Les 4: Psycho-sociale veranderingen

Psycho-sociale veranderingen
Dementie
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnMBOStudiejaar 2,3

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Psycho-sociale veranderingen
Dementie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dementie

Slide 2 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Aan het einde van deze les:

Weten jullie wat dementie is.
Kunnen jullie de symptomen van dementie benoemen. 
Kennen jullie de vier meest voorkomende ziekten van dementie.
Kunnen jullie de verschillen tussen de vier ziekten uitleggen.
Kennen jullie de vier dementie stadia. 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dementie

De achteruitgang van het denkvermogen en verandering van het gedrag 

Een combinatie van symptomen:

Hersenen kunnen informatie niet goed verwerken
Meest voorkomende vorm van Dementie:
Ziekte van Alzheimer
Vasculaire Dementie
Frontotemporale Dementie
Lewy Body Dementie 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dementie
De gevolgen van het ouder worden zijn ook merkbaar in het functioneren van de hersenen.

Tot 25ste = ontwikkeling / vanaf 35ste = vermindering

Achteruitgang van cognitieve taken: .. 



Slide 6 - Tekstslide

Complexe cognitieve taken: 
iets nieuws leren; snel nieuwe informatie verwerken. 
Dementie
De hersenen zijn niet meer in staat om informatie goed te verwerken. 
1 op de 5 
Boven de 90 jaar = 40% een vorm van dementie 
'' 270.000 Nederlanders hebben dementie. Aangezien de leeftijd de belangrijkste risicofactor is voor dementie, zorgt de vergrijzing van de bevolking ervoor dat het aantal mensen met dementie sterk toeneemt.'' 
 
Progressief

Slide 7 - Tekstslide

Galantamine
Rivastigmine
= Remmen het enzym dat Acetylcholine afbreekt.

Memantine
= bevordert de overdracht van signalen in de hersenen.

Slide 8 - Tekstslide

Geheugenstoornissen
- Nieuwe informatie niet meer opnemen.
- Opgeslagen informatie moeilijk ophalen

Cognitieve stoornissen
- Afasie/ Taalstoornis
- Apraxie/ Verminderd vermogen van het uitvoeren van motorische handelingen
- Agnosie/ onvermogen om objecten te herkennen

Specifieke gedragingen
Gedrag en stemmingen die kunnen voorkomen bij zorgvragers met dementie

Persevereren                                                                           
                                                                                                         
Confabuleren

Verzamelzucht

Achterdocht

Decorumverlies 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

persevereren
Confabuleren
Verzamelzucht
achterdocht
Decorumverlies
Herhalen
vertellen van verzinsels
Allerlei voorwerpen verzamelen
Gevoel dat iemand niet te vertrouwen is
Er wordt gedrag vertoont dat niet aan de sociale omgeving van dat moment is aangepast

Slide 10 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Traject
  1. Vergeetachtig of dementie?
  2. Naar een huisarts, stelt een diagnose  
  3. Huisarts een gesprek met omgeving  
  4. Verwijzing geheugenpoli (neurologie) 
  5. Casemanager  
Behandeling (NIET TE GENEZEN)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Diagnose

Reden om naar de huisarts te stappen:
- Geheugenproblemen of verandering van gedrag of karakter
 
Algemeen onderzoek:
MRI-scan en PET-scan: 
Door de afwijkingen die te zien zijn kunnen verschillende vormen van dementie worden onderscheiden. 

Bloedonderzoek:
Neurolopsychologisch onderzoek:

Slide 12 - Tekstslide

Executieve functies:
Plannen
Organisatie
Cognitieve flexibiliteit
Doelgericht gedrag
Timemanagement

Voorbeelden als deze functies niet meer lukken:
- Geen activiteiten meer kunnen organiseren
- Impulsief gedrag
- Niet meer flexibel kunnen omgaan met veranderingen 
- Obsessief gedrag (zoals steeds tellen, zingen, tikken of hetzelfde gedrag vertonen)
- Moeite hebben met passend reageren in sociale interacties
- Problemen met emotie regulatie
VANAF 45 jaar/ jonge zorgvragers 
'' Naar schatting zijn er in Nederland 12.000 mensen met dementie die jonger zijn dan 65 jaar. ''

- vaak erfelijk 
- lichamelijk sterk
- andere behoeften dan ouderen
- aparte begeleidingsprogramma's

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Preventie

Niet te voorkomen.
Maar.. 
Wat goed is voor het hart, is goed voor het hoofd

Gezonde en actieve levenswijze:

Geheugentraining:
- Helpt wat iemand weet langer vast te houden, maar heeft geen invloed op het activeren van het geheugen. 


Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorzaken van dementie
Mensen met dementie zijn uniek.

Bij iedere hersenziekte is het verloop van de dementie anders. 

Wat betekent dit voor jou als verzorgende?
....


Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alzheimer

- 60/70%
-Bekendst en meest voorkomend
- tussen 70 en 80 jaar

- Hersenziekte:
Hersencellen van de hersenschors werken steeds minder. 
- TAU-eiwitten: 
* Stabiliteit van hersencellen en verbindingen tussen cellen. 
* Worden niet goed afgebroken -> ophopingen in en tussen de cellen = Plaques

Hersencellen functioneren niet meer, krimpen en verdwijnen











- Geheugenstoornis: korte termijn

- Geleidelijk verdwijnen cognitieve functies:
Afasie; Agnosie; Apraxie; uitvoerende functies



Slide 16 - Tekstslide

Afasie: steeds minder uitdrukken via taal; begrijpen van taal

- Agnosie: moeite met herkennen van voorwerpen en geluiden

- Apraxie: moeite met praktische handelingen; moeite met volgorde van deelhandelingen (eerst trui en dan hemd)

 



- Uitvoerende functies: logisch nadenken; plannen en doelgericht handelen
Lewy Body

- 10%

- Oorzaak = Eiwit ophoping, lewy lichaampjes in hersencellen 
In hersenstam 

Hallucinaties/ waanbeelden




Slide 17 - Tekstslide

- Persevereren: herhalen

- Hersencellen in frontaal en temporaalkwab gaan kapot. 
functies van deze hersengebieden gaan verloren. 

- Apathie is het gebrek aan emotie, motivatie of enthousiasme
Vasculaire dementie

- 15%

- Stoornissen in de doorbloeding van de hersenen, veroorzaakt door ziekten aan hart en bloedvaten.

- Geen goede doorbloeding van de hersencellen en te weinig zuurstof.

- Gevolg: verbindingen tussen de hersencellen raken beschadigd








Sprake van vasculaire dementie bij zorgvragers die chronische diabetes, hoge bloeddruk of een CVA hebben gehad. 

- Cognitieve stoornissen ontstaan eerder dan geheugenstoornissen.
- Bewust van geestelijke achteruitgang -> emotioneel en gedeprimeerd.
- Grillig verloop
- Geestelijke en lichamelijke achteruitgang ->
lopen, spreken, slikken, plassen.
- kans op nieuw CVA



Slide 18 - Tekstslide

Gestoorde doorbloeding van de hersenen.

Beschadiging van de witte stof.


Frontotemporale dementie (FTD)

- 10%

- Oorzaak = defect gen 

Hersenkwabben krimpen door 
het afsterven van de hersencellen.

- Gedragsstoornissen vallen het eerst op. 

- Taalstoornissen door aantasting van de ... 









                                              - Ontremd gedrag
                                              - Persoonlijkhe hygiene
                                              - Onrust
                                              - Persevereren.. 
                                              - Apathie 


- Moeite met het vinden van de juiste woorden
Het begrip van taal blijft wel aanwezig


Slide 19 - Tekstslide

- Persevereren: herhalen

- Hersencellen in frontaal en temporaalkwab gaan kapot. 
functies van deze hersengebieden gaan verloren. 

- Apathie is het gebrek aan emotie, motivatie of enthousiasme
Aan de slag!
Persoonlijk ontwikkelingsplan

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies