanhechting.
  • Resultaat noem je een chromatogram.
  • Altijd een mobiele en stationaire fase.

Slide 6 - Tekstslide

Papier/dunnelaag-chromatografie
  • De stof die beste oplost in de loopvloeistof (mobiele fase) en het minst goed hecht aan het papier (stationaire fase), eindigt het hoogst.

  • "Wedstrijd" tussen oplosbaarheid in loopvloeistof en hechting aan papier.

  • Voorbeeld: kleurstoffen uit viltstift scheiden.

Slide 7 - Tekstslide

Rf-waarde
  • Rate of flow
  • Rf-waarde is stofeigenschap bij gegeven mobiele en stationaire fase.
  • Hoe groter Rf, hoe beter de stof oplost in het oplosmiddel.

Slide 8 - Tekstslide

Kolomchromatografie
  • De stof die beste oplost in de loopvloeistof (mobiele fase) en het minst goed hecht aan de kolom (stationaire fase), komt als eerste uit de kolom.

  • "Wedstrijd" tussen oplosbaarheid in loopvloeistof en hechting aan kolom.

  • Voorbeeld: verontreinigingen verwijderen uit zelf gemaakt medicijn.

Slide 9 - Tekstslide

Gaschromatografie
  • Hoge temperatuur, zodat alle stoffen in de gasfase komen.
  • De stof die de kleinste moleculen heeft gaan het makkelijkst mee met de gasstroom (mobiele fase) en hechten het minst goed aan de kolom (stationaire fase).

  • De tijd tot de stof uit de kolom komt, noem je de retentietijd.
  • Voorbeeld: dopingcontroles

Slide 10 - Tekstslide

Demo practicum 9 
  • Voorschrift op blz. 22 in je boek.
  • Onderzoek minimaal 2 viltstiften (geen watervaste) of de kleurstof een mengsel is of een zuivere stof.
  • Als loopvloeistof gebruiken we kraanwater.

Optioneel thuis uitvoeren.

Slide 11 - Tekstslide

Aan de slag
  • Uitleg micro-/ultrafiltratie, centrifugeren en chromatografie
  • Demo papierchromatografie
  • Maken 30, 32, 35 + 34 of 37 (keuze 34 of 37)
  • Optioneel: thuis practicum 9

Slide 12 - Tekstslide