Les 2 juni

Vandaag
Vlogboek literatuur geschiedenis
boekenlijst bespreken
werkwoordspelling oefenen
Literatuurgeschiedenis
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsEnseignement Secondaire

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Vandaag
Vlogboek literatuur geschiedenis
boekenlijst bespreken
werkwoordspelling oefenen
Literatuurgeschiedenis

Slide 1 - Tekstslide

Boekenlijst
https://docs.google.com/document/d/178feNO1fAQ2o_6rUNiodB8fXkP_wf3Ujs54TlA91eIs/edit?usp=sharing

Slide 2 - Tekstslide

oefenen
https://werkwoordvandeweek.nl/

Slide 3 - Tekstslide

Boekenlijst
Vlogboek

Slide 4 - Tekstslide

Middeleeuwse literatuur en literatuurgeschiedenis

Slide 5 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het eind van deze les(sen) weet je meer over:

  • de historische context rondom middeleeuwse literatuur
  • de eerste Nederlandse teksten/boeken
  • de kenmerken van de middeleeuwse literatuur
  • herkennen intertekstualiteit

Slide 6 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.

Slide 7 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.

Slide 8 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.
  • Goed voor je woordenschat, verbeeldingskracht en empathisch vermogen.

Slide 9 - Tekstslide

Waarom literatuur(geschiedenis)?
  • Ontwikkeling van cultuurhistorische kennis: je leert meer over de Nederlandse geschiedenis, cultuur & mentaliteit.
  • Algemene ontwikkeling: je leert nieuwe ‘werelden’ en mensen kennen, in uiteenlopende situaties en tijden.
  • Goed voor je woordenschat, verbeeldingskracht en empathisch vermogen.
  • Intertekstualiteit: in andere boeken of films wordt vaak verwezen naar andere/oude teksten.

Slide 10 - Tekstslide

Wanneer waren de middeleeuwen?

Slide 11 - Open vraag

Welke drie standen waren er in de middeleeuwen?

Slide 12 - Open vraag

Waarom werden - denk je - verhalen in de middeleeuwen mondeling overgeleverd ?

Slide 13 - Open vraag

Waarom waren de teksten op rijm?

Slide 14 - Open vraag

Welke taal werd er destijds in Nederland gesproken?

Slide 15 - Open vraag

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Uit welk jaar dateert de eerste literaire Middelnederlandse zin?

Slide 18 - Open vraag

Middeleeuwse literatuur
  • de historische context rondom middeleeuwse literatuur
  • de eerste Nederlandse teksten/boeken
  • de kenmerken van de middeleeuwse literatuur

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

Slide 21 - Tekstslide

Historische context: tijd 
500-1500 na Christus
  • Begin middeleeuwen na einde Romeinse Rijk
  • Einde middeleeuwen ingezet door start nieuwe periode: de Renaissance.

Slide 22 - Tekstslide

Historische context: 3 standen 
Welke drie standen ken je?
Welke taak hoort bij welke stand?

Taken: 
Strijden/beschermen
Leven met God/bidden
Werken

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Historische context: 3 standen 
Standen = relatief gesloten groepen binnen de bevolking met eigen sociale status en 'taak'.

  1. Geestelijkheid > zij die bidden
  2. Adel & ridders > zij die strijden
  3. Boeren & burgers > zij die werken

Slide 25 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
  • Monniken, nonnen, bisschoppen, paus, etc. Zorgden voor 'zielenheil': bidden, biecht, mis, etc.
  • Theocentrisch. Doel: een leven na de dood zoals in de Bijbel omschreven.
  • De Bijbel was het belangrijkste boek. Waarom?
  • Ze zorgden voor onderwijs

Slide 26 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
Het Hooglied 
In het christendom wordt het Hooglied geïnterpreteerd als een allegorie (gedicht op rijm, vol symboliek) over de liefde tussen Jezus Christus en de kerk als gelovige gemeenschap.  
                              


Slide 27 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
De vos in het Hooglied:

Vangt gijlieden ons de vossen, de kleine vossen, die de wijngaarden verderven, want onze wijngaarden hebben jonge druifjes.

Waar gaat dit over? 

Slide 28 - Tekstslide

1e stand: Geestelijkheid
Vangt gijlieden ons de vossen, de kleine vossen, die de wijngaarden verderven, want onze wijngaarden hebben jonge druifjes.


Slide 29 - Tekstslide

2e stand: Adel & ridders

  • Feodale maatschappij 
  • Ridders en kastelen
  • Eer en aanzien belangrijk
  • Voorhoofs en hoofs

Slide 30 - Tekstslide

2e stand: Adel & ridders
  • Bekwaam in politieke zaken en krijgskunst.
  • Feodale maatschappij (leenstelsel): hoge adel (leenheer) gaf stuk land in ‘leen’ af aan lage adel (leenmannen/vazallen). In ruil daarvoor zwoeren deze vazallen trouw aan hun leenheer & hielpen als er oorlog was.
  • Adel beschermde zichzelf door kastelen en ridders (zonen van lage adellijke families).
  • Eer en aanzien belangrijk.

Slide 31 - Tekstslide

3e stand: Boeren & burgers 
  • 90% van de bevolking was boer
  • 'horigen' in dienst van leenmannen/vazallen 
  • Met de verstedelijking kwam de burgerij 
  • Burgerlijke mentaliteit: vlijt, nuttigheid, spaarzaamheid, etc.

Slide 32 - Tekstslide

Voor welke stand is 'De vos' geschreven en waarom denk je dat?

Slide 33 - Open vraag

Historische context: taal in teksten
  • Latijn schrijftaal (door geestelijken), Middelnederlands volkstaal (spreektaal).
  • Franse vorstenhoven van invloed op spreek- en leesgedrag Nederlandse adel.
  • Geleidelijk meer aandacht voor teksten in het Middelnederlands.

Slide 34 - Tekstslide

Boeken of handschriften?
  • Handgeschreven door monniken/kopiisten ('monnikenwerk').
  • Geïllustreerd met miniaturen (schilderijtjes) en initialen (hoofdletters).
  • Mecanaat: boeken werden in opdracht geschreven (opdrachtgever = mecenas). -> Jacob van Maerlant schreef 'Der naturen bloeme' voor graaf Floris V (1256-1296)

Slide 35 - Tekstslide

Graaf Floris V (1256-1296)
De vader van Floris begon de bouw van het Binnenhof als paleis passend bij zijn status als Rooms-Koning.

Het Binnenhof is door Floris afgebouwd 
om zijn dynastieke ambities gestalte te 
geven. Dit gebouw moest het centrum 
worden van zijn macht.

Slide 36 - Tekstslide

Wat zijn de kenmerken van Middeleeuwse literatuur?

Slide 37 - Open vraag

Kenmerken
- Op rijm geschreven i.v.m. voorleescultuur.
- Schrijvers veelal onbekend.
- Teksten houden maatschappij een spiegel voor.
- Ter vermaak van het publiek maar ook een didactisch/moraliserend (hoofsheid) .
- Handgeschreven en mooi versierd.
- Vaak in opdracht geschreven.
- Godsdienst speelt een belangrijke rol.

Slide 38 - Tekstslide

Les 2 juni

Slide 40 - Tekstslide