Hoofdstuk 11 Verhoudingen SmartRekenen


Hoofdstuk 11
Verhoudingen

Smart Rekenen        
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les


Hoofdstuk 11
Verhoudingen

Smart Rekenen        

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verhoudingen 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
Opwarmer
Doelen van deze les
Domein verhouding
Evaluatie les

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opwarmer:
Een lekkere grote taart.  
Klaar om op te eten, maar eerst moet jij de taart nog in 8 delen verdelen. Misschien kan je enkele seconden besparen door maar 3 keer in de taart te snijden! Let wel op! Elke snede moet recht zijn, dus zonder hoeken of bochten! Hoe kan je de taart in 8 verdelen met 3 snedes?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doelen van de les: 
Aan het einde van de les:
* kan ik verhoudingen vergroten en verkleinen
* kan ik verhoudingen vergelijken
* kan ik toegepast rekenen met verhoudingen


Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een verhouding
Verhouding geeft het verband aan tussen twee of meer getallen.

Bv. bij hoeveelheden, prijzen, aantallen

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld
Eén op de vier jongens draagt een bril.

Dus: van elke 4 jongens draagt 1 een bril en dragen 3 geen bril

De verhouding niet-brildragers-brildragers 3:1

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

A: groen staat tot geel = 5 : 2

B: 50 groene kralen (en 20 gele kralen)

Voorbeeld met uitleg
Een auto gebruikt 8 liter benzine om 100 kilometer te rijden
Hoeveel rijdt de auto op 1 liter benzine?
En hoeveel km rijdt de auto op een volle tank van 40 liter?

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

kilometers
8
uren
2
8

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Anne koopt 100 gram chocoladeballen. Hoeveel moet Anne betalen?
gram
500
100
Euro
12,50

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lana bakt een broccolitaart voor 6 mensen. Voor 2 mensen heeft ze 150 gram broccoli nodig.

Hoeveel gram broccoli heeft Lana nodig voor 6 mensen?
A
150
B
300
C
450
D
600

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Peter fietst 30 kilometer in 60 minuten.

Hoe lang doet Peter over 5 kilometer?

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Verhoudingen vergelijken

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


A
Textiel.nl
B
shirts.nl

Slide 15 - Quizvraag

Welke is naar verhouding het meest goedkoop? 

A
Sweetcakes
B
De Bakkers

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe beoordeel je deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 17 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Hoe beoordeel jij jouw werkhouding deze les?
0100

Slide 18 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Ga hierna verder in Smartrekenen

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies