Vertering en resorptie (Biologie vwo), les 3: Terugblik quiz

STOFWISSELING · VERTERING

Quiz

Terugblik: Vertering en resorptie

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblik met 10 vragen over verteringssappen, enzymen en pro-enzymen, mechanische vertering, resorptie, voedingsvezels en darmbacteriën.

Onderdelen in deze les

STOFWISSELING · VERTERING

Quiz

Terugblik: Vertering en resorptie

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Fumikas Sagisavas / Wikimedia Commons, CC0

In welk deel begint de chemische vertering van zetmeel?

A

In de maag

B

In de twaalfvingerige darm

C

In de mond

D

In de dikke darm

Het amylase in het speeksel begint al in de mond met de splitsing van zetmeel. Verwachte fout: de maag kiezen.

Wat beschermt de maagwand tegen het zure maagsap?

A

Een laag slijm

B

Waterstofcarbonaat uit de lever

C

Pepsinogeen in de maagcellen

D

Gal uit de galblaas

Slijmcellen in de maagwand maken slijm. Verwachte fout: pepsinogeen kiezen vanwege het pro-enzym.

Vul in

Eiwit wordt afgebroken tot aminozuren, zetmeel tot glucose en vet tot vetzuren en glycerol.

aminozuren
glucose
vetzuren
maltose
peptiden

Eindproducten van de vertering. Verwachte fout: maltose of peptiden invullen, dat zijn tussenproducten.

Zet op volgorde: de vertering van een eiwit

1

Pepsine in de maag maakt peptiden

2

De aminozuren worden geresorbeerd

3

Peptidasen uit de darmwand maken aminozuren

4

Trypsine uit het alvleessap splitst verder

Maag, alvleessap, darmwand, resorptie. Verwachte fout: de resorptie eerder zetten dan de peptidasen.

Welke handeling is mechanische vertering?

A

Splitsen van zetmeel door amylase

B

Splitsen van vet door lipase

C

Omzetten van pepsinogeen in pepsine

D

Kneden van het voedsel door de maagwand

Bij kneden verandert geen stof van samenstelling. De andere drie zijn chemische processen. Verwachte fout: het omzetten van pepsinogeen kiezen.

Wat doen voedingsvezels in de darm?

A

Ze worden door amylase gesplitst

B

Ze stimuleren de peristaltiek

C

Ze worden als glucose opgenomen

D

Ze emulgeren vetten

Vezels houden water vast en stimuleren de peristaltiek. Verwachte fout: denken dat vezels worden verteerd.

Welk verteringssap bevat trypsinogeen?

A

Alvleessap

B

Speeksel

C

Maagsap

D

Gal

Het pro-enzym trypsinogeen zit in het alvleessap. Verwachte fout: maagsap kiezen, omdat daar pepsinogeen zit.

Welke stoffen worden zonder vertering geresorbeerd?

A

Zetmeel, eiwitten en vetten

B

Cellulose en andere vezels

C

Water, vitamines en mineralen

D

Alleen glucose en aminozuren

Water, vitamines en mineralen zijn al klein genoeg. Vezels worden niet geresorbeerd. Verwachte fout: de vezels kiezen.

Welke functie heeft de kringspier aan de maaguitgang?

A

Hij maakt het maagsap

B

Hij laat de maaginhoud in porties door

C

Hij drukt de gal de maag in

D

Hij neemt water uit de maaginhoud op

De kringspier sluit de uitgang en opent steeds even. Verwachte fout: denken dat de spier iets maakt of opneemt.

Na een antibioticakuur zijn veel darmbacteriën dood. Wat kan het gevolg zijn?

A

Er wordt minder gal gemaakt

B

De dunne darm krijgt meer vlokken

C

Het maagsap wordt veel zuurder

D

Er wordt minder vitamine K gemaakt

Darmbacteriën maken onder andere vitamine K en breken vezels af. Verwachte fout: een gevolg kiezen dat niet bij de bacteriën past.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

STOFWISSELING · VERTERING

Goed gedaan!

Kijk de vragen die je fout had na en zoek het onderwerp op in les 1.

Deze slide heeft geen instructies