Week 22 Theoriekaart 4 (vmbo)

Welke uitleg past bij het begrip bio-industrie?
A
Weinig dieren op een oppervlak
B
Milieu vriendelijk productie
C
Allemaal verschillende dieren in 1 bedrijf
D
Zoveel mogelijk dieren op een klein oppervlak.
1 / 6
volgende
Slide 1: Quizvraag
Mens & NatuurMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

In deze les zitten 6 slides, met interactieve quizzen.

Onderdelen in deze les

Welke uitleg past bij het begrip bio-industrie?
A
Weinig dieren op een oppervlak
B
Milieu vriendelijk productie
C
Allemaal verschillende dieren in 1 bedrijf
D
Zoveel mogelijk dieren op een klein oppervlak.

Slide 1 - Quizvraag

Wat is een ander woord voor bio-industrie
A
schaalvergroting
B
intensieve veehouderij
C
mechanisatie
D
intensivering

Slide 2 - Quizvraag

Door de bio-industrie is de voedselproductie in Nederland verhoogd.

A
juist
B
onjuist

Slide 3 - Quizvraag

Kruis aan wat juist is. Je mag meerdere antwoorden aankruisen.
Bij de productie van vlees met het Europees biologisch keurmerk:
A
zijn geen antibiotica gebruikt
B
zijn de dieren diervriendelijk gehuisvest
C
krijgen de dieren biologisch geteeld voer
D
krijgen de dieren alleen plantaardig voer

Slide 4 - Quizvraag

Eerlijke inkoop van de boer.
Biologisch  
Keurmerk voor vis 

Slide 5 - Sleepvraag

hoeveel dagen moet een rundvleeskoe in de wei staan om biologische genoemd te mogen worden?
A
80 dagen
B
150 dagen
C
210 dagen
D
365 dagen

Slide 6 - Quizvraag