Wat verwacht ik?
> Wacht bij de deur tot ik aangeef dat je naar binnen mag.
> Bonjour zeggen bij de deur!
> Bij binnenkomst: ga zitten en pak je spullen
> Je bent op tijd
> Je hebt je spullen mee!
> Je komt voorbereid naar de les (huis/leerwerk)
Je me présente! mes vacances cet été.
Tussen door....
Om jullie namen en gezichten zo snel mogelijk te leren, maak ik een plattegrond van de klas.
Vul je voornaam aub in.
Wat heb je elke les nodig?
* Plezier
* Opgeladen laptop
* Boek + Schrift
* Extra boekje (in plastic map)
* Pennen (marker)
* Agenda
Waarom leer je Frans volgens jou?
Pourquoi on apprend le français à l'école?
Je kan het gebruiken als je op vakantie gaat.
Het is een wereldtaal (francophonie).
Een taal hoort bij een cultuur. Leer je daar iets van.
Meertalig zijn is een goed brein gymnastiek.
Je kan het later in je werk gebruiken.
Het is een prachtige taal.
Het maakt vooral je wereld groter!!
Ik vind het vak Frans...
Leuk
Leuk maar wel moeilijk
Horrible!!!
Geen mening.
Mijn niveau voor Frans is...
Goed
Gemiddeld
Slecht
Ik vind lees en luistervaardigheid best moeilijk
Ik denk dat ik Frans ga kiezen volgend jaar.
Oh Hell no!!!!!!
Ik twijfel nog....
OUI!!!!
Ik weet het niet.
Je bent zelfstandig aan het werk en je weet niet wat je moet doen bij exercice 3, bv. Je vraagt om hulp.
Je ne comprends pas.
J'ai une question.
Voulez-vous répéter s'il vous plait?
Je peux aller aux toilettes s'il vous plait?
Je bent vergeten tijdens de pauze naar de wc te gaan, maar je moet echt heel nodig. Wat vraag/zeg je?
Je ne comprends pas.
Tu peux répéter s'il vous plait?
J'ai une question.
Je peux aller aux toilettes s'il vous plait?
Lesdoelen/buts
Aan het eind van de les:
- Weet ik wat la rentrée betekent in Frankrijk
- Weet ik wat ik ga dit jaar leren en waarom.
- heb ik een snel opfris cursus gehad
Aan het einde van het jaar, heb je
Alle basis grammatica geleerd. In jaar vier is alleen herhaling of verdieping.
Veel woordenschat en standaard zinnen geleerd en kan praten over:
jezelf en social media
je vrije tijd
jezelf redden op reis
jezelf reden in een restaurant
Strategieën geleerd met leesvaardigheid:
Titel en plaatjes, markeren, vragen lezen, eerste en laatste zin, niet alles vertalen...
Herken je veel vraag/signaal woorden en hun belang met leesvaardigheid.
Wij hebben
nous sommes
nous avons
nous allons
nous avez
Maak de volgende zin ontkennend:
'Vous mangez au restaurant ce soir?"
'Vous mangez pas au restaurant ce soir?"
'Vous mangez ne pas au restaurant ce soir?"
'Vous n'mangez pas au restaurant ce soir?"
'Vous ne mangez pas au restaurant ce soir?"
Maak de volgende zin ontkennend:
"C'est mon film préféré. "
C'est ne pas mon film préféré
Ne c'est pas mon film préféré.
Ce n'est mon film préféré.
Ce n'est pas mon film préféré
93
Soixante-trois
Soixante-treize
Quatre-vingt-trois
Quatre-vingt-treize
Gebruik het juist bezittelijk voornaamwoord:
" {Zijn} soeur a 3 enfants"
son
sa
ses
ma
Gebruik het juist bezittelijk voornaamwoord:
"{Uw} chien est parti"
vos
votre
ton
sa
zij zijn...
ils/elles ont
ils/ elles avons
ils/ elles sont
ils/elles sommes
Zet het werkwoord in présent :
"Tu {adorer} le foot"
adores
adorer
adore
adorez
Zet het werkwoord in passé composé:
"Vous {jouer} au poker"
jouez
joue
joué
jouer
Wat zijn de uitgang van de présent van werkwoorden op -er
-e / -es / -e / -ons / -ez / -ent
-es / -es / -e / -ons / -ez / -ont
es / -e / -e / -ons / -ez / -ent
Answer D
Kies de juiste vorm:
"Sophie a un pantalon ... "
noire
noir
noires
noirs
Kies de juiste vorm:
"Il a deux {...} soeurs"
grande
grand
grandes
grands
nu
jamais
parfois
toujours
maintenant
Grâce à
Dankzij
toch
nog
misschien
Voilà la leçon est finie
Pour la prochaine leçon, tu as besoin de:
ta bonne humeur
ton livre
ton cahier
ta trousse
ton ordinateur chargé