techniek les 2 Leerjaar 3 en 4

Deze les gaat over gereedschapskennis en hoeken meten.
1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
TechniekVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 6

In deze les zitten 50 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Deze les gaat over gereedschapskennis en hoeken meten.

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Hoe heet het gereedschap dat de meneer gebruikt?

Slide 4 - Open vraag

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Hoe heet het gereedschap dat de meneer gebruikt?

Slide 7 - Open vraag

Waar moet je een hamer vasthouden?
A
Onder aan de steel.
B
Midden van de steel
C
Boven aan de steel.

Slide 8 - Quizvraag

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Hoe heet het gereedschap dat de meneer gebruikt?

Slide 11 - Open vraag

Welke PBM's gebruikt deze meneer?
A
Hanschoenen
B
Veiligheidsbril
C
Helm
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 12 - Quizvraag

Sleep de juiste woorden naar de afbeelding, je houd vijf woorden over
Duimstok
Verzinkboor
Bril
Veiligheidsbril
Haaksehoek
Winkelhaak
Rolmaat
Lijmklem
Accuboor
Houtklem
Boor

Slide 13 - Sleepvraag

Welk gereedschap
zie je hier?
A
Kolomboormachine
B
Schroefboormachine
C
Steenboormachine

Slide 14 - Quizvraag

Welk gereedschap
zie je hier?
A
Handboormachine
B
Kolomboormachine
C
Schroefboormachine

Slide 15 - Quizvraag

Welk gereedschap
zie je hier?
A
Handzaag
B
Verstekzaag
C
Figuurzaag
D
Bomenzaag

Slide 16 - Quizvraag

Welk apparaat staat
hier afgebeeld?
A
Compressor
B
Verwarming apparaat
C
Bromfiets

Slide 17 - Quizvraag

Welke machine zie je hier?
A
Decoupeerzaag
B
Gatenzaag
C
Kettingzaag

Slide 18 - Quizvraag

We vervolgen de les nu over rechte, scherpe en stompe hoeken.

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Je nu de graden van deze hoek meten

Slide 21 - Tekstslide

Leg de geodriehoek met het nul punt precies op het punt waar de benen elkaar raken, met de onderkant van de geodriehoek gelijk   met de onderste            horizontale lijn

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Nu kun je bij de rode pijl de hoek aflezen. De lijn staat precies op de 90°. Deze hoek is dus 90°. Een rechthoek.
Recht hoek

Slide 24 - Tekstslide

Scherpe hoek
Minder als 90°

Slide 25 - Tekstslide

Stompe hoek
Groter dan 90°

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 28 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 29 - Quizvraag

Slide 30 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 31 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 32 - Quizvraag

Slide 33 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 34 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 35 - Quizvraag

Slide 36 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 37 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 38 - Quizvraag

Slide 39 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 40 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 41 - Quizvraag

Slide 42 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 43 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 44 - Quizvraag

Slide 45 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 46 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 47 - Quizvraag

Slide 48 - Tekstslide

Hoeveel graden heeft de voorgaande hoek?

Slide 49 - Open vraag

Over welke hoek hebben we het in de vorige afbeelding?
A
Scherpe hoek
B
Stompe hoek
C
Recht hoek

Slide 50 - Quizvraag