Startrekenen 1F H.1 Getallen

Startrekenen 1F 
H.1 Getallen
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 4

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Startrekenen 1F 
H.1 Getallen

Slide 1 - Tekstslide

Inhoud van de les
Voorkennis activeren (startopdracht)
Instructie / uitleg
Lesdoel
Zelfstandige verwerking
Afsluiten/ evalueren

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoelen
  • Ik kan grote getallen op de juiste manier opschrijven door punten en komma's op de juiste plek te zetten.
  • Ik kan getallen afronden.
  • Ik weet hoe welke waarde getallen ongeveer hebben. 
Lesdoel

Slide 3 - Tekstslide



Welk getal is een 'even' getal?
Voorkennis activeren (startopdracht)
A
5
B
36
C
27
D
43

Slide 4 - Quizvraag

Welk cijfer is een 'oneven' getal?
A
12
B
8
C
23
D
44

Slide 5 - Quizvraag

Hoeveel is de 7 waard in het getal hieronder?
4714
A
7
B
700
C
70
D
7000

Slide 6 - Quizvraag

Hoeveel is de 4 waard in het getal hieronder?
4714
A
1
B
100
C
10
D
1000

Slide 7 - Quizvraag

Vul in

55 ... 37
A
>
B
<
C
=

Slide 8 - Quizvraag

Vul in

66 ... 89
A
>
B
<
C
=

Slide 9 - Quizvraag

Vul in

3 ... 3
A
>
B
<
C
=

Slide 10 - Quizvraag

Schrijf dit getal in cijfers op:
vierduizend driehonderdachtentwintig

Slide 11 - Open vraag

Instructie / uitleg

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

5 .287. 298, 204
M
Hd
Td
D
H
T
E
t
h
d
 5
  2
 8
 7
 2
 2
 9
 8
 0
 4

Slide 14 - Sleepvraag

Theorie
In getallen groter dan duizend kun je een punt zetten. 
Het getal is dan beter te lezen: 4.798

Van rechts naar links zet je na elke 3 cijfers een punt.

789.235

Slide 15 - Tekstslide

Zet de punten op de juiste plek in dit getal.

4789235


Slide 16 - Open vraag

Zet de punten op de juiste plek in dit getal.

997263


Slide 17 - Open vraag

Het ongeveer teken
Je kunt een groot getal afronden. Je kunt het getal dan makkelijker opschrijven of uitspreken. Je kunt dan ook makkelijker met het getal rekenen. 

Een afgerond getal is niet precies gelijk aan het getal dat je afrondt. Daarom gebruik je het is ongeveer teken.

811 is ongeveer evenveel als 800. 

Slide 18 - Tekstslide

908 is ongeveer?

Slide 19 - Open vraag

18.998 is ongeveer?

Slide 20 - Open vraag

Een getal afronden
Je kunt een getal afronden op een honderdtal, duizendtal of miljoental. Je kijkt dan naar het cijfer dat daar rechts van staat.

Als het cijfer lager dan 5 is, rond je het getal naar beneden af.
Als het cijfer 5 of hoger is, rond je het getal naar boven af. 

Rond het getal 7.845 af op een duizendtal. 

Slide 21 - Tekstslide

Rond 11.785 af op een duizendtal

Slide 22 - Open vraag

Rond het getal 4.642 af op een honderdtal

Slide 23 - Open vraag

Rond het getal 1.839.293 af op een miljoental.

Slide 24 - Open vraag

Aan de slag! 


Maak hoofdstuk 1 in je boek zelfstandig.

Klaar? Ga naar Studiemeter op de laptop en vraag de docent om de toets klaar te zetten.


Zelfstandige verwerking

Slide 25 - Tekstslide