KMMZ Les 3 en 4. Visies op zorg

Visie op zorg
1 / 45
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgendeMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 135 min

Onderdelen in deze les

Visie op zorg

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen
  • Je legt uit wat het begrip visie betekent voor de uitoefening van je beroep als verzorgende
  • Je legt uit hoe jij de holistische mensvisie in je dagelijkse zorg kunt inpassen.
  • Je legt uit wat de rol van de verzorgende is in het versterken van de eigen regie van de zorgvrager.
  • Je legt uit wat de rol van de verzorgende is in het versterken van de zelfredzaamheid en samenredzaamheid.
  • Je beschrijft hoe zorg wordt vastgelegd in een zorgplan. 








Slide 2 - Tekstslide

Waar denken jullie
aan bij het woord
visie?

Slide 3 - Woordweb

Een visie kan kort worden omschreven als ‘een kijk op iets’.

Een betere definitie is:
een visie is een weloverwogen mening over een kwestie en hoe deze kwestie zich zou moeten ontwikkelen.
Het vormen van een visie gaat dus gepaard met het goed nadenken over een kwestie en goed onderbouwd besluiten wat je standpunt is.

Slide 4 - Tekstslide

Wat vind jij belangrijk in de zorg die je geeft?

Slide 5 - Woordweb

Ik ben een
Denker
Doener

Slide 6 - Poll

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

De holistische mensvisie is een manier van kijken naar mensen waarbij je de mens als één geheel ziet. 

  • Lichaam (fysiek welzijn)
  • Geest (psychisch welzijn, gedachten, gevoelens)
  • Sociale omgeving (relaties, familie, vrienden)
  • Zingeving (wat geeft het leven betekenis voor iemand?)
  • Leefomgeving (waar en hoe iemand woont)


In de zorg betekent dit dat je niet alleen kijkt naar de ziekte of beperking van iemand, maar ook naar wie iemand is, wat belangrijk is voor die persoon, en hoe alles met elkaar samenhangt.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

"Ik geloof in onderwijs waarin respect en betrokkenheid de basis vormen. Door oprechte aandacht en een veilige leeromgeving help ik studenten groeien als mens en professional."

Slide 11 - Tekstslide

Opdracht 

  • Maak groepjes van 3/4 en ga in gesprek met elkaar.
  • Vorm je eigen visie
Tip: Denk aan woorden zoals: respect, betrokkenheid, veiligheid, vertrouwen, warmte, zelfstandigheid, luisteren, ondersteunen.

  • Zet de visies naast elkaar en vergelijken met een ander 

  • Benoem 2 overeenkomsten en 2 verschillen

  • Welke visie spreekt jou het meest aan? Kies 1 van een klasgenoot
  • Leg uit waarom dit bij jou past 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Pauze
timer
10:00

Slide 14 - Tekstslide

De zorgvrager bepaalt
Eens
Oneens

Slide 15 - Poll

Wat versta jij onder
het hebben van een eigen regie?

Slide 16 - Woordweb

Eigen regie 
  • Zelf richting kunnen geven aan het leven en zeggenschap hebben over de ondersteuning die nodig is bij ziekte


Wat betekent het versterken van de eigen regie:
 - Eigenaarschap, motivatie, eigen kracht
- Zelfredzaamheid
- Kwaliteit van leven

Slide 17 - Tekstslide

Hoe stimuleer je eigen regie bij een zorgvrager die moeilijk kan praten?

Slide 18 - Woordweb

Tekst

Slide 19 - Tekstslide

Je kunt elk onderdeel een score geven van 0 (heel slecht) tot 10 (heel goed), en eventueel toelichten waarom je dat cijfer geeft.
https://vragenlijsten.mijnpositievegezondheid.nl/junior

Slide 20 - Tekstslide

Uitkomst  bespreken


  • Wat is voor jou heel belangrijk om gelukkiger te worden?
  • Wat gaat er al goed? Of: Waar ben je trots op? (positieve ervaring)
  • Wil je iets veranderen en zo ja, wat? Of: Wil je iets behouden wat al goed gaat?
  • Wat kan of wil je zelf doen?
  • Wat ga je doen?
  • Wil je daar hulp bij?
  • Wie kan je helpen? 
  • Welke (kleine) stap(jes) ga je zetten?







Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Huiswerk: Mijn Positieve Gezondheid

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Wat is het verschil tussen zelfredzaamheid en zelfmanagement?

Slide 25 - Woordweb

Slide 26 - Tekstslide

Welke vraag kun je aan de zorgvrager stellen om de zelfredzaamheid te versterken?
A
Wat kunt u zelf aan de problemen doen?
B
Wat zijn uw persoonlijke doelen?

Slide 27 - Quizvraag

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Video

Opdracht 📚 

  • 1. Verdeel de klas in 6 groepjes.
  • 2. Elke groep krijgt één stap toegewezen.
  • 3. Zoek informatie op over jullie stap (internet, lesmateriaal).
  • 4. Maak een korte presentatie (max. 5 minuten) waarin jullie uitleg geven over jullie stap.
  • 5. Gebruik voorbeelden uit de zorgpraktijk.
  • 6. Maak eventueel een visuele ondersteuning (poster, PowerPoint, rollenspel).

timer
20:00

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Methodisch werken betekent bewust handelen volgens vaste stappen. Zet deze stappen in de goede volgorde.
1
2
3
4
5
6
Verzamelen van gegevens
Bepalen van zorgdoelen
Plannen van zorgactiviteiten
Uitvoeren van zorgactiviteiten
Vaststellen van zorgproblemen
Evalueren van zorg

Slide 32 - Sleepvraag

Zorgplan.
Wat staat er volgens
jou in?

Slide 33 - Woordweb

📋 Inhoud van een zorgplan
  • Persoonsgegevens van de cliënt
Naam, geboortedatum, contactgegevens
Wettelijke vertegenwoordiger (indien van toepassing)
  • Hulpvraag en zorgbehoefte
Wat heeft de cliënt nodig?
Wat zijn de wensen en verwachtingen van de cliënt?
  • Zorgproblemen / aandachtspunten
Wat zijn de medische, psychische of sociale problemen?
Wat vraagt extra aandacht in de zorg?
  • Doelen van de zorg
Wat wil de cliënt bereiken?
Wat zijn de korte- en langetermijndoelen?



  • Zorgactiviteiten / interventies
Welke handelingen worden uitgevoerd?
Wie voert ze uit en hoe vaak?
  • Afstemming met andere zorgverleners
Wie zijn betrokken bij de zorg?
Hoe wordt er samengewerkt?
  • Evaluatie en bijstelling
Wanneer wordt het zorgplan geëvalueerd?
Wat wordt aangepast als doelen niet worden behaald?
  • Datum en handtekening
Van de cliënt (of vertegenwoordiger) en zorgverlener(s)



Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Tekstslide

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

Jij bepaalt wat er in het zorgplan staat
A
Juist
B
Onjuist

Slide 38 - Quizvraag

Binnen ..... moet een zorgplan klaar zijn
A
3 dagen
B
6 weken
C
2 weken
D
6 maanden

Slide 39 - Quizvraag

Het zorgdossier
  • de persoonlijke gegevens van de zorgvrager
  • de anamnese of het verslag van het intakegesprek
  • vaste afspraken over blijvende zorgproblemen
  • de zorgplannen: in de loop van de tijd zal vaak met verschillende (bijgestelde) zorgplannen worden gewerkt
  • een samenvatting van de dagelijkse rapportage
  • de verslagen van zorgvragersbesprekingen
  • het medisch en paramedisch behandelplan: alle afspraken van andere disciplines
  • de vervolgrapportage van andere disciplines
  • uitslagen van onderzoeken
  • bij een verblijfsopname: het observatieverslag van de eerste drie weken na opname
  • observatielijsten
  • het ontslagformulier/verslag ontslaggesprek
  • mogelijke toestemmingsverklaring, bijvoorbeeld een euthanasieverklaring

Slide 40 - Tekstslide

Lichamelijk welbevinden
Mentaal welbevinden
Wonen en leven
Participatie
De zorgvrager voelt zich veilig en niet angstig of somber
De zorgvrager heeft contact met anderen
De zorgvrager heeft geen pijn
De zorgvrager voelt zich thuis

Slide 41 - Sleepvraag

Pauze
timer
10:00

Slide 42 - Tekstslide

Opdracht
• Werk in tweetallen: één student speelt de cliënt, de ander de zorgverlener.

• Na 20 minuten wisselen de rollen.

• Gebruik de onderstaande vragen als leidraad, maar probeer het gesprek natuurlijk te laten verlopen en door te vragen bij antwoorden die interessant of belangrijk zijn.

timer
20:00

Slide 43 - Tekstslide

Slide 44 - Video

1. Welke rol speelt communicatie in de situatie die je ziet?
2. Welke verbale en non-verbale signalen zie je in het filmpje? Wat zeggen die over de situatie?
3. Wat zou je kunnen doen als je merkt dat je je niet begrepen voelt?
4. Stel dat jij deze cliënt verzorgt: welke aandachtspunten neem je mee uit het filmpje?

Slide 45 - Woordweb