5.4 Hydratatie van ionen

Hydratatie van ionen
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 10 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hydratatie van ionen

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
  • Uitleg elektronegativiteit, polaire atoombinding en hydratatie

  • Lezen 5.4 'oplossen van zouten' (niet 'kristalwater') + maken 35 + 37 


Slide 2 - Tekstslide

Elektronegativiteit
  • De elektronen die een samen een atoombinding vormen, zitten niet altijd netjes in het midden tussen 2 atomen in.
  • Dit is afhankelijk van de elektronegativiteit van de betrokken atomen.
  • Zie Binas 40A.
  • O en N hebben een relatief hoge elektronegativiteit, zeker in verhouding tot H.

Slide 3 - Tekstslide

Elektronegativiteit
  • Hoe hoger de elektronegativiteit, hoe harder aan de elektronen wordt getrokken door de positieve atoomkern. 
  • De elektronen tussen O/N en H bevinden zich dus dichter bij O/N.
  • Hierdoor wordt O/N partieel (een beetje) negatief geladen.
  • H krijgt een positieve partiële lading.
  • We noemen deze atoombinding dan polair.

Slide 4 - Tekstslide

Polaire atoombinding
  • Als verschil in elektronegativiteit tussen twee atomen in een molecuul groter dan 0,4 is, noem je de atoombinding polair.
  • Polaire atoombindingen bij C-O, N-H, O-H, F-H.

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Hydratatie ionen
  • Water heeft een partieel positieve (H) en negatieve (O) kant en wordt daarom een dipoolmolecuul genoemd. 
  • Ionen zijn positief of negatief geladen (formele lading).
  • Tegengestelde ladingen trekken elkaar aan: de ion-dipool binding.

Slide 7 - Tekstslide

Bindingen tussen atomen
  • apolaire atoombinding: elektronen in het midden (geen + en -)
  • polaire atoombinding:elektronen meer naar 1 kant (partieel + en -)
  • ionbinding: elektronen volledig aan 1 kant (formeel + en -)


Slide 8 - Tekstslide

Bindingen tussen moleculen
Van zwak naar sterk:
  • vanderwaalsbinding (tijdelijke + en - kant in molecuul)
  • dipool-dipoolbinding (bij partiële + en - kant)
  • waterstofbrug (bij sterk verschil in partiële + en - kant, vanuit OH en NH-groepen)

  • ion-dipoolbinding afhankelijk van soort ion.

Slide 9 - Tekstslide

Aan de slag
  • Lezen 5.4 'oplossen van zouten' (niet 'kristalwater') 
  • Maken 35 + 37 


Slide 10 - Tekstslide