6.Neuro anatomie, - fysiologie, superpositiefenomeen

Neuro-anatomie 
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
SchoonheidsverzorgingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Neuro-anatomie 

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Grote hersenen
Hersenstam
Kleine hersenen
Ruggenmerg

Slide 2 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noemen we hersenen en ruggenmerg samen?
A
Animaal zenuwstelsel
B
Perifeer zenuwstelsel
C
Centraal zenuwstelsel
D
Autonoom zenuwstelsel

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het autonome zenuwstelsel bestaat uit parasympatisch en sympatisch?
A
Onjuist
B
Juist

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op welk zenuwstelsel heb je zelf invloed?
A
Autonome zenuwstelsel
B
Animale zenuwstelsel
C
Vegetatieve zenuwstelsel

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke zenuwcellen kunnen zich nog herstellen na beschadiging?
A
hersenzenuwen
B
ruggenmergzenuwen
C
perifere zenuwen

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke zenuw is beschadigd bij aangezichtsverlamming?
A
Nervus trigeminus (5de Hersenzenuw)
B
Nervus facialis (7de Hersenzenuw)
C
Nervus vagus (10de hersenzenuw)
D
Paardenstaart (RM zenuwvlecht)

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke zenuwbanen geleiden prikkels naar een spier of klier toe ?
A
Afferente banen
B
Efferente banen
C
Sensibele zenuwen

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Neuro-anatomie

Slide 9 - Tekstslide

Ander kijk op de hersenen qua indeling en gedragingen.
We kijken terug op een evolutiegroei van de hersenen.
In de prehistorie hadden we ander behoeftes dan nu. In de prehistorie moesten we aan eten komen door te jagen, verbouwen en delen. Nu kunnen we ons eten wat we nodig hebben vinden in de supermarkt. We doen er weinig voor om aan eten te komen. In de prehistorie kon het dagen duren voordat er vlees op het menu kon komen of dat er honing gevonden was. De eerste levensbehoeftes stonden centraal
Indeling zenuwstelsel
  • Anatomisch
  • Evolutionair
  • Functioneel

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1. Anatomisch
  • Centraal en perifeer zenuwstelsel = locatie
  • Animaal (somatisch) en autonoom (vegetatief) zenuwstelsel = bewust vs onbewust

Binnen het autonoom:
Sympatisch  (actie/stress/fight or flight) en parasympatisch zenuwstelsel (rust/herstel)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. Evolutionair
Beschrijft hoe het zenuwstelsel zich in de loop 
van de eeuwen heeft ontwikkeld

Is onder te verdelen in 3 niveaus:
  • Archi
  • Paleo
  • Neo

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. Evolutionair
Archi/reptielenbrein
  • Het 'eerste zijn'
  • Instinctieve gedragingen
  • Autonome zenuwstelsel

Paleo/emotioneel brein
  • Middelste brein
  • Automatische bewegingen en lichaamshouding
  • Deel van het brein wat te beïnvloeden is (straf en beloning)

Neo/menselijk brein
  • Wordt aangetroffen bij apen/walvisachtigen en de mens
  • Komt pas op gang van het 2e levensjaar
  • Denken, bewustzijn, taal, leren, herkennen en herinneren

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. Functionele neurofysiologie
De evolutionaire indeling is beter te begrijpen wanneer je deze koppelt aan de verschillende delen van het brein.

  • Reflexbrein/archi niveau
Vanaf de geboorte aanwezig, bevindt zich in het ruggenmerg

  • Vitaalbrein/archi niveau
Vegetatieve functies, bevindt zich in de hersenstam

  • Emotioneel brein/paleo niveau
Limbisch systeem (tussen hersenen), emotionele waarneming bijv. stress

  • Intuïtief brein/logisch brein/ neo niveau
Latere leeftijd pas tot ontwikkeling, intuïtief brein (rechter hersenhelft), logisch brein (linker hersenhelft), heeft een remmende invloed op archi en paleo niveau

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evolutieleer
Functioneel 
Anatomie
Archi niveau
Reflexbrein
Ruggenmerg/ perifere zenuwstelsel
Vitale brein
Hersenstam
Paleo niveau
Emotioneel brein of Limbisch systeem
Tussenhersenen
Neo niveau
Intuïtief brein
Grote hersenen rechterhelft
Logisch brein
Grote hersenen linkerhelft

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bindweefselmassage in relatie tot archi, paleo en neo
  1. Via de sensibele zenuwen (afferente banen) komen massage prikkels binnen
  2. Je activeert reflexbogen (archi niveau)
  3. Emotionele beleving van de klant kan dit versterken of verzakken (paleo niveau)
  4. Motivatie en verwachting heeft invloed op het effect (neo niveau)

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat neem je visueel waar tijdens een segmentaal onderzoek?
A
Weerstand van het weefsel
B
Oppakbaarheid van het weefsel
C
Reactiviteit van het weefsel
D
Tempratuur van het weefsel

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke vorm van bindweefselmassage wordt toegepast voor een preventieve en huidverbeterende functie?​
A
Medische therapeutisch
B
Cosmetisch

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wie heeft de bindweefselmassage ontwikkelt?
A
J. Bakker
B
E. Dicke
C
Professor Kohlrausch
D
Hannie Hakze

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

menselijk brein
reflex
reptielenbrein
denken
emotie
zoogdierenbrein

Slide 20 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk niveau stuurt emoties aan?
A
Paleo
B
Neo
C
Archi

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het vitaal brein...
A
vind je in de hersenstam en reguleert instincten
B
vind je in het ruggenmerg en reguleert instincten
C
vind je in de rechter hersenhelft en remt het archi en paleo niveau
D
vind je in de linker hersenhelft en remt het achri en paleo niveau

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat houdt de poorttheorie van Melzack en Wall in?

A
Door sluitspiertjes van de arteriolen krijgt het weefsel een verminderde doorbloeding
B
Het zenuwstelsel kan de doorgang van een pijnprikkel naar de hersenen blokkeren
C
De activiteit van het sympathisch zenuwstelsel neemt af door bindweefselmassage

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op welk niveau bevindt zich ons geweten
A
Archi- niveau
B
Neo- niveau
C
Paleo- niveau

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een absolute contra indicatie voor een bindweefselmassage?
A
diabetes neuropathie
B
(pre) maligne tumoren
C
ziekte van parkinson

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Als er emoties optreden is dat een reactie op?
A
Paleo niveau
B
Archi niveau
C
Neo niveau

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk niveau past bij welk brein? 
mensenbrein
zoogdierenbrein
reptielenbrein
archi niveau
neo niveau
paleo niveau

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies